Jongerenpagina Nieuwe Oogst: Interview met Eise Tonnis de Vries – portefeuillehouder toekomstbestendig ondernemerschap bij NAJK

‘Bedrijfsovername moet mogelijk blijven’

Melkveehouder Eise Tonnis de Vries uit het Groningse Niekerk is de nieuwe portefeuillehouder toekomstbestendig ondernemerschap bij NAJK. Hij wil zich hard maken voor de bestaanszekerheid van jonge boeren en tuinders. ‘We moeten de jonge generatie agrariërs behouden’, zegt De Vries gemotiveerd. De melkveehouder zit samen met zijn vader, opa en oma in de maatschap. De boerderij heeft 350 melk- en kalfkoeien met bijbehorend jongvee.

Waarom is de portefeuille toekomstbestendig ondernemerschap belangrijk?

‘Toekomstbestendig ondernemen is een onderbelicht thema bij het opstellen van beleid. Ik ga mij veel bezighouden met het zogenoemde Programma Succesvolle Bedrijfsovername. Dit is opgezet door mijn voorganger Coen van den Bighelaar.’ ‘Het behouden van liquiditeit is hierbij cruciaal. Als we de landbouwvrijstelling en de bedrijfsovernameregeling kunnen behouden, dan blijft een gezonde financiële start mogelijk voor jonge boeren en tuinders.’

Wat wil je bereiken?

‘Als de stofwolken rondom de sector zijn opgetrokken, moeten wij de tools krijgen om aan de kaders van de overheid te voldoen. In 2028 gaat een nieuwe periode van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid in. Het is van belang dat dit beleid aansluit op ondernemerschap. Daarbij staat centraal dat boeren een richting kunnen kiezen die bij hun bedrijf past, en dat ze daar een passende financiële vergoeding voor krijgen.’

Waar ligt de grootste uitdaging

‘Iedereen is voor een succesvolle bedrijfsovername, maar ik merk wel dat fiscale voordelen op politiek gebied onder druk staan.’

Welke rol kan NAJK daarbij spelen?

‘Wij kunnen vanuit ons perspectief diverse opties delen met beleidsmedewerkers. Voor ons is het belangrijk dat het aantal bedrijfsovernames op peil blijft. In de toekomst moet het mogelijk blijven om een boerderij op een normale manier over te nemen, zonder de enorme lasten van een kapitaaloverdracht.’ ‘Er zit zoveel energie bij onze leden, daar moet Nederland zuinig op zijn. Wij hebben duidelijke kaders nodig vanuit de politiek, waarbij het essentieel is dat ondernemers verschillende paden kunnen bewandelen. Daar wil ik mij 100 procent voor inzetten.’

Wanneer is jouw bestuursperiode geslaagd?

‘Ik ben niet zo snel tevreden. Het is in mijn ogen cruciaal om langjarig financieel stabiel beleid voor elkaar te boksen. Ik kan wel een prachtig plan maken over hoe we ondernemerschap kunnen stimuleren, maar op dit moment is daar weinig ruimte voor. Dit komt ook doordat de basiskaders nog niet geschetst zijn.’

Welk onderdeel van je nieuwe rol lijkt jou het leukst?

‘Ideeën ophalen bij onze leden en mijn netwerk uitbreiden, zowel binnen als buiten NAJK. Alles op het gebied van politiek vind ik ook ontzettend interessant; dat sluit mooi aan bij het lobbywerk. Ik kijk ernaar uit om veel mensen te leren kennen en verschillende perspectieven tot mij te nemen.’

 

Tekst: Tim Everloo

Foto: Anjo de Haan

Er verschijnt tweewekelijks een Jongerenpagina Nieuwe Oogst in samenwerking met NAJK. Deze pagina is speciaal ontwikkeld om jonge agrariërs en studenten (t/m 35 jaar) meer zichtbaar en hoorbaar te maken. Om de week deelt NAJK een artikel van deze Jongerenpagina. 

Nieuwe Oogst: Interview met Hans Haasken – bestuurslid DAJK

‘Zonder NAJK geen stem voor jonge boeren’

Hans Haasken wil samen met zijn broer en zus de gemengde boerderij van zijn ou­ders overnemen. Het bedrijf bestaat uit 150 melkkoeien en een akkerbouwtak van in totaal 200 hectare. Haasken houdt zich vooral bezig met het laatste.

Het NAJK-lid is ook actief binnen het bestuur van de Drentse jongerenafdeling. Zijn focus ligt ook daar op de akkerbouwsector. Haasken is al dertien jaar lid van de agrarische jongerenbelangenbehartiger.

Waarom ben je lid geworden?

‘Via mijn broer ben ik er een beetje ingerold. Alle collega-boerenzoons bij ons in de buurt gaan naar de vergaderingen van de AJK-afde­ling Emmen. Dat vind ik altijd wel fijn. Op zo’n avond bespreek je andere dingen dan met je kameraden. Dat doet mij altijd wel goed.’

Wat bespreek je dan?

‘Hoe anderen tegen de toekomst aankijken, tegen welke problemen zij aanlopen en hoe ze bepaalde zaken aanpakken. Bijvoorbeeld de oogst of gewassen van dat jaar.’

Wat betekent NAJK voor jou?

‘Ik vind het belangrijk dat jonge boeren hun stem laten horen. Als dat niet gebeurt, dan mogen we ook geen commentaar leveren. In mijn regio probeert NAJK overal over mee te praten. Bijvoorbeeld over waterwingebieden, vooral in relatie tot de akkerbouw. Ik denk dat de klankbordgroep Akkerbouw daar goed bovenop zit en echt een weerwoord geeft rich­ting de provincie.’

Merk je ook dat het werkt?

‘Soms wel, soms niet. Het is niet altijd duide­lijk of je echt wordt gehoord. De Nederlandse samenleving ontwikkelt zich zo dat tegen­woordig iedereen een mening heeft, dus ook over onze sector.’

Welke rol kan NAJK daarbij spelen?

Zij geven input richting de politiek. Dat vind ik heel goed. Zonder NAJK is er in mijn ogen niet echt een stem voor de jonge boeren.’

Wat is voor jullie bedrijf de grootste uitdaging?

‘Wij willen met zijn drieën het bedrijf over­nemen. Dat is op dit moment de grootste puzzel die moet worden gelegd. De toekomst moet uitwijzen of die mogelijkheid er is. Het is een uitdaging om het gemengde bedrijf uit te breiden. Schaalvergroting gaat niet zo mak­kelijk in Nederland. Het is heel duur. Voor een bedrijfsovername zitten we wel op een gunsti­ge plek, want we zitten niet tegen natuur aan.’

Wat kan NAJK daarbij voor jullie doen?

‘Ze kunnen ervoor zorgen dat het niet nog moeilijker wordt om boer te zijn. Er moeten niet steeds meer eisen worden opgelegd.’

Zijn er dingen die NAJK beter kan doen?

‘Ik denk dat ze niet te bang moeten zijn om op hun strepen te blijven staan. Dat is soms las­tig, want het politieke bestel is ingewikkeld. We moeten blijven laten zien waar we voor strijden en daaraan vasthouden.’

Welke rol zie jij voor jonge boeren?

‘Degenen die passie en plezier hebben, moe­ten erbij worden gehouden. Voor hen is ook wel toekomst in mijn ogen.’

 

Tekst: Tim Everloo

Foto: André Weima

Er verschijnt tweewekelijks een Jongerenpagina Nieuwe Oogst in samenwerking met NAJK. Deze pagina is speciaal ontwikkeld om jonge agrariërs en studenten (t/m 35 jaar) meer zichtbaar en hoorbaar te maken. Om de week deelt NAJK een artikel van deze Jongerenpagina. 

Nieuwe Oogst: Interview met Stan van Boxel – bestuurslid BAJK

‘Stallenplan offert jonge boeren op’

Het bestuur van het Brabants Agrarisch Jongeren Kontakt (BAJK) is momenteel veel bezig met stikstof. Dit heeft alles te maken met het nieuwe beleid van de provincie. Bestuurslid Stan van Boxel merkt dat Noord-Brabant wil laten blijken vooruit te willen. ‘Maar ze tonen helaas ook dat ze geen idee hebben hoe ze dit moeten aanpakken.’

Van Boxel is nu ongeveer een jaar actief in het bestuur van BAJK. Hij houdt zich vooral bezig met akkerbouwthema’s, zoals gewasbescherming. In het dagelijks leven is hij voltijds aan het werk als teeltadviseur. In de akkerbouw begint volgens de Brabander steeds meer te spelen op het gebied van gewasbescherming. ‘Ik maak mij hard voor de belangen van jonge boeren op de thema’s water en het Actieplan gewasbescherming 2025.’ Van Boxel vindt belangenbehartiging het leukste van zijn takenpakket. ‘Ik wil graag de personen op het provinciehuis en andere betrokkenen laten zien hoe het werkt vanuit onze kant’, licht hij toe. Dit doet de bestuurder vooral op het gebied van zijn specialisme. ‘Ik kan bijvoorbeeld uitleggen waarom resten van bepaalde middelen vaker worden gevonden dan andere. Met mijn kennis probeer ik achtergrondinformatie te bieden die toch vaak ontbreekt bij bijvoorbeeld de provincie.’

Stallenbeleid

Provincie Noord-Brabant kondigde eind oktober aan dat veehouders geen vergunning meer nodig hebben voor het aanpassen van hun stallen om aan de emissie-eisen voor stikstof te kunnen voldoen. In plaats daarvan moeten ze een plan inleveren waarin staat hoe ze hun uitstoot voor 2035 gaan verminderen. Geen eisen, maar normen en een melding in plaats van een vergunning. Het provinciebestuur maakt deze rigoureuze draai omdat het huidige stikstofbeleid, met vervroegde deadlines voor vergunningsaanvragen en realisatie van emissiereductie, niet werkt.

‘De provincie offert met dit plan jonge boeren op die het beleid in de praktijk moeten uitvoeren. Wij krijgen zo geen eerlijke kans’, stelt Van Boxel. ‘In ons bestuur zit een PASmelder; hierdoor zie ik van dichtbij wat dit beleid doet met ondernemers en hun bedrijven. Ook daarom zijn wij geen voorstander van een meldplicht.’ BAJK denkt dat uitzicht hebben op een vergunning het belangrijkste is. ‘Maar wij vinden het wel spannend om te horen: die vergunning komt straks wel. Geen enkele ondernemer kan met dit beleid een toekomstvisie voor zijn bedrijf uitwerken’, zegt Van Boxel bezorgd.

De belangenbehartiger voor jonge Brabantse boeren wil op dit gebied meer duidelijkheid krijgen. ‘Dat hebben we ook geprobeerd, maar die kan de provincie ons niet geven. Ze weten niet wanneer de vergunningverlening loskomt’, zegt Van Boxel. Volgens de bestuurder is het voor de leden het belangrijkste om het vergunningsverleningstraject weer op gang te brengen. ‘Dit biedt de meeste zekerheid.’ Hoe het plan van de provincie er in de praktijk uit gaat zien, weet Van Boxel niet. ‘Dat is afwachten. Moeten we straks een nieuwe vloer in onze stallen leggen die eigenlijk niet is goedgekeurd?’ Het bestuurslid is bang dat zulke investeringen in de toekomst teniet worden gedaan door nieuwe regels.

Een ander onderwerp waar BAJK zich voor inzet zijn de voorgenomen overgangsgebieden. ‘Door strengere eisen in die gebieden kunnen boeren de grond niet meer gebruiken verzoals ze dat nu doen’, zegt Van Boxel. Dit heeft volgens hem invloed op de grondprijzen. ‘Het land wordt minder waard, terwijl grond waar intensieve teelt wel mag plaatsvinden in waarde stijgt. Daarnaast brengt het de bedrijfsvoering in gevaar.’ De jongerenorganisatie zit voor dit thema vaak om tafel met betrokken partijen. ‘Dat doen wij niet altijd zelf als bestuur, we vragen ook hulp van de leden die in die gebieden wonen’, legt Van Boxel uit. De desbetreffende jonge boeren kunnen dan met provincie Noord-Brabant delen waar ze tegenaan lopen. ‘Het gaat ons vooral om de afwaardering van de grond, daar komt veel geld bij kijken.’ Voor Van Boxel bestaan de werkzaamheden voor BAJK uit het spreken met mensen van de provincie en andere belangenbehartigers, zoals ZLTO. Daarnaast is er iedere maand een bestuursvergadering. ‘Ik vind het ook leuk om naar de AJK-avonden te gaan; die zijn vier of vijf keer per jaar.’

Opgericht voor gezelligheid

‘We zijn een organisatie die is opgericht voor de gezelligheid en dat is voor ons ook het allerbelangrijkste. Helaas is belangenbehartiging de grootste pijler geworden van de organisatie’, vertelt Van Boxel. Op vrijdag 16 januari 2026 is de BAJK-dag in het Philips Stadion in Eindhoven. Van Boxel: ‘Dan proberen we er vooral een leuke dag van te maken. Daarnaast komt er altijd een spreker die vertelt over de sector. Meestal gaat dat over iets nieuws of iets leuks.’

 

Tekst: Tim Everloo

Foto: Wim Hollemans

Er verschijnt tweewekelijks een Jongerenpagina Nieuwe Oogst in samenwerking met NAJK. Deze pagina is speciaal ontwikkeld om jonge agrariërs en studenten (t/m 35 jaar) meer zichtbaar en hoorbaar te maken. Om de week deelt NAJK een artikel van deze Jongerenpagina. 

BoerVeilig zorgt voor meer bewustzijn

‘Boeren weten dat het ernstig mis kan gaan’

Gemiddeld doen zich jaarlijks tien dodelijke ongevallen voor tijdens het werk op de boerderij. Dit is volgens BoerVeilig het topje van de ijsberg, want er zijn ook veel ongelukken met (ernstig) letsel. Het doel van BoerVeilig is om bewustzijn te creëren en zo (dodelijke) ongevallen te voorkomen. Dit doen zij door middel van workshops op scholen en bij studiegroepen.

Een ongeluk zit volgens projectleider Marjan Holtland van NAJK in een klein hoekje. Zij is namens de jongerenbelangenbehartiger betrokken bij BoerVeilig. Recent heeft Holtland in persoonlijke kringen een ernstig incident meegemaakt.

Tijdens het werk op de boerderij is haar vader van hoogte gevallen. Hierbij liep hij drie gebroken rugwervels op en een lichte bloeding in zijn hoofd. ‘Hij is de hele winter uit de running. De zorg voor de boerderij komt nu grotendeels op mijn broer neer’, vertelt ze. Haar wereld stortte in toen zij merkte dat het flink mis was. ‘Ik kreeg te horen dat een traumaheli onderweg was voor mijn vader.’

NAJK, Dutch Dairy Board, LTO Nederland en de Nederlandse Zuivel Organisatie hebben samen met ZuivelNL en Stigas (het kennisinstituut voor veilig werken) het initiatief genomen om de veiligheid in de melkveehouderij te verbeteren. De workshops worden georganiseerd door NAJK en Stigas.

Niet met vinger wijzen

Holtland: ‘Een ongeluk gebeurt in zo’n klein moment; het gaat vaak net goed of helemaal fout. We willen met BoerVeilig niet met de vinger wijzen; het gaat om bewustwording. Als boeren een ladder gebruiken of aan het werk zijn met machines, dan hopen wij dat ze even denken: wat zeiden ze daar ook alweer over tijdens de workshop? BoerVeilig wil mensen op het erf bewuster maken van hun omgeving en de risico’s die daarbij horen.’

Ongelukken in de melkveehouderij doen zich vooral voor bij jongeren en ouderen. Volgens Holtland zien jongeren vaak nog niet alle risico’s, terwijl ouderen minder snel reageren. ‘Het komt ook door gewoontes’, zegt de projectleider. ‘Je doet iets al jaren op dezelfde manier en denkt: ach, het gaat toch altijd goed.’

Volgens Paul de Vries, preventieadviseur en veiligheidskundige van Stigas, zijn de cijfers over ongevallen binnen de agrarische sector niet compleet. Dit komt door ondermeldingen. ‘De arbeidsinspectie komt niet kijken bij een ongeval van een gezinslid. Maar we staan helaas altijd in de top vijf sectoren waar de meeste dodelijke ongelukken plaatsvinden’, zegt hij. De gegevens worden sectorbreed bekeken. Het is volgens De Vries lastig om dit specifieker in te schalen.

De preventieadviseur denkt dat het relatief vaak misgaat binnen de sector omdat er veel gezinsbedrijven zijn. ‘Daardoor ligt de verantwoordelijkheid van veilig werken vaak bij één persoon.’ Dit is volgens hem niet bevorderlijk voor een veilige werkomgeving, omdat zo minder snel sprake is van corrigerend gedrag door een collega.

Veiligheid serieuzer genomen

Volgens De Vries bereik je niets met de schuld bij de boer leggen. ‘We komen met praktijkvoorbeelden en daarbij kijken we ook naar de oorzaken en gevolgen van een ongeval. Wanneer een boer zijn been breekt, dan wordt het heel lastig om het bedrijf draaiende te houden.’

Onderaan de streep weet iedereen op een agrarisch bedrijf dat het ernstig mis kan gaan, ervaart De Vries. ‘Helaas zijn daar genoeg voorbeelden van.’ Dit komt volgens hem niet door het bewust negeren van risico’s. ‘Veiligheid schiet er soms een beetje bij in.’

Holtland merkt dat het onderwerp steeds meer leeft en dat het normaler wordt erover te praten. ‘In het begin werd er een beetje lacherig over gedaan. Dan werd door leerlingen op scholen en melkveehouders een beetje stoer gedaan. Dit wordt steeds minder.’ Volgens haar komt dat doordat de organisatie met praktijkvoorbeelden komt. ‘Door het op een leuke manier te brengen, valt het kwartje sneller. Dan horen we dingen als: wij doen dit ook altijd zo, maar het kan dus anders aflopen.’

Sinds kort heeft BoerVeilig ook een spel om scholieren op een laagdrempelige manier mee te nemen in het verhaal. ‘We proberen het zo bespreekbaar te maken in de klas’, licht de projectleider toe. Het spelbord (een kleurrijk doek van 3×3 meter) toont een melkveebedrijf vol herkenbare situaties.

Teams gooien met een dobbelsteen en verplaatsen hun pion over het erf langs vakjes die verwijzen naar zes veiligheidsthema’s: machinegebruik, werken met dieren, fysieke belasting, mestgassen, persoonlijke beschermingsmiddelen, veiligheid op het erf en werken op hoogte. Onderweg beantwoorden ze vragen, voeren ze opdrachten uit of gaan ze met elkaar in discussie.

Wil je meer weten over BoerVeilig? Kijk op boerveilig.com.

Tekst: Tim Everloo

Interview Anton Bouw – voorzitter AJK De Peel

‘Met mijn eigen vrienden kan ik niet echt over koeien praten’

Anton Bouw (30) heeft samen met zijn ouders een gemengd bedrijf in het Brabantse Lieshout. Op hun boerderij houden ze 155 melkkoeien, 80 stuks jongvee en 800 vleesvarkens. Dat hij op het ouderlijk bedrijf zou gaan werken, was van kleins af aan al duidelijk.

Nu zit Bouw nog in maatschap met zijn ouders, maar binnen een paar jaar is het de bedoeling dat de jonge veehouder het bedrijf overneemt. Verder is hij sinds drie jaar voorzitter van AJK De Peel en is Bouw bestuurder van de ZLTO-afdeling Laarbeek.

Hoe ben je bij het NAJK beland?

‘De lokale afdeling AJK De Peel is best wel een fanatieke club, en ooit werd ik benaderd met de vraag om lid te worden. Ik besloot een keer langs te gaan; behalve dat er veel kennisuitwisseling is, vond ik het direct gezellig. Ik had voorheen op de middelbare landbouwschool gezeten en bij een aantal andere boeren gewerkt. Toen ik thuis kwam te werken, miste ik de gezelligheid van school en collega’s. Dat sprak mij aan bij AJK De Peel.’

‘Ik heb ook andere vrienden, maar zij werken bijna allemaal buiten de sector. Zodoende praat ik met hen eigenlijk nooit over koeien. Dan is het leuk om dat bij de lokale afdeling wel te kunnen doen.’

Je bent nu afdelingsvoorzitter. Wat betekent het NAJK voor jou?

‘Ik vind het belangrijk om jonge agrariërs te verbinden. Ik zit vanuit het Brabants Agrarisch Jongeren Kontakt (BAJK) ook in de klankbordgroep van het NAJK. Vanuit daar kun je richting overheden op een goede manier het geluid laten horen over welke zaken leven in Brabant, en dan echt vanuit het perspectief van jonge boeren. De jeugd is de toekomst, wij zijn degenen die het zullen moeten doen.’

Wat kan het NAJK beter doen in jouw ogen?

‘Ik vind dat het NAJK het al heel goed doet, al kunnen ze op sommige dossiers misschien iets harder zijn. Als jongeren hebben we de gunfactor; dat moeten we soms wat meer gebruiken.’

Wat is op jouw bedrijf momenteel de grootste uitdaging?

‘De regels die op ons afkomen, en dan doel ik met name op de milieuregels. Mijn bedrijf zit niet tegen een Natura 2000-gebied aan, toch staat momenteel ook hier alle ontwikkeling stil vanwege de stikstofcrisis. Ik zou een oude stal waar onze droge koeien staan graag iets luxer maken, met nieuwe roosters om het welzijn van de koeien te vergroten en de emissie te verlagen. Het zou helpen als we weten waar het heengaat met de regels, zodat we daarop kunnen bouwen.’

Hoe zie je de toekomst van de sector?

‘Ik heb vertrouwen in een gezonde landbouwsector. Het wordt steeds belangrijker dat boeren blijven bestaan. Ik verwacht ook dat de samenwerking tussen melkveehouders en akkerbouwers belangrijker gaat worden.’

En je eigen bedrijf over tien jaar?

‘Dan hoop ik op iets meer grond, niet per se meer dieren. We zijn al van 80 naar 155 melkkoeien gegroeid. Sowieso gaan de varkens op den duur weg. Ik vind het werken met de koeien veel leuker.’

 

Tekst: Tys Hallema 
Foto: Van den Oetelaar

Bron: Nieuwe Oogst Jongerenpagina

 

Interview met nieuwe AJF-voorzitter Yke Bijlstra

‘De kansen voor jonge boeren in onze provincie moeten behouden blijven en uitgebreid worden.’

Yke Bijlstra uit het Friese Drogeham is sinds 15 september de nieuwe voorzitter van Agrarische Jongeren Friesland (AJF). Bijlstra vindt zijn titel niet belangrijk. ‘Iedereen binnen AJF is even belangrijk, we doen het met zijn allen’, benadrukt hij.

De nieuwe voorzitter is niet opgegroeid op een boerderij, toch ontstond de passie voor het vak ontstond op jonge leeftijd. ‘Ik hielp op mijn achtste voor het eerst op het bedrijf van de familie Liewes in Oudwoude. Vanaf die dag wilde ik boer worden.’ Een pluimveehouder uit Drogeham bood hem zo’n vier jaar geleden de kans om zijn droom te realiseren. Nu is Bijlstra bedrijfsleider op een boerderij met melkkoeien en vleesvee.

Steeds leuker

Hij kreeg vaak te horen dat het voor een zijinstromer moeilijk is om een eigen boerderij te beginnen. ‘Hoe meer mensen dat zeggen, hoe leuker ik het ga vinden’, zegt Bijlstra.
Na meerdere jaren voorzitterschap bij AJK Kollumerland en Achterkarspelen deed Bijlstra een stap terug. Hij vond het tijd voor een nieuwe generatie binnen het bestuur. Begin dit jaar draaide hij een paar keer mee binnen het AJF-bestuur. ‘Daarna werd ik door de vorige voorzitter gevraagd als zijn vervanger, intern was iedereen het daarmee eens’, vertelt hij.

Veel passie

‘De kansen voor jonge boeren in onze provincie moeten behouden blijven en uitgebreid worden. Ze moeten normaal boer kunnen zijn en ruimte hebben om te ondernemen.’ Bijlstra ziet in dat het momenteel niet makkelijk is voor jonge boeren in Nederland, maar ‘er is veel passie onder jongeren.’ Dit geeft hem hoop voor de toekomst van de sector.
Het voorzitterschap bevalt Bijlstra goed. ‘Ik krijg veel energie van vergaderen of een gesprek op het provinciehuis.’ Hij vindt het behartigen van de belangen van jonge Friese agrarische ondernemers het allerleukste aan zijn nieuwe functie.

Tekst: Tim Everloo

Interview Portefeuillehouder pluimvee-, varkens- en kalverhouderij – Wendy Kicken

‘Ik kan zo mijn steentje bijdragen voor jonge boeren’

Wendy Kicken (30) uit het Zuid-Limburgse Ubachsberg is opgegroeid als boerendochter. Haar ouders hebben een pluimveebedrijf met 65.000 vleeskuikens en een akkerbouwtak. Inmiddels heeft Kicken een druk bestaan opgebouwd. Zo heeft ze als bestuurder bij NAJK de portefeuilles pluimvee-, varkens- en kalverhouderij en is ze vicevoorzitter. Ook runt ze de pluimveehouderij samen met haar vader. De jonge ondernemer wil het bedrijf uiteindelijk graag overnemen.

Hoe ziet een gemiddelde werkdag er voor jou uit?

‘Rond 07.00 uur stap ik in de auto. Ik ben voor een enkeltje bijna altijd twee uur onderweg, omdat ik in het zuidelijkste puntje van het land woon. Sommige vergaderingen kan ik gelukkig online bijwonen. Ik ben twee tot vier dagen per week bezig met mijn taken, afhankelijk van hoe vaak ik moet reizen.’

Wat vind jij het leukste om te doen voor NAJK?

‘Ik vind mijn taken als vicevoorzitter erg leuk. Het is vooral intern en gericht op de vereniging. Mijn taken als portefeuillehouder zijn meer op politiek georiënteerd. Ik word vrolijk van mijn werk, want ik kan op deze manier mijn steentje bijdragen voor de jonge boer.’

Waar sta jij voor als portefeuillehouder?

‘Pluimvee-, varkens- en kalverhouderij vallen onder mijn takenpakket. Het is voor mij belangrijk om de balans te bewaren en de belangen van alle drie de sectoren evenveel te behartigen. We hebben binnen mijn portefeuille in het afgelopen jaar twee jongerendagen georganiseerd en de derde komt volgend voorjaar. Die is voor de kalverenhouders. Ik vind het essentieel om te laten zien dat we ook voor de kleinere sectoren staan. We moeten zichtbaar zijn.’

Waarom is NAJK belangrijk?

‘Het is de stem van jonge boeren en tuinders. We worden inmiddels ook serieus genomen. NAJK durft steeds meer de visie van jonge boeren en tuinders naar buiten te brengen. Dit zorgt voor een frisse wind binnen de sector. Dat is ook heel belangrijk, omdat het groepje agrarisch ondernemers steeds kleiner wordt. We moeten ons blijven mengen in de discussie en blijven doorontwikkelen als organisatie.’ ‘We proberen ook bij steeds meer onderwerpen aan te schuiven en inhoudelijk mee te denken. Ik vind het mooi dat onze standpunten worden gevormd op basis van input van leden uit alle hoeken van het land.’

Wat heb je tot nu toe bereikt?

‘We hebben onder meer het Convenant dierwaardige veehouderij gesloten. In eerste instantie was ik best teleurgesteld over de afroming van dierrechten bij mest. We hadden ons daar echt voor ingezet. Het heeft namelijk een gigantisch effect op de markt. Gelukkig probeert landbouwminister Femke Wiersma dit weer terug te draaien voor de varkens- en pluimveehouderij. Als dat lukt, zie ik het als een cadeautje. Het zou naast het convenant een succesje voor het NAJK zijn.’ ‘Voor de rest zorg ik er vooral voor dat de problemen vanuit de pluimvee-, varkens- en kalverhouderij worden meegenomen in de lobby en dat er genoeg aandacht voor deze sectoren blijft. Ik belaag de voorzitter vaak met mijn inzichten over bijvoorbeeld dierrechten. Hij wordt er af en toe echt gek van.’

Waarom is het belangrijk dat de afroming wordt teruggedraaid?

‘Dierrechten overnemen is een aanslag op de liquiditeit. En net na een overname is de financiële ruimte niet groot. Het is essentieel dat het bedrag binnen normale proporties valt, zodat een bedrijfsovername haalbaar is voor jongeren. Afroming is nu een extra horde, het gaat om veel geld.’

Hoe kijk jij naar de toekomst van de pluimvee-, varkens- en kalverhouderij?

‘Ik denk dat er altijd plek blijft voor deze sectoren. Maar jongeren moeten in de toekomst wel met slimme innovaties komen rondom bijvoorbeeld dierenwelzijn en emissie. Er is in mijn ogen een balans nodig tussen bedrijven die het goed doen qua emissies, biologische boeren en concepten als Beter Leven. Dit is niet alleen gezond voor de sector, maar biedt ook perspectief voor jonge agrariërs.’

Tekst: Tim Everloo
Foto: Studio Van Assendelft

 

Lid aan het woord: ‘Belangrijk dat wij worden gerepresenteerd’

Naam: Fleur Bakker
Leeftijd: 24
Woonplaats: Noordbeemster (NH)

Fleur Bakker is zelf niet opgegroeid op een boerderij, maar heeft wel een grote binding met de landbouwsector. Zo was haar opa boer en studeerde ze zelf Veehouderij. Inmiddels heeft Bakker een agrarisch communicatie- en fotografiebedrijf. De jonge ondernemer is daarnaast nog  dagelijks te vinden op de melkveehouderij van haar partner.

Hoe ziet jouw werk eruit?

‘Ik ondersteun bedrijven bij communiceren over het boerenerf naar de buitenwereld en ik fotografeer koeienkeuringen. Dit laatste doe ik zowel nationaal als internationaal. Daarnaast schiet ik plaatjes bij bijvoorbeeld veevoerbedrijven en kaasfabrieken.’

Wat voor bedrijf heeft jouw partner?

‘Hij heeft een melkveebedrijf met 180 melkkoeien in de Beemster. Dit doet hij samen met zijn vader en oom.’

Waarom ben je lid geworden van NAJK?

‘Veel studiegenoten gingen naar avonden van Agrarische Jongeren Purmerend. Ik wilde daar graag bij zijn voor de gezelligheid, maar ook voor het stukje informatievoorziening. Ik ben in Purmerend voorzitter geweest. Vervolgens ben ik doorgestroomd naar de Hollandse Agrarische Jongeren. Deze club is voor de jongeren uit Noord-Holland, Zuid-Holland en Utrecht. Ik zit daar in het bestuur. Ik vind het belangrijk dat de belangen van agrarische jongeren lokaal en nationaal  gerepresenteerd worden.’

Wat betekent NAJK voor jou?

‘Ik ben er niet dagelijks mee bezig. De vereniging is voor mij een vraagbaken en een plek waar ik mijn zorgen kan uiten. Ik vind het fijn om te sparren over zaken die mij of mijn omgeving bezighouden.’

Wat zou het NAJK volgens jou beter kunnen doen?

‘De communicatie naar leden kan breder. Het moet niet alleen gericht zijn op veehouderij. We moeten beter laten zien waar we voor staan en waar we mee bezig zijn.’

Wat is de grootste uitdaging voor jou?

‘Regelgeving is de grootste uitdaging. Vooral bij mest is dit een groot probleem, kijkend naar de derogatie. Het wegvallen hiervan gaat veel agrarische bedrijven een nekslag geven. Ik denk dat er op dit moment enorm veel wordt getrokken aan veehouders. Alle problematiek komt de positiviteit in de sector niet ten goede.’

Hoe zie jij de toekomst van de Nederlandse landbouw voor je?

‘Ik zie de Tweede Kamerverkiezing op woensdag 29 oktober als een moment waarop de koers wordt bepaald. Wat die visie inhoudt, is koffiedik kijken. De samenstelling van het komende kabinet zal de richting voor de sector bepalen, bijvoorbeeld op het gebied van verduurzaming.’

Hoe zie je de toekomst van het melkveebedrijf?

‘Heel positief, maar we hebben wel te maken met de uitdaging van een Natura 2000-gebied in onze polder. Ik probeer hierbij mijn steentje bij te dragen als lid van het NAJK. Zolang wij positief blijven, zit er denk ik een goede toekomst in het bedrijf. We moeten gezamenlijk blijven tonen wat we doen en hoe mooi de sector is.’

Tekst: Tim Everloo, Foto: Eigen foto

Bron: Nieuwe Oogst Jongerenpagina

NAJK zet stevig in op verschillende fronten

Lobby op binnen- en buitenlandse dossiers

Het is niet altijd zichtbaar voor de buitenwereld, maar achter de schermen behartigt NAJK de belangen van jonge boeren en tuinders richting de binnenlandse en Europese politiek. De organisatie heeft zich in de afgelopen periode onder meer beziggehouden met het concept van het achtste actieprogramma Nitraatrichtlijn, dat demissionair landbouwminister Femke Wiersma in juli presenteerde.

Achtste actieprogramma Nitraatrichtlijn

Het NAJK is gematigd positief over het actieprogramma. De stappen richting doelsturing, waarbij vakmanschap en bedrijfsspecifieke omstandigheden meer ruimte krijgen, kunnen op goedkeuring rekenen. Het is een van de thema’s waar het NAJK samen met een breed consortium van landbouwpartijen en brancheorganisaties in de afgelopen maanden ook vol op heeft ingezet.

Anderzijds zijn er wel zorgen over punten waarover onduidelijkheid is, zoals de herziening van de stikstofgebruiksnormen en de invulling van de aandachtsgebieden voor oppervlaktewater. Via de internetconsultatie spreekt het NAJK in een reactie die zorgen uit.

Stikstofdossier en Bouwstenendocument

In het stikstofdossier is de organisatie betrokken bij het Bouwstenendocument emissiereductie landbouw, dat deze zomer is gepresenteerd in samenwerking met regionale overheden en LTO Nederland. Dit is het antwoord van deze partijen op het startpakket van de ministeriële stikstofcommissie.

Dat startpakket slaat volgens het NAJK de juiste weg in. Maar zonder budget en concretisering van de plannen kunnen PAS-melders en interimmers niet worden gelegaliseerd en kunnen jonge boeren en tuinders nog steeds niet vertrouwen op fatsoenlijke vergunningverlening in Nederland.

Convenant dierwaardige veehouderij

Naast stikstof ging het deze zomer vaak over het Convenant dierwaardige veehouderij, dat op dinsdag 24 juni is getekend door betrokken organisaties. Inmiddels is gestart met de uitvoering. De verkenner van de nieuw op te richten onafhankelijke autoriteit gaat in gesprek met alle partijen, waaronder het NAJK. Een eerste gesprek heeft al plaatsgevonden.

GLB-plannen

In Europees verband heeft NAJK-portefeuillehouder internationaal Gerben Boom zich beziggehouden met renure, de Europese begroting en het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB). Op woensdag 16 juli werden, met vertraging, de voorstellen gepresenteerd voor het GLB vanaf 2028. Het NAJK heeft zich in de afgelopen tijd sterk gemaakt voor een gelijk speelveld in Europa.

Helaas brengen de nieuwe voorstellen nog veel onzekerheden met zich mee. Er dreigen verschillen te ontstaan in de GLB-subsidies die boeren in verschillende lidstaten ontvangen. We blijven pleiten voor voldoende en passende regelingen voor jonge boeren, zodat bedrijfsovername beter mogelijk wordt. Gelukkig lijkt de Europese Commissie daar steeds meer oog voor te hebben.

Kunstmestvervanger renure

Wat betreft de kunstmestvervanger renure zijn ook belangrijke stappen gezet. Samen met andere organisaties werkt het NAJK aan de toelating ervan. Nederland heeft hiervoor al geruime tijd geleden een aanvraag ingediend, maar tot nu toe zonder succes. De verwachting is dat het zogeheten Nitraatcomité nog dit najaar een besluit neemt over de toelating van renure.

Tekst: Tys Hallema

Vast podium voor NAJK in de Nieuwe Oogst

Vanaf deze week krijgt de stem van jonge boeren en tuinders een vast podium in Nieuwe Oogst. In samenwerking met NAJK verschijnt er tweewekelijks een Jongerenpagina Nieuwe Oogst. Deze pagina is speciaal ontwikkeld om jonge agrariërs en studenten (t/m 35 jaar) meer zichtbaar en hoorbaar te maken.

Wat kun je verwachten?

  • Tweewekelijks een nieuwe Jongerenpagina in Nieuwe Oogst (print én online)
  • Extra aandacht voor deze verhalen via de socials van NAJK
  • Een mix van actualiteit, opinie, inspiratie en praktijkervaringen

Verhalen, inspiratie en verdieping

De Jongerenpagina maakt de stem van jonge boeren en tuinders beter hoorbaar en zichtbaar én verbindt verschillende generaties. Je vindt er reportages, aansprekende interviews en inspirerende voorbeelden van jonge ondernemers, maar ook verdiepende achtergrondartikelen, praktische tips en actuele thema’s die er écht toe doen. Daarmee levert de rubriek een waardevolle bijdrage aan het ondernemerschap van de nieuwe generatie boeren en tuinders en versterkt zij hun positie in de sector.

Verspreiding via BNDR

Alle NAJK-leden ontvangen deze week de Nieuwe Oogst automatisch bij hun ledenblad BNDR. Bij deze editie zit ook een flyer met een speciaal kennismakingsaanbod.