Nieuwe Oogst: Interview met Mart Wagenvoort (voorzitter GAJK)
Voorzitter Mart Wagenvoort (29) van het Gelders Agrarische Jongeren Kontakt (GAJK) runt met zijn vriendin en schoonouders een melkveebedrijf in Neede. Daarnaast werkt hij bij een akkerbouwer en voor Vruchtbare Kringloop Oost en Wageningen University & Research. De veelzijdige bestuurder is kritisch op het provinciale beleid en wil vooral duidelijkheid voor de komende jaren.
Wat motiveert Wagenvoort om zich in te zetten voor de belangen van jonge boeren in Gelderland?
Daar hoeft hij niet lang over na te denken: ‘Als je iets wilt veranderen, moet je niet langs de zijlijn blijven staan, maar zelf verantwoordelijkheid nemen.’
Wat heb je tot nu toe bereikt?
‘Dat is lastig om te zeggen. We proberen vooral goed in contact te blijven met de provincie om signalen van jonge boeren over te brengen. Tegelijkertijd komt er veel op ons af, zoals stikstofmaatregelen en zonering. Daardoor voelt het niet altijd alsof je veel bereikt. Aan de andere kant is Gelderland wel een van de provincies die nog vergunningen verleent. Dat is voor jonge boeren ook belangrijk.’ ‘De emissieafroming van 35 procent bij een nieuwe vergunning helpt niet. Daar moet de provincie echt een andere afweging in maken. Jonge agrariërs staan hoog op de politieke agenda, maar concreet blijft het vaak bij beleidsteksten. Praktische handvatten ontbreken nog.’
Welke beren op de weg zie je?
‘Op dit moment zijn er veel onzekerheden, bijvoorbeeld voor PAS-melders. Als een bank financiert, wil die vaak een natuurvergunning zien. In sommige gevallen is dat zelfs een harde eis. Bij bedrijfsovernames kan dat een groot probleem zijn. Als een bank niet wil meewerken omdat de vergunning ontbreekt, kan een overname stil komen te liggen.’
‘De interimmers worden vaak vergeten. Daar zitten ook bedrijven tussen die jongeren willen overnemen; voor hen moet meer aandacht komen. De kern van het probleem is onzekerheid: heb ik een vergunning, is die rechtsgeldig en kan ik ermee verder? Als dat duidelijk is, kunnen ondernemers vooruit.’
Speelt er nog meer?
‘In sommige gebieden leeft het gevoel dat boeren niet welkom zijn. Dat komt door de maatregelen die op tafel liggen, zoals een mogelijk scheurverbod. Dat kan de bedrijfsvoering flink beperken. Het raakt aan het eigendomsrecht: wat mag je nog op eigen grond doen?’
Blijft landbouw overal mogelijk met het Gelderse beleid?
‘De provincie heeft landbouwprioriteringsgebieden aangewezen. In die zin is er nog ruimte om te ondernemen. Ook in andere gebieden blijft landbouw mogelijk, maar wel onder strengere voorwaarden. Zo mag het aantal dieren vaak niet groeien en komen er extra eisen voor waterkwaliteit.’
‘Slechts 27 procent van de Gelderse agrariërs heeft een opvolger. Er zal een natuurlijke afname komen. Maar die ruimte komt vaak pas over tien jaar vrij, terwijl ondernemers die willen doorontwikkelen deze nu nodig hebben.’
Wat betekent de terugloop voor de agroketen?
‘Dit raakt iedereen. Minder boeren betekent minder werk voor verwerkers en toeleveranciers. Daarom is het ook voor de provincie om de sector vitaal te houden. Niet alles blijft zoals we gewend zijn, maar zoveel mogelijk bedrijven moeten behouden blijven.’
Voelen jonge agrariërs zich nog gewaardeerd?
‘In beleid wordt vaak gezegd dat jonge boeren belangrijk zijn, maar in de praktijk voelt die waardering niet altijd zo. Er zijn wel gesprekken en initiatieven, maar het blijft vaak bij woorden. Ook in de samenleving merk je dat. Veel mensen waarderen de sector, maar dat is minder zichtbaar.’
‘Tegelijkertijd is er ook felle kritiek, bijvoorbeeld als we met de veldspuit rijden. Mensen weten niet altijd wat we doen en waarom. Dit leidt tot polarisatie.’
Hoe kijk je naar de toekomst?
‘Op de lange termijn ben ik positief. De wereldwijde vraag naar voedsel groeit, terwijl het aantal boeren afneemt. Dit biedt kansen. Wel moeten kosten en opbrengsten beter in balans komen. Nu stijgen de kosten sneller dan de opbrengsten. En onzekerheid rond vergunningen zorgt ervoor dat bedrijven stoppen, terwijl de opvolger door wil.’
‘Ik geloof in een toekomst met meer doelsturing, waarbij goede prestaties worden beloond in plaats van dat alleen regels worden opgelegd. Dan kunnen boeren stappen zetten in verduurzaming. Als sector willen we voedsel produceren met een zo laag mogelijke milieu-impact. Het zou zonde zijn als we dat uit handen geven en meer gaan importeren uit landen met lagere standaarden.’
Tekst: Tim Everloo
Foto: Emiel Muijderman
Er verschijnt tweewekelijks een Jongerenpagina Nieuwe Oogst in samenwerking met NAJK. Deze pagina is speciaal ontwikkeld om jonge agrariërs en studenten (t/m 35 jaar) meer zichtbaar en hoorbaar te maken. Om de week deelt NAJK een artikel van deze Jongerenpagina.



Naast haar werk bij het NAJK, houdt Laan melkvee in Warder. Samen met haar ouders runt ze een boerderij met zeventig koeien op ongeveer 60 hectare in een veenweidepolder, onderdeel van een Natura 2000-gebied.

‘Het is een hele eer, maar het geeft ook veel verantwoordelijkheid. De eerste maanden komt er best wat op je af’, vertelt Enting. Hij houdt zich veel bezig met de Transitie Landelijk Gebied Drenthe. Dit doet hij samen met medebestuurslid Marcel van de Heuvel. ‘We proberen de stem van de jonge boeren te laten horen’, aldus de DAJK-voorzitter, die daarnaast een melkveebedrijf met 85 koeien en bijbehorend jongvee runt. Hij nam de boerderij twee jaar geleden over van zijn vader. Enting heeft steeds meer door hoe de hazen lopen. ‘Je moet weten aan welke touwtjes je moet trekken als je invloed wil hebben op het beleid’, licht hij toe. Enting is trots op de sterke positie van DAJK. ‘We zijn een volwaardige partij voor de provincie en de bestuurders. Het doet mij goed dat jonge boeren zo veel prioriteit hebben in Drenthe.’
Waarom is de portefeuille toekomstbestendig ondernemerschap belangrijk?
Waarom ben je lid geworden? 
Van Boxel is nu ongeveer een jaar actief in het bestuur van BAJK. Hij houdt zich vooral bezig met akkerbouwthema’s, zoals gewasbescherming. In het dagelijks leven is hij voltijds aan het werk als teeltadviseur. In de akkerbouw begint volgens de Brabander steeds meer te spelen op het gebied van gewasbescherming. ‘Ik maak mij hard voor de belangen van jonge boeren op de thema’s water en het Actieplan gewasbescherming 2025.’ Van Boxel vindt belangenbehartiging het leukste van zijn takenpakket. ‘Ik wil graag de personen op het provinciehuis en andere betrokkenen laten zien hoe het werkt vanuit onze kant’, licht hij toe. Dit doet de bestuurder vooral op het gebied van zijn specialisme. ‘Ik kan bijvoorbeeld uitleggen waarom resten van bepaalde middelen vaker worden gevonden dan andere. Met mijn kennis probeer ik achtergrondinformatie te bieden die toch vaak ontbreekt bij bijvoorbeeld de provincie.’




De nieuwe voorzitter is niet opgegroeid op een boerderij, toch ontstond de passie voor het vak ontstond op jonge leeftijd. ‘Ik hielp op mijn achtste voor het eerst op het bedrijf van de familie Liewes in Oudwoude. Vanaf die dag wilde ik boer worden.’ Een pluimveehouder uit Drogeham bood hem zo’n vier jaar geleden de kans om zijn droom te realiseren. Nu is Bijlstra bedrijfsleider op een boerderij met melkkoeien en vleesvee.