Op Hoeve Vredeveld in Lelystad groeien tussen de reguliere biologische akkerbouwgewassen ook droogbloemen en verse bloemen. Op een halve tot één hectare staan meer dan 25 verschillende soorten. Voor BoerNatuurlijk-ambassadeur Paul Groot is de teelt een mooi voorbeeld van hoe landbouw, natuur en economie samen kunnen gaan.

Fotograaf: Koos Groenewold
Paul runt samen met zijn vader en broer de biologische akkerbouwtak van het familiebedrijf en is ambassadeur van het NAJK-project BoerNatuurlijk. De bloementeelt is één van de manieren waarop het bedrijf werkt aan natuurinclusieve landbouw.
Meer dan 25 soorten
Wie langs het bloemenperceel loopt, ziet een grote variatie aan soorten. Er worden meer dan 25 verschillende bloemen en siergrassen geteeld. Op het perceel groeien onder andere ridderspoor in verschillende kleuren, strobloemen, amaranthus, carthamus, hazenstaart, phalaris, panicum, craspedia en nigella. “Doordat we zoveel verschillende soorten telen, staat er vanaf het voorjaar tot ver in de zomer altijd wel iets in bloei”, vertelt Paul.
Voedsel voor insecten
Die lange bloeiperiode is waardevol voor insecten. Veel akkerbouwgewassen bloeien maar kort, terwijl bijen, hommels en vlinders op het bloemenperceel langere tijd nectar en stuifmeel kunnen vinden. Ook nuttige insecten, die een belangrijke rol spelen bij de natuurlijke bestrijding van plagen, zoals gaasvliegen en zweefvliegen komen erop af. Omdat de bloemen volledig biologisch worden geteeld, kunnen deze insecten zich optimaal ontwikkelen.
“Je ziet hoeveel leven zo’n bloemenperceel aantrekt.”
Een bloeiende akkerrand
Het bloemenperceel werkt eigenlijk als een brede, bloeiende akkerrand. Soorten die je normaal nauwelijks op een akkerbouwbedrijf ziet, krijgen er de ruimte. Tegelijkertijd zorgen de verschillende bloemen en siergrassen voor meer kleur en variatie in het agrarische landschap. Een kleurrijk perceel met een duidelijke meerwaarde voor natuur én landbouw.
Van bloem naar droogbloem
Na de bloei houdt de waarde van het gewas niet op. De bloemen worden geoogst en een deel wordt gedroogd. Vervolgens worden ze als droogbloemen verkocht. Zo levert het perceel niet alleen tijdens de bloei iets op voor de biodiversiteit, maar ontstaat er uiteindelijk ook een bijzonder biologisch eindproduct. “Dat is voor ons een mooie combinatie. Terwijl de bloemen op het land staan, profiteren allerlei insecten ervan. Daarna kunnen wij ze oogsten, drogen en verkopen.”
Natuur die iets oplevert
Juist die combinatie vindt Paul interessant. “Veel natuurinclusieve maatregelen kosten geld en leveren niet altijd direct iets op. Bij de bloemen kunnen we iets doen voor de biodiversiteit én een mooi biologisch product verkopen.” Dat maakt de bloementeelt voor het bedrijf een interessante vorm van natuurinclusieve landbouw.
Kijken wat bij je bedrijf past
Paul benadrukt dat bloementeelt niet voor ieder akkerbouwbedrijf dé oplossing is. Het gaat er volgens hem om te kijken welke maatregelen passen bij je eigen bedrijf. Dat sluit aan bij zijn boodschap als BoerNatuurlijk-ambassadeur: zelf proberen en ontdekken wat werkt. “Niet omdat de buurman het doet, maar omdat jij erachter staat.”


