Bloemen die bloeien voor boer én biodiversiteit

Op Hoeve Vredeveld in Lelystad groeien tussen de reguliere biologische akkerbouwgewassen ook droogbloemen en verse bloemen. Op een halve tot één hectare staan meer dan 25 verschillende soorten. Voor BoerNatuurlijk-ambassadeur Paul Groot is de teelt een mooi voorbeeld van hoe landbouw, natuur en economie samen kunnen gaan.

Fotograaf: Koos Groenewold

Paul runt samen met zijn vader en broer de biologische akkerbouwtak van het familiebedrijf en is ambassadeur van het NAJK-project BoerNatuurlijk. De bloementeelt is één van de manieren waarop het bedrijf werkt aan natuurinclusieve landbouw.

Meer dan 25 soorten
Wie langs het bloemenperceel loopt, ziet een grote variatie aan soorten. Er worden meer dan 25 verschillende bloemen en siergrassen geteeld. Op het perceel groeien onder andere ridderspoor in verschillende kleuren, strobloemen, amaranthus, carthamus, hazenstaart, phalaris, panicum, craspedia en nigella. “Doordat we zoveel verschillende soorten telen, staat er vanaf het voorjaar tot ver in de zomer altijd wel iets in bloei”, vertelt Paul.

Voedsel voor insecten
Die lange bloeiperiode is waardevol voor insecten. Veel akkerbouwgewassen bloeien maar kort, terwijl bijen, hommels en vlinders op het bloemenperceel langere tijd nectar en stuifmeel kunnen vinden. Ook nuttige insecten, die een belangrijke rol spelen bij de natuurlijke bestrijding van plagen, zoals gaasvliegen en zweefvliegen komen erop af. Omdat de bloemen volledig biologisch worden geteeld, kunnen deze insecten zich optimaal ontwikkelen.

“Je ziet hoeveel leven zo’n bloemenperceel aantrekt.”

Een bloeiende akkerrand
Het bloemenperceel werkt eigenlijk als een brede, bloeiende akkerrand. Soorten die je normaal nauwelijks op een akkerbouwbedrijf ziet, krijgen er de ruimte. Tegelijkertijd zorgen de verschillende bloemen en siergrassen voor meer kleur en variatie in het agrarische landschap. Een kleurrijk perceel met een duidelijke meerwaarde voor natuur én landbouw.

Van bloem naar droogbloem
Na de bloei houdt de waarde van het gewas niet op. De bloemen worden geoogst en een deel wordt gedroogd. Vervolgens worden ze als droogbloemen verkocht. Zo levert het perceel niet alleen tijdens de bloei iets op voor de biodiversiteit, maar ontstaat er uiteindelijk ook een bijzonder biologisch eindproduct. “Dat is voor ons een mooie combinatie. Terwijl de bloemen op het land staan, profiteren allerlei insecten ervan. Daarna kunnen wij ze oogsten, drogen en verkopen.”

Natuur die iets oplevert
Juist die combinatie vindt Paul interessant. “Veel natuurinclusieve maatregelen kosten geld en leveren niet altijd direct iets op. Bij de bloemen kunnen we iets doen voor de biodiversiteit én een mooi biologisch product verkopen.” Dat maakt de bloementeelt voor het bedrijf een interessante vorm van natuurinclusieve landbouw.

Kijken wat bij je bedrijf past
Paul benadrukt dat bloementeelt niet voor ieder akkerbouwbedrijf dé oplossing is. Het gaat er volgens hem om te kijken welke maatregelen passen bij je eigen bedrijf. Dat sluit aan bij zijn boodschap als BoerNatuurlijk-ambassadeur: zelf proberen en ontdekken wat werkt. “Niet omdat de buurman het doet, maar omdat jij erachter staat.”

Deelnemers MaïsChallenge klaar voor uitdagende maïsoogst

De maïsoogst is ingezet. Een belangrijk moment voor de deelnemers aan de MaïsChallenge 2026. Op donderdag 27 augustus kwamen de deelnemers bijeen op Hoeve De Wetering in Rhenen om zich tijdens een praktijkmiddag voor te bereiden op de oogst. Stikstofbenutting, kuilkwaliteit en het bepalen van het juiste oogstmoment stonden centraal. Extra relevant in een lastig maïsjaar, waarin de droogte duidelijk zijn sporen heeft nagelaten.

Na een gezamenlijke lunch en kennismaking met het melkveebedrijf in Rhenen gingen de deelnemers in groepen aan de slag met drie workshops van FrieslandCampina en GroeiKracht, Eurofins Agro en Limagrain.

‘Maïs is het antwoord op alles!’

FrieslandCampina en GroeiKracht namen de deelnemers mee in de N-bedrijfsbalans en de mogelijkheden om stikstof op het bedrijf zo efficiënt mogelijk te benutten. Nog voordat de presentatie van start ging, leek de conclusie gekscherend al kraakhelder: ‘Maïs is het antwoord op alles!’ Waarop een deelnemer lachend aanvulde: ‘Maïs = Nice!’

Achter de knipoog zit een serieuze boodschap. Wie minder wil bemesten of de melkproductie wil verhogen, komt inderdaad al snel uit bij maïs. Het is een zeer productief gewas en waardevolle energiebron die, dankzij de hoge verteerbaarheid, ook kan bijdragen aan een lagere uitstoot. Daarbij is een goede maïsteelt essentieel: een efficiënte benutting van nutriënten is een voorwaarde om verliezen naar het milieu te beperken!

Meten op de kuilbult

Bij Eurofins Agro gingen de deelnemers letterlijk de kuilbult op om de kuil te bemonsteren, meten en te beoordelen. Ook kwam de N-mineraalmeting na de oogst aan bod. Hoeveel stikstof blijft achter in de bodem en wat zegt dat over de benutting tijdens het groeiseizoen? Praktische inzichten waarmee deelnemers hun teelt verder kunnen optimaliseren.

Wanneer oogsten in een droog jaar?

Limagrain nam de deelnemers mee in de actualiteiten van het groeiseizoen en het bepalen van het optimale oogstmoment. Door de aanhoudende droogte is dat dit jaar extra uitdagend. Deelnemers die nog niet hadden geoogst, brachten vijf verse maïsplanten van hun eigen perceel mee. Deze werden ter plaatse geanalyseerd, waardoor zij direct inzicht kregen in de rijpheid en voederwaarde van hun gewas.

De praktijkmiddag is een belangrijk moment binnen de achtste editie van de MaïsChallenge. Gedurende het seizoen worden deelnemers uitgedaagd kritisch naar hun volledige maïsteelt te kijken: van bodem en bemesting tot oogst en kuilkwaliteit.

Na alle inhoud was er tijd voor een welverdiend softijsje van de boerderij. Amber Laan, dagelijks bestuurder bij NAJK, sloot de middag af en wenste de deelnemers succes met de komende oogst en de eindsprint van de Challenge.

 

De MaïsChallenge is een initiatief van NAJK en Limagrain, met medewerking van FrieslandCampina en Eurofins Agro.

BNDR juni: Boer zoekt Boer succesverhaal

Hoe Wilco Postmus (33) en Silvia van Straten (37) een biologisch melkveebedrijf van buiten de familie overnamen

Een boerderij overnemen zonder familiebanden: voor veel jonge boeren klinkt het als een bijna onmogelijke opgave. Toch lukte het Wilco en Silvia. Via Boer zoekt Boer kwamen ze terecht op een biologisch melkveebedrijf in de Achterhoek, waar ze na een traject van bijna tien jaar uiteindelijk het stokje overnamen. Inmiddels runnen ze samen een biologisch melkveebedrijf met zo’n 70 Jerseykoeien en bijbehorend jongvee op 52 hectare grond.

Hun verhaal gaat over doorzetten, vertrouwen winnen, duidelijke afspraken maken en vooral: durven dromen!

Van trekkers kijken naar een eigen bedrijf

Voor Wilco begon de liefde voor het boerenleven al op jonge leeftijd. Hoewel zijn ouders zelf geen boerderij hadden, was de agrarische sector altijd dichtbij. “Mijn vader was boerenzoon”, vertelt hij. “Mijn opa heeft de boerderij verkocht toen ik net geboren was. Mijn ouders zeiden eigenlijk altijd: dat boerenleven moet je niet willen. Het is hard werken voor weinig. Maar mijn vader bleef wel betrokken bij de sector en nam mij overal mee naartoe. Trekkerdemo’s, ploegwedstrijden, boerderijdagen: ik vond het prachtig!”

Toen Wilco op het vmbo een opdracht moest maken over een bedrijf met dieren, kwam hij terecht bij een melkveehouder in de buurt. Dat bezoek veranderde alles. “Vanaf dat moment was ik er eigenlijk niet meer weg te slaan.” Vanaf zijn twaalfde werkte hij vrijwel elk weekend op de boerderij. Eerst eenvoudige klusjes en later steeds meer verantwoordelijkheden. “Ik was eigenlijk altijd aan het werk. Zondagen moest ik van mijn ouders thuisblijven, omdat ik de rest van de week al zoveel werkte”, zegt Wilco lachend.

Na het vmbo in Emmeloord volgde een mbo-opleiding richting de veehouderij, gevolgd door de studie in Leeuwarden. Niet omdat hij zo graag studeerde, maar omdat hij wist dat hij uiteindelijk een eigen bedrijf wilde. “Ik wilde niet mijn hele leven voor anderen werken. Ik wilde zelf iets opbouwen.”

‘Het moest wel biologisch zijn’

Ook Silvia had een groene achtergrond, al lag haar route iets anders. Ze volgde eerst een mbo-opleiding dierverzorging en daarna hbo Wildlife Management in Leeuwarden. “Daar leer je veel over natuurbeheer, ecosystemen en biodiversiteit”, vertelt ze. “Het sluit uiteindelijk heel mooi aan bij onze natuurinclusieve bedrijfsvoering.” Via hun studie in Leeuwarden leerden Wilco en Silvia elkaar kennen. Toen het gesprek serieuzer werd over een toekomst samen, kwam ook de vraag naar voren hoe die toekomst eruit moest zien. “Ik had één duidelijke voorwaarde”, vertelt Silvia. “Als we ooit een bedrijf zouden overnemen, dan moest het biologisch zijn.”

Een toevallige tip via Boer zoekt Boer

De zoektocht naar een eigen bedrijf begon via een toevallige tip. “Een klant van mij wist dat we graag een boerderij over wilden nemen en wees ons op Boer zoekt Boer”, vertelt Silvia. “Zij stuurde specifiek deze boerderij door.” Het profiel stond al enkele maanden online. Wilco en Silvia stuurden direct een mail, maar kregen eerst te horen dat de eigenaren al met iemand anders in gesprek waren. Balen! “Wij hadden het eigenlijk alweer uit ons hoofd gezet, tot er enkele maanden later alsnog een bericht kwam”, zegt Wilco enthousiast. “Ze schreven dat wij toch goed in het plaatje pasten dat ze zochten: een jong stel, biologisch ingesteld en nog flexibel genoeg om hier echt iets op te bouwen.”

Een paar dagen later reden Wilco en Silvia, midden in de sneeuw, voor het eerst naar de Achterhoek voor een kennismaking. “We zijn toen drie à vier uur hier geweest”, vertelt Wilco. “Daarna ga je naar huis en denk je: dit voelt eigenlijk wel goed.”

Twee uur rijden voor een droom

Vanaf dat moment begon het traject. Wilco werkte eerst enkele dagen per week mee op het bedrijf, terwijl hij nog in Leeuwarden woonde. Dat betekende jarenlang extreem lange dagen. “Ik stond om half vijf op, reed eerst naar een boer in Overijssel om daar te melken, daarna reed ik door naar Winterswijk. Dan werkte ik hier de hele dag, sliep hier en reed de volgende avond weer terug.” Dat ritme hield hij bijna twee jaar vol. “Achteraf denk ik ook wel eens: hoe deden we dat eigenlijk?” Volgens Wilco was die inzet belangrijk. “Als iemand bereid is om dat ervoor over te hebben, dan laat je wel zien dat je het écht wilt.”

Van 45 naar 70 Jerseykoeien

Toen Wilco en Silvia op het bedrijf kwamen, werden er ongeveer 45 Jerseykoeien gemolken. Inmiddels zijn dat er 70. “Groei was niet per se het doel”, legt Wilco uit. “Maar we wilden wel een bedrijf dat toekomstbestendig was en waar we samen van konden leven.” Het bedrijf was al sinds 1997 biologisch, maar veel gebouwen en systemen waren verouderd. Wilco en Silvia wilden investeren voor de lange termijn.

Jongvee als speerpunt

Waar op veel melkveebedrijven jongvee vooral ‘meedraait’, besloten Wilco en Silvia het anders aan te pakken. “Mijn achtergrond in dierverzorging speelde daarin wel een rol”, zegt Silvia. “Ik kijk misschien anders naar dieren dan iemand die puur vanuit de melkveehouderij komt.” Ze investeerden in nieuwe kalverhuisvesting, betere ventilatie, meer daglicht en een nieuw opfoksysteem. “Wij voeren kalveren drie keer per dag warme melk en ze mogen drinken wat ze willen”, vertelt Silvia. “Veel mensen verklaren ons voor gek, maar je ziet gewoon het verschil.”

Volgens Wilco zijn de resultaten inmiddels duidelijk zichtbaar. “De kalveren zijn rustiger, groeien beter en hebben minder gezondheidsproblemen. We hebben nauwelijks nog diarree of uitval.”

Een traject van tien jaar

Hoewel het eindresultaat positief is, benadrukken Wilco en Silvia wel dat een buitenfamiliaire overname veel tijd en energie kost. “Bij ons heeft het hele traject ongeveer tien jaar geduurd”, vertelt Silvia. Niet omdat er voortdurend problemen waren, maar vooral omdat verwachtingen niet altijd even duidelijk werden uitgesproken. “Dat was achteraf gezien misschien wel het grootste leerpunt”, zegt Wilco. “Spreek dingen uit en leg afspraken vast!”

 

Tekst en beeld: Christel Klok

Dit artikel is onderdeel van ons ledenblad BNDR en verscheen in de editie van juni 2026.

Weidegang vraagt om gamechangers: sector zet volgende stap in strategische heroriëntatie

Op dinsdag 12 mei 2026 vond in Kamerik de jaarlijkse Convenantsdag Weidegang plaats. Meer dan 60 afgevaardigden van de convenantsondertekenaars kwamen samen. De centrale boodschap: de betrokken partijen zijn vastbesloten zich in te zetten om de dalende trend in weidegang te keren, en doorlopen daarvoor dit jaar een gezamenlijk traject.

De weidegangcijfers over 2025, gepubliceerd in december, bevestigden de noodzaak van een vernieuwde aanpak. Met waardering voor de inspanningen van de afgelopen jaren heeft de sector een strategische heroriëntatie ingezet. De Convenantsdag van 12 mei was daarin een volgende, concrete stap.

Brede verkenning leidt tot reeks kansrijke gamechangers

Naast presentaties over de strategische heroriëntatie en onderzoeksinzichten over het
boerenperspectief, werkten de aanwezigen in deelsessies mogelijke oplossingen uit om de trend te
keren, waaronder:

  • Weidegang beter inpasbaar maken voor de diverse bedrijfssystemen, zoals grote melkveebedrijven en bedrijven met een automatisch melksysteem.
  • Vormen van deelweidegang definiëren zodat ook bedrijven met een beperkte huiskavel gestimuleerd worden te weiden.
  • Met de rijksoverheid de spanning tussen o.a. mestwetgeving en weidegang ombuigen naar positieve prikkels voor weidegang binnen wetgeving. Waaronder het inrekenen van ammoniakreductie door weidegang.
  • Verder uitbouwen van de positionering van weidemelk.
  • Oog hebben voor factoren waar een melkveehouder geen invloed op heeft. Zoals verlies van beschikbaar gras door ganzen, risico’s van wolven en extreme weersomstandigheden.
  • Urenregistratietechnieken toegankelijk en rendabel maken.
  • Een geregisseerde totaalaanpak op kennisontwikkeling, -verspreiding en advisering.

In samenhang hebben deze de potentie om de trend om te buigen.

Hubert Andela, directeur ZuivelNL: “Het doel is om het aantal weidende koeien te verhogen en de duur van de weidegang substantieel te verlengen. We beseffen dat daarvoor op een aantal terreinen grote veranderingen nodig zijn en de inzet van àlle convenantpartners nodig is. Deze partnerbijeenkomst heeft geholpen bij die bewustwording. De komende maanden moeten we met elkaar tot een totaalaanpak komen.”

Nieuwe aflevering van Wie Wat Water: De BoerenPodcast!

In de vijfde aflevering van Wie Wat Water: De BoerenPodcast staat het belang van goed bodem- en waterkwaliteitsbeheer in de landbouw centraal, met speciale aandacht voor doelsturing in de melkveehouderij.

Host Dorieke Goodijk (Kennismatcher melkveehouderij voor het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer, zuivelketen) gaat in gesprek met Henk van de Wind (algemeen bestuurslid waterschap Vallei & Veluwe), Ad van Rees (LTO-bestuurder bodem en water en melkveehouder) en Stan Bosman (melkveehouder en DAW-demobedrijf). Samen bespreken zij de actuele uitdagingen rond waterkwaliteit en wat doelsturing in de praktijk kan betekenen voor melkveehouders. Ook komt de impact van het verdwijnen van derogatie aan bod en de rol die doelsturing kan spelen bij het verbeteren van bodem- en waterkwaliteit. De aflevering bevat daarnaast een praktijkcasus op het bedrijf van Stan Bosman, waar wordt gekeken naar maatregelen die melkveehouders op hun eigen erf kunnen nemen om emissies naar het water te beperken.

Wat kun je verwachten?

• Wat doelsturing betekent voor melkveehouders
• De opgaven vanuit de KRW en de Nitraatrichtlijn
• De gevolgen van het verdwijnen van derogatie
• Praktijkervaringen van een melkveehouder
• Maatregelen die melkveehouders op hun eigen erf kunnen nemen

Over de podcastreeks

Wie Wat Water: De BoerenPodcast is een serie over waterkwaliteit in de landbouw. Deze aflevering is een initiatief van NAJK in samenwerking met het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer.

Luister de aflevering

Luister de aflevering via Spotify of Youtube.

Geslaagde kick-off van de MaïsChallenge 2026!

Woensdag 18 maart trapten NAJK, Limagrain, FrieslandCampina en Eurofins de 8e editie van de MaïsChallenge af in Wageningen. Gedurende deze Challenge gaan 19 individuele deelnemers en 3 scholenteams de strijd met elkaar aan en staat praktijkgericht leren, kennisdeling en persoonlijke begeleiding door teeltspecialisten centraal.

Tijdens de inspirerende kick-off bij Eurofins kwamen jonge agrariërs samen om zich voor te bereiden op een nieuwe editie van de MaïsChallenge. Dit tweejaarlijkse initiatief van NAJK en maïsveredelaar Limagrain richt zich op het versterken van kennis en vaardigheden rondom de maïsteelt. FrieslandCampina en Eurofins zijn dit jaar de exclusieve partners van de MaïsChallenge en helpen bij de organisatie en inhoudelijke verdieping van het traject. Eurofins met hun expertise in bodem- en gewasanalyses, en FrieslandCampina met hun focus op ruwvoerkwaliteit en de melkveehouderij. Tijdens de kick-off kregen alle deelnemers de kennis en handvatten om vol energie van start te gaan.

Programma van de dag

Na een gezamenlijke lunch opende Jos Groot Koerkamp (Limagrain) de middag met een introductie op het thema: ‘Optimaliseer je maïsteelt en draag bij aan betere waterkwaliteit’.

De actieve inzet van de deelnemers wordt beloond: met voldoende punten ontvangen ze vier gratis eenheden LG-maïszaad én maken kans op aantrekkelijke prijzen. Waaronder een driedaagse maïsstudiereis naar Clermont-Ferrand in de Auvergne en een volledig verzorgde excursie met de klas naar het R&D-centrum in Rilland!

Theo Courtz, productmanager veehouderij bij Limagrain, gaf een toelichting op de beoordeling en puntentelling en vertelde hoe het programma Agrillity ondersteunend kan werken.

Masterclass

Karst Brolsma, productmanager bij Eurofins, nam de deelnemers mee in zijn masterclass en trapte af met een korte blik op Eurofins en hun werk in grondonderzoek. Daarna verschoof de aandacht naar de bodem zelf en kwam bemesting en stikstofbenutting aan bod. Voor de veehouderij staat de efficiëntie van stikstofbenutting steeds nadrukkelijker centraal. Door strengere regelgeving en het streven naar lagere uitspoeling wordt inzicht in bodem en mest belangrijker dan ooit. De MaïsChallenge sluit hier perfect op aan: het project helpt deelnemers begrijpen hoe een vitale teelt leidt tot een hogere opname van stikstof en daarmee tot minder verliezen naar het milieu.

Rondgang laboratorium

Daarna werd de groep opgesplitst in vier groepen voor een uitgebreide rondleiding door het laboratorium van Eurofins. De deelnemers zagen het volledige traject van monsterontvangst tot eindanalyse. Door te laten zien hoe data tot stand komt, werd het voor de deelnemers tastbaar hoeveel zorg, nauwkeurigheid en expertise schuilgaat achter de analyses die telers helpen hun teelt te verbeteren.

Afsluiting

Tot slot verzorgde NAJK-voorzitter en melkveehouder Roy Meijer de afsluiting. Hij benadrukte het belang van de MaïsChallenge voor NAJK en hoe belangrijk het is dat jonge agrariërs zich blijven ontwikkelen.

Na afloop was er een borrel, waar deelnemers de gelegenheid hadden om na te praten en in gesprek te gaan met elkaar en de teeltspecialisten.

Met een geslaagde kick-off is de MaïsChallenge 2026 nu officieel van start!

Grasweidedagen 2026: save the date

Op dinsdag 21 en woensdag 22 april 2026 organiseren NAJK en Aeres Hogeschool Dronten opnieuw de Grasweidedagen. Twee inspirerende dagen vol kennisdeling, praktijk en ontmoeting rondom grasland en weidegang voor NAJK-leden en agrarische studenten.

De Grasweidedagen vinden plaats in het weidegangseizoen, wat deze dagen bij uitstek geschikt maakt om nieuwe kennis op te doen én deze direct toe te passen op het eigen bedrijf. Tijdens de dagen volg je een gevarieerd workshopprogramma dat in het teken staat van onder andere graslandgebruik, weidegang en bedrijfsvoering.

Je kunt je eigen programma samenstellen door te kiezen uit twee workshoppakketten en je volgt gedurende de dag vijf workshops van circa 40 minuten. De workshops worden verzorgd door een breed scala aan bedrijven en organisaties uit de agrarische sector, waaronder Agrifirm, Barenbrug, BoerenNatuur, DeLaval, DMS, ForFarmers, Limagrain, PPP-Agro, Robot & Weiden en Wageningen University & Research (WUR).
Onderwerpen die aan bod komen zijn onder andere graskwaliteit, weidegang, ecologie en economie. Meer informatie over het definitieve programma volgt via onze website en socials.

De Grasweidedagen vinden plaats op Aeres Farms in Dronten en zijn bedoeld voor NAJK-leden en studenten van agrarische hogescholen. Beide dagen starten om 9.30 uur met inloop, om 9.45 uur met de opening en het programma duurt tot 14.30 uur. Tijdens de dag wordt een lunch verzorgd en is er volop gelegenheid om bij te praten en ervaringen uit te wisselen.

Deelname is gratis.

Zet 21 en 22 april 2026 in je agenda en schrijf je in!

BNDR: Optimaliseer je maïsteelt én draag bij aan betere waterkwaliteit

Jonge veehouders beheersen een breed scala aan vaardigheden om hun bedrijf succesvol te runnen. Een toekomstbestendige ruwvoerteelt is daar een cruciaal onderdeel van. Met het 8e actieprogramma Nitraatrichtlijn voor de deur dagen NAJK, Limagrain (LG) en FrieslandCampina jou uit tijdens de MaïsChallenge 2026! Wil jij je maïsteelt verbeteren, meer en beter voer per hectare oogsten, mét oog voor nutriëntenuitspoeling en waterkwaliteit? Doe dan mee en schrijf je vandaag nog in!

In 2026 vindt de achtste editie van de MaïsChallenge plaats, een tweejaarlijks initiatief van NAJK, maïsveredelaar Limagrain en FrieslandCampina. De afgelopen zeven edities bewezen keer op keer dat deelname je teelt naar een hoger niveau tilt. Tijdens de challenge wordt de volledige maïsteelt gevolgd, van bodemvoorbereiding tot inzaai, van opkomst tot oogst en bewaring – je krijgt dus goed inzicht waar winst te behalen valt. Ben je geen veehouder, maar akkerbouwer? Geen probleem. Elke jonge boer met maïs in het bouwplan kan meedoen!

Focuspunten van deze editie

De MaïsChallenge 2026 staat in het teken van praktijkgericht leren, kennisuitwisseling en het aantoonbaar verbeteren van je teeltresultaten. Dit jaar ligt de focus opeen stikstofefficiëntere maïsteelt; een hogere gewasopbrengst en betere kwaliteit leiden tot een verhoogde stikstofopname door de plant (positieve correlatie) en dragen bij aan het beperken van nutriëntenverliezen en het verbeteren van de waterkwaliteit, in lijn met het 8e Actieprogramma Nitraatrichtlijn. Samen met specialisten werk je aan concrete verbeteringen in jouw teeltpraktijk, waaronder:

  • Rassenkeuze afgestemd op bodemtype, opbrengstpotentie en voederwaarde
  • Teeltoptimalisatie, met aandacht voor:
  • Zaaibedbereiding en timing van zaaien
    -Verbetering van bodemstructuur en -kwaliteit
    -Doordacht bemestingsmanagement op basis van bodemanalyses en gewasbehoefte in samenwerking met Eurofins Agro
    -Inzet van vang- en rustgewassen ter bevordering van stikstofbenutting en bodemgezondheid

Deelnemers gezocht

Tijdens de challenge rapporteer je over de voortgang, neem je deel aan een praktijkbijeenkomst en werk je mee aan veldbezoeken waarbij Limagrain-specialisten je resultaten beoordelen en advies geven. Om prestaties inzichtelijk te maken worden ook tools ingezet, zoals grondanalyses vóór en na het seizoen en het digitale teeltplatform Agrility. Punten verdien je op de onderdelen engagement, bodem, opkomst, oogst en kuil.

Wil je meedoen?

Dat kan als je in 2026 minimaal 5 hectare maïs teelt waarvan in ieder geval 2 hectare een LG-ras speciaal voor de challenge. Als je de challenge tot een goed einde brengt – dat doe je door op alle vijf onderdelen inzet te tonen en minstens 55 van de 100 punten te behalen – dan verdien je vier eenheden LG-maïszaad (dus 2 ha) voor seizoen 2027. Dus het gratis zaaizaad wordt dit keer niet vooraf, maar achteraf toegekend* – als beloning voor jouw inzet en prestaties.

De hoofdprijs van de MaïsChallenge?

Een volledig verzorgde studiereis voor twee personen naar de Auvergne – hét maïscentrum van Frankrijk – inclusief een bezoek aan de grootste internationale veehouderijbeurs: Sommet de l’élevage. Ook de nummers twee en drie gaan niet met lege handen naar huis:

  • 2e plaats: een stijlvolle smartwatch.
  • 3e plaats: een krachtige bluetooth partyspeaker.

Daarnaast is er een speciale biodiversiteitsprijs voor de deelnemer met de mooiste akkerrand.

*Vanwege de schooljaarwissel ontvangen deelnemende schoolteams – bij uitzondering – de vier gratis eenheden LG-maïszaad voor het MaïsChallenge-perceel vooraf.

Tekst: Rene de Munnik

Beeld: Limagrain

 

Dit artikel is onderdeel van ons ledenblad BNDR en verscheen in de editie van december 2025.

Onderzoek naar agrarische jongeren en natuurinclusieve landbouw

Wat helpt jongeren met ambities in de agrarische sector om te kiezen voor natuurinclusieve landbouw?

Afgelopen jaar organiseerden onderzoekers van Wageningen Research, samen met het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK),peer-to-peer bijeenkomsten bij vier jonge, natuurinclusieve boeren. Jongeren met ambities in de sector kregen hier de kans om vragen te stellen, twijfels te delen en ervaringen uit te wisselen.

De toekomst van de Nederlandse landbouw ligt grotendeels bij de jonge generatie boeren en tuinders. Zij staan aan de lat om keuzes te maken over belangrijke maatschappelijke opgaven als voedselproductie en natuurbeheer en worden gevraagd oplossingen waarin deze opgaven samengaan in de praktijk te brengen op hun bedrijf. Het is dan ook waardevol dat juist hun perspectief centraal staat in dit onderzoek van Wageningen University naar natuurinclusieve landbouw. Er is geluisterd naar de kritische vragen die zij hebben en hun ideeën en ervaringen.

Uit de observaties kwamen een aantal belangrijke inzichten naar voren:

  • Praktijkvoorbeelden en ervaringen van leeftijdsgenoten werken inspirerend en motiverend. Ook om beter te begrijpen wat natuurinclusieve landbouw inhoudt.
  • Elke bedrijfssituatie is anders → maatwerk is nodig.
  • Veel jongeren vinden natuurinclusief nog ingewikkeld en weinig rendabel, maar zien óók de voordelen voor milieu, biodiversiteit en maatschappelijk draagvlak

We hopen dat dit rapport jongeren, beleidsmakers en andere betrokkenen informeert en inspireert om samen verder te bouwen aan een toekomstbestendige landbouw, met oog voor de realiteit van (jonge) agrarische ondernemers.

Nieuwsgierig naar alle resultaten? Lees hier het volledige rapport.

 

Met Boer Zoekt Boer samen ‘Op den goede weg!’