Vanaf 3 december weer JOLA openstelling

Vanaf maandag 3 december 2018 tot en met vrijdag 8 februari 2019 wordt de Jonge Landbouwersregeling (JOLA) weer opengesteld. Jonge boeren en tuinders kunnen een aanvraag indienen voor de aanschaf van modernere voorzieningen, installaties en machines. Dit is de vierde keer dat de JOLA wordt opengesteld. In november maken de Gedeputeerde Staten per provincie de investeringslijsten bekend.

De JOLA-regeling is onderdeel van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) 2014-2020. De regeling is bedoeld om jonge agrarische ondernemers te ondersteunen in het verduurzamen en versterken van hun bedrijf. De regeling is speciaal gericht op de jonge land- en tuinbouwers, omdat deze groep vaak door de bedrijfsovername of start van de onderneming financieel weinig of geen mogelijkheden heeft om het bedrijf te versterken. Ondernemers tot en met 40 jaar kunnen onder voorwaarden subsidie aanvragen. De subsidie bedraagt 30% van de investering en is bedoeld voor investeringen die bijdragen aan verduurzaming op het bedrijf van een jonge agrarische ondernemer. Het subsidiebedrag bedraagt minimaal € 10.000,00 en maximaal € 20.000,00 per aanvraag. De investeringsmogelijkheden kunnen per provincie verschillen doordat de JOLA provinciaal opengesteld wordt.

Verbeteringen merkbaar

“NAJK heeft zich afgelopen periode hard ingezet voor een passende JOLA-regeling. Er zijn ten opzichte van de openstelling in 2017 een aantal verbeteringen in de regeling doorgevoerd. De investeringslijst is uitgebreid. Het is nu voor meerdere sectoren mogelijk om investeringen onder de JOLA te doen.”, aldus Sietse Draaijer, dagelijks bestuurder NAJK met de portefeuille bedrijfsovername. Ook zijn er een aantal onduidelijkheden en problemen uit de eerdere openstellingen opgelost. Draaijer: “Mochten zich nog problemen bij het aanvragen van de JOLA voordoen, dan is het van belang om tijdens en na de openstelling deze aan te geven bij jouw provincie. Problemen die vaak voorkomen worden opgepakt door de provincies. ”

Persoonlijk BRS-nummer aanvragen

Voor het aanvragen van de JOLA heeft een jonge boer of tuinder een persoonlijk BRS-nummer nodig. Deze moet vermeld worden op de aanvraag. Het BRS-nummer van het agrarische bedrijf voldoet niet voor een JOLA-aanvraag. Draaijer: ”Het kan enkele dagen duren voordat de aanvraag van een persoonlijke BRS-nummer rond is. Vraag daarom zo snel mogelijk een persoonlijk BRS-nummer aan als je gebruik wilt maken van de JOLA.” Een BRS-nummer kan altijd worden aangevraagd, dus ook voor de openstelling van de JOLA-regeling.

Nieuwe portefeuillehouders intensief en bedrijfsovername NAJK

Tijdens de algemene ledenvergadering (ALV) op donderdag 25 oktober heeft het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK) Tim van der Mark en Sietse Draaijer unaniem gekozen als nieuwe bestuurders van NAJK. Tim van der Mark is gekozen als dagelijks bestuurder voor de portefeuille intensief. Sietse Draaijer is de nieuwe portefeuillehouder bedrijfsovername.

Tim van der Mark nieuwe portefeuillehouder intensief

Tim van der Mark

Tim van der Mark is bij NAJK de nieuwe dagelijks bestuurder met portefeuille intensief. Van der Mark heeft samen met zijn ouders een varkenshouderij in de Middenbeemster. Het varkensvlees wordt middels hun eigen streekproduct verkocht aan slagers. Van der Mark ziet pijnpunten in de kleine winstmarges van zijn sector en gaat zijn pijlen richten op het verbeteren van het verdienmodel. “Een eerlijke prijs voor een goed product, daar streef ik naar. We moeten als jonge boeren openstaan voor veranderingen op ons bedrijf, maar het is wel van belang dat die veranderingen betaald worden door de maatschappij en we een rendabel, werkbaar bedrijf kunnen voortzetten.” Door de locatie en de opzet van het bedrijf heeft Van der Mark veel contact met burgers, hij weet wat er speelt en hoe er gedacht wordt over zijn sector. Daarom wil hij samen met de jonge boeren proberen het imago te verbeteren van de sector: “Laat zien wat je doet, vertel je verhaal en haal onwetendheid weg bij de consument.”

Sietse Draaijer nieuwe portefeuillehouder bedrijfsovername

Sietse Draaijer

Melkveehouder Sietse Draaijer is gekozen als dagelijks bestuurder met de portefeuille bedrijfsovername bij NAJK. Draaijer is ervaringsdeskundige op dit gebied. Vijf jaar geleden heeft hij de melkveehouderij van zijn tante overgenomen. Draaijer runt nu een bedrijf met 130 melkkoeien. Draaijer volgde de opleiding Agrarisch ondernemerschap aan de voormalige CAH in Dronten en deed een master internationaal management op de Nyenrode Business Universiteit. “Een bedrijfsovername is een complex traject, financieel en emotioneel speelt er veel. Het is juist daarom belangrijk dat in deze zware periode regels de praktijk niet in de weg zitten. Graag wil ik mijn steentje bijdragen om te zorgen voor realistische en praktijkgerichte regelgeving.” Draaijer gaat zich richten op de Jonge Landbouwersregeling en het bedrijfsovernamefonds.

Bedrijfsovernamefonds in troonrede

Zijne Majesteit Koning Willem-Alexander heeft voor het eerst in vijf jaar boeren en tuinders genoemd tijdens de troonrede. In de troonrede werd expliciet aandacht besteed voor het fonds voor jonge boeren die het bedrijf van hun ouders willen overnemen. “Wij zijn zeer verheugd over de waardering van de koning over onze sector en voor de dagelijkse productie van ons voedsel. We zijn positief over  het aangekondigde bedrijfsovernamefonds dat nu daadwerkelijk gaat komen.” aldus NAJK-voorzitter Andre Arfman.

Op Prinsjesdag werd door Zijne Majesteit Koning Willem- Alexander de troonrede voorgelezen: “… En met waardering voor onze boeren, tuinders en vissers, die onder soms moeilijke omstandigheden zorgen voor ons voedsel. Het kabinet komt met gerichte maatregelen om landbouw en natuur meer met elkaar te verbinden. Daarnaast komt er een fonds voor jonge boeren die het bedrijf van hun ouders willen overnemen.”  Ook maakte de regering de miljoenennota bekend.

Behoud vitale agrarische sector

Vergrijzing in de agrarische sector en het gebrek aan (jonge) opvolgers zijn voor NAJK al jaren een signaal dat hierin iets moet gebeuren. Zo wordt een vitale agrarische sector in Nederland behouden. Het opnemen van het bedrijfsovernamefonds was een goede stap in de juiste richting. Nu het bedrijfsovernamefonds concreet ingevuld gaat worden, hoopt NAJK op een goede inzet van de middelen die dit fonds beschikbaar stelt. NAJK zet zich hiervoor in. Ook verwacht NAJK dat er snel duidelijkheid kan worden verschaft over hoe het fonds eruit komt te zien.

Meer geld voor onderzoek

Naast het bedrijfsovernamefonds investeert het kabinet het komende jaar ook weer meer geld in onderzoek. Dit onderzoek is nodig om de huidige uitdagingen waar jonge boeren mee te maken krijgen met feiten te onderbouwen. Ook hier is NAJK tevreden over. Arfman: “We zien dat steeds meer discussies worden gevoerd op emotie in plaats van feiten, dat is geen goede ontwikkeling. De agrarische sector staat de komende jaren voor forse uitdagingen op het gebied van onder andere klimaat, bodemvruchtbaarheid en biodiversiteit. Goed en onafhankelijk onderzoek kan een belangrijke bijdrage leveren in het behalen van de gestelde doelen, zonder dat dit ten koste gaat van het verdienmodel van de (jonge) boer en tuinder.”

NAJK gaat er vanuit dat met deze begroting een basis gelegd kan worden voor de invulling van de visie van het ministerie van landbouw, natuur en voedselkwaliteit. Arfman: “De visie, die ons een stip op de horizon geeft, zal verder uitgewerkt worden in een strategie. Ik hoop dat wij als jonge boeren en tuinders daaraan kunnen bijdragen.”

Herre Kuiper wint NK Veebeoordelen 2018

Op zaterdag 15 september vond het jaarlijkse NK Veebeoordelen plaats. Dit jaar in Edam. Op het zonnige Jan Nieuwenhuizenplein bij de Kaaswaag kwamen 64 afgevaardigde jonge koeienkenners uit alle provincies van Nederland bij elkaar om zwartbonte koeien te keuren op exterieur: frame, type, uier, beenwerk en het algemeen voorkomen. Herre Kuiper werd bekroond tot Nationaal Kampioen Veebeoordelen 2018, gevolgd door Rienk Jonkers. Arno Helder sluit de top 3 af. De beste nieuwkomer dit jaar is Simon de Boer.

 Het NK Veebeoordelen wordt jaarlijks georganiseerd door het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK) in samenwerking met CRV Holding BV. Het NK Veebeoordelen is elk jaar in een andere provincie. Dit jaar is gekozen voor de provincie Noord-Holland. De deelnemers hebben zich via provinciale voorrondes geplaatst voor de landelijke finale. Door deel te nemen aan deze wedstrijden leren de deelnemers een goede koe te herkennen en beschrijven. Vaak zie je voorgaande winnaars van het NK Veebeoordelen dan ook terug als juryleden bij fokwedstrijden.

Zwartbonte koeien

Marije Klever, dagelijks bestuurder en portefeuillehouder melkveehouderij bij NAJK, en burgemeester van de gemeente Edam-Volendam, Lieke Sievers, openden de dag met bemoedigende woorden voor de deelnemers. In de ochtendronde kregen de jonge koeienkenners 25 minuten de tijd het keurdersoog over tien zwartbonte koeien te laten gaan. Uiteindelijk plaatsten 15 deelnemers zich voor de finaleronde.

Winnaar: Herre Kuiper

De finaleronde bestond uit een keuring van vijf koeien en een mondelinge toelichting aan de jury, die werd vertegenwoordigd door Ard Gunnink en Gerbrand van Burgsteden. Met een 10 voor zijn mondelinge toelichting won Herre Kuiper het Nationaal Kampioenschap. Met kop en schouders stak Herre Kuiper boven de rest uit. Rienk Jonkers had voor de derde keer om rij de tweede plek. Hij werd op de voet gevolgd door Arno Helder. De beste nieuwkomer, Simon de Boer, verdiende de aanmoedigingsprijs. Hij eindigde op de zesde plek.

Het NK Veebeoordelen zorgde voor veel bekijks op de Jan Nieuwenhuizenplein  in Edam. Na jaren waren er weer koeien voor een koeienkeuring in Edam, wat door de inwoners van Edam gewaardeerd werd. Jong en oud genoten van de koeien. NAJK kijkt samen met de organisatie, sponsoren en vele vrijwilligers terug op een geslaagd kampioenschap.

Uitslag:

1e: Herre Kuiper(Friesland)

2e: Rienk Jonkers (Drenthe)

3e: Arno Helder (Noord-Holland)

Beste nieuwkomer/aanmoedigingsprijs: Simon de Boer(Noord-Holland)

 

Op foto v.l.n.r.: Arno Helder, Herre Kuiper, Rienk Jonkers, Simon de Boer

Foto: Lisette in ’t Hout – NAJK

NAJK: minister, geef ruimte voor verevening fosfaatrechten!

Het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt roept  minister Schouten van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit op om na te denken over verevening van fosfaatruimte. De cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) die op vrijdag 14 september gepubliceerd zijn geven een onderschrijding van de fosfaatproductie weer. Deze ruimte zou volgens NAJK teruggegeven moeten worden aan melkveehouders. Er is en was veel onduidelijkheid over hoe het fosfaatstelsel uitpakt en daarmee is het extra lastig voor (jonge) boeren om te sturen.

In de Kamerbrief van afgelopen vrijdag heeft de minister duidelijkheid gegeven over de stand van zaken van de verschillende maatregelen binnen het fosfaatstelsel. Uit de prognose van het CBS over 2018 blijkt dat de fosfaatproductie 5 % onder het plafond zit en stikstof 1,5 % boven het plafond.

 Onduidelijkheid

“Het is positief dat het gelukt is om onder het plafond te blijven, maar er is nog steeds veel onduidelijkheid. Als jonge boer met hoge financieringslasten en midden in de bedrijfsontwikkeling is het lastig om goede keuzes te maken als de toekomst onzeker is”, aldus Marije Klever, dagelijks bestuurder NAJK met de portefeuille melkveehouderij.

 Verevening

NAJK pleit ervoor om als  uiteindelijk blijkt dat er ruimte is binnen het fosfaatrechtenstelsel om die ruimte ook aan de melkveehouders terug te geven. “Een nationale verevening zoals uit de tijd van het quotum zou ingezet kunnen worden. 2018 was een complex jaar. Het fosfaatrechtenstelsel is  in 2018 van kracht geworden en de melkveehouders moesten leren omgaan met het nieuwe systeem. Ook werden veel zaken pas in het lopende jaar 2018 vastgesteld. Zo was er bijvoorbeeld lange tijd onduidelijkheid over de knelgevallenregeling. Daarnaast weten veel melkveebedrijven pas in december 2018 in welke excretieklasse ze vallen.  Omdat de kans bestaat dat bij de definitieve berekening ook een onderschrijding van het fosfaatplafond is, vraagt NAJK de minister nu al na te denken hierover”, aldus Klever.

 Lease 

Uit de kamerbrief bleek ook dat er geen mogelijkheid wordt gegeven voor het verleasen van fosfaatrechten zonder afromen. Klever: “We hadden gehoopt dat verleasen zonder afromen ruimte zou geven voor jonge melkveehouders. Vele komen nu in de knel te zitten. Leasen geeft afroming, kopen is duur en de boete is nog onduidelijk. We hopen dat de minister de jonge boeren tegemoet wil komen, verevening lijkt ons een goede optie.”

NAJK en Agrio starten onderzoek: ‘Media met boerenverstand!’

Lees jij vooral vakbladen om nieuws over de agrarische sector te vinden of bekijk je het nieuws op social media? Ben je lid van een studieclub of volg je kennisbijeenkomsten? En wordt er volgens jou wel genoeg ingespeeld op de informatiebehoefte van jonge boeren? Kortom, wat doe jij om up-to-date te blijven?

Doe mee aan het onderzoek ‘Media met boerenverstand’ over het media- en informatiegebruik onder agrarische jongeren! Hoe kunnen we jou beter voorzien van de juiste informatie? Het invullen van de enquête duurt ongeveer 10 minuten.

Dit onderzoek is een samenwerking tussen Agrio en NAJK.

Ledenbijeenkomst DAJK – “Samen sterk op social media”

Wat kan jij doen?

DAJK heeft een belangrijke stem in de discussies die de agrarische sector aan gaan. We brengen de Drentse mening in via 'klankbordgroepen'. De klankbordgroepen willen zich graag aan jullie voorstellen en met jullie sparren over onderwerpen waarbij zij de mening van het DAJK vertegenwoordigen. Behalve via de klankbordgroepen en het NAJK kunnen we onze stem ook laten horen via social media. Als we daarin samenwerken kunnen we heel krachtig zijn.

We hebben daarom Wija Koers uitgenodigd om ons, namens internetmarketingbedrijf Wija, mee te nemen in de wereld van social media en de relatie tot de agrarische sector. Waar bevind jij je in de digitale wereld? Hoe maak je optimaal gebruik van alle mogelijkheden die er zijn? Hoe kunnen we elkaar versterken? En wat moet je vooral niet doen? We starten de avond in aparte groepen per klankbordgroep. De klankbordgroepen melkveehouderij, akkerbouw en intensief zijn aanwezig deze avond, laat jouw mening aan hen horen. Nb. Veel van onze leden zijn zzp'er. Soms hebben zij andere belangen. We hebben nog aparte klankbordgroep voor jullie. Graag sparren we aan het begin van de avond met jullie over of dit nodig is!

Namens de klankbordgroepen

Wanneer: Dinsdag 29 mei 2018Waar: Meursinge Westerbork
Adres: Hoofdstraat 48 in Westerbork
Aanvang: 20.00 uur

Klik hier voor de uitnodiging

Dag 5 – Met een Nederlands tintje

‘s Morgens vroeg vertrokken we vanuit Colonia de Sacramento richting Daan van Langen. Daan is een Nederlandse jongen van 30 jaar oud en woont met zijn vriendin op een akkerbouwbedrijf. Hij woont nu vier jaar in Uruguay en is bedrijfsleider op het akkerbouwbedrijf met 750 ha grond met als hoofdteelten mais en soja.
Een van de overige gewassen die Daan teelt is koolzaad. Dit wordt gebruikt voor biodiesel. Het bedrijf is eigendom van een Amerikaanse investeerder. De soja heeft een hoog saldo, maar in verband met resistentie van onkruiden tegen glyfosaat wordt er ook gewisseld met mais. In de mais kun je onkruiden spuiten met middelen waar soja niet tegen kan. De maisteelt staat er in Uruguay om bekend moeilijk te zijn. Vooral droogte zorgt ervoor dat de opbrengst nog wel eens wil tegenvallen of mislukken. Echter met de juiste aanpassingen lukt het Daan inmiddels om bij de mais nu ook op sommige percelen 10 ton per ha te halen. Hierdoor zit het saldo van mais op Daan zijn boerderij ongeveer even hoog als het saldo van soja. In de winter worden er gewassen geteeld als groenbemester. Een van deze gewassen is rogge en hierover is Daan goed te spreken, omdat de wortels de grond los maken/houden.

Voor het zaaien van de soja past Daan geen grondbewerking toe. De rogge wordt doodgespoten en doorgezaaid met soja. De overgebleven rogge bedekt dan mooi de grond en dit zorgt er onder meer voor dat de grond minder snel uitdroogt. Daan heeft twee vaste medewerkers en in de pieken variabel personeel.

Daan heeft nu 150 stuks vleesvee. Hij zou graag meer organische mest willen gebruiken voor de bodemvruchtbaarheid. Echter dit moet ongeveer 180 km ver weg komen en door de transportkosten is dit te duur. In de toekomst wil hij misschien vleeskuikens gaan houden zodat hij dierlijke mest voor zijn grond krijgt om de bodemvruchtbaarheid te verbeteren en een deel van zijn gewasopbrengsten zou hij kunnen gebruiken als voer. Tot nu toe vonden wij dit misschien wel een van de grootste contrasten met Nederland. In Nederland moeten we betalen om van dierlijke mest af te komen en in Uruguay smeekt de landbouw bijna om dierlijke mest.

Omdat door droogte het risico op een mislukte oogst aanwezig is, Is Daan bezig met de aanschaf van een pivot. Naast de meeropbrengst van gewassen ziet Daan dit ook als een verzekering om de oogst niet te verliezen in een slecht jaar. Daan teelt naast een eindproduct ook nog zaaizaad voor de coöperatie. Hij is groot voorstander van coöperaties door de voordelen van het samen in en verkopen. Het mais en soja dat er op het bedrijf geteeld wordt is allemaal gmo. Daan is een enthousiaste en gedreven ondernemer en het was zeer interessant om zijn bedrijf te bezoeken en zijn verhaal te horen!

Onderweg in de bus kwamen we deze week geregeld protesterende boeren tegen. De boeren zijn boos omdat de overheid hoge belastingen heft op onder meer de brandstoffen en nutsvoorzieningen, wardoor deze erg duur worden (ongeveer 30% duurder dan de omliggende landen). Dit zorgt voor een hoge kostprijs. De landbouw is veruit de grootste sector van Uruguay. Daardoor is eigenlijk alleen bij de landbouw wat te halen voor de overheid. De boeren zouden graag zien dat de belasting die betaald wordt ook weer terug komt bij de landbouw. Momenteel wordt het voornamelijk gebruikt voor sociale voorzieningen.

‘s Middags reden we door naar Interfood. Voordat we bij het bedrijf waren kwamen we door een poort met veel beveiliging. Het bleek dat Interfood is gevestigd op een free trading zone. Dit is een terrein met allerlei handelsbedrijven. Deze vestigingen zijn officieel niet in een land gevestigd. Je kunt het vergelijken met de taxfree shops op het vliegveld. We begrepen dat het onder andere voordelen geeft bij de volgende situaties: 1. producten importeren en pas invoerrechten betalen als je het product weer verkocht hebt in het land van bestemming. 2. Geen inkomens/winst-belasting over de handel.

Wel wordt er gewoon belasting betaald over de salarissen. Door de vele werkgelegenheid die een free trading zone bied is dit interessant voor een overheid.

Interfood is een Nederlands zuivelhandelsbedrijf met vestigingen over de hele wereld. De vestiging waar wij waren was dus niet in een land gevestigd. Vergeet dat je in Uruguay bent zeiden ze. We werden ontvangen door Maria Fernanda Vila. Zij vertelde ons waar Interfood zich mee bezig houdt en over de zuivelmarkt in Uruguay. 70% van de zuivel in Uruguay wordt geëxporteerd. Hiervan wordt ongeveer 50% via Interfood verhandeld. Kort geleden ging er een groot aandeel van de export naar Venezuela. Door de crisis daar is dit terug gegaan naar 0% . Nu gaat het grootste deel van de zuivel naar Brazilië. Door het handelsverdrag met Brazilië, Paraguay, Venezuela en Argentinië (genaamd Mercosur) is Uruguay beperkt in het aantal exportlanden. Dat het overgrote deel van de zuivelexport nu naar Brazilië gaat, zorgt ervoor dat Uruguay erg afhankelijk is van Brazilië, zoals ze dat eerst van Venezuela waren. Dit is een risico.

Kort gezegd koopt Interfood zuivelproducten van zuivelleveranciers en verkoopt dit door over de hele wereld. Het was een interessant verhaal waar we weer veel van geleerd hebben. Wij wisten vooraf niet dat er iets bestond als een free trading zone en een aantal van ons hadden niet verwacht dat zo’n groot deel van de export handel via bedrijven als deze gaat.

Na een aantal uren in de bus kwamen we weer aan in Montevideo waar we overnacht hebben.

Groeten Sicco en Rik

17 vragen en antwoorden over fosfaatrechten

Een nieuwe wereld is open gegaan. Op 1 januari 2018 is het stelsel van fosfaatrechten voor melkvee in werking getreden. Dat betekent dat u vanaf dat moment met uw melkvee niet méér fosfaat mag produceren dan het aantal rechten dat u heeft. Maar waar doet u nu goed aan? Dat hangt natuurlijk van de bedrijfssituatie af. Rendement en risico van het investeren in fosfaatrechten is erg verschillend per bedrijf. Een grote stal met overcapaciteit of juist een collega die maximaal gekort wordt?

Als melkveehouder heeft u een beschikking ontvangen waarin de fosfaatrechten aan u worden toegekend. En nu…? Onderstaand beantwoorden we de belangrijkste vragen over fosfaatrechten.

Melkveehouders

1. Ik heb een beschikking ontvangen, wat nu…?
Controleer uw situatie goed. Check op wel/niet grondgebonden, kortingspercentage, dieraantallen, melkproductie, oppervlakte en fosfaatklasse.

2. Ik heb geen beschikking ontvangen, maar denk wel rechten nodig te hebben. Wat moet ik doen?
Alleen bedrijven met dieren in de categorie 100, 101 en 102 krijgen op basis van het aantal dieren op 2 juli 2015 fosfaatrechten toegewezen. Als de registratie mogelijk niet op orde is, worden er geen rechten toegekend. Deze groep ondernemers moet naar onze mening binnen 6 weken na 1 januari een verzoek indienen bij RVO om fosfaatrechten toegekend te krijgen.

3. Ik ben het niet eens met de hoeveelheid fosfaatrechten. Welke opties heb ik?
U kunt bezwaar maken binnen 6 weken na ontvangst of u kunt zich aanmelden als knelgeval voor 1 april 2018. Het is in ieder geval raadzaam vooraf contact op te nemen met de rechtsbijstandsverzekering.

4. Mijn gegevens zijn niet correct weergegeven in de beschikking. Wat moet ik doen?
Als uw gegevens niet correct zijn, moet u binnen 6 weken bezwaar maken. Voorbeelden van redenen van bezwaar: Pal/Pw-getal onjuist geregistreerd, jongvee onjuist geregistreerd, diermutaties niet correct verwerkt of niet afgeleverde melk. Bij bezwaar tegen onjuistheden in de registratie moet u dat direct zo goed mogelijk toelichten.

5. Ik wil mij aanmelden als knelgeval, kan dat?
Aanmelding als knelgeval is mogelijk vóór 1 april 2018. U komt in aanmerking als knelgeval als u door bijzondere omstandigheden 5% minder melkvee hield op 2 juli 2015. Bijzondere omstandigheden: bouw, diergezondheid, ziekte of overlijden vennoot of aanverwant in eerste graad, publiek project, vernieling of brand. Ook voor starters geldt de knelgevallenregeling.

6. Ik ben voor 2 juli 2015 financiële verplichtingen aangegaan. Maak ik kans als ik bezwaar maak?
In het geval van financiële verplichtingen aangegaan voor 2 juli 2015 is het noodzakelijk aan te tonen dat u disproportioneel nadeel ondervindt van de invoering. Het is belangrijk om uit te rekenen hoe groot het nadeel is en wanneer de onomkeerbare besluiten genomen zijn. Maak binnen 6 weken pro forma bezwaar met een korte motivatie.

7. Hoe en wanneer wordt mijn bezwaar beoordeeld en getoetst?
De manier waarop bezwaren beoordeeld en getoetst gaan worden is nog niet bekend. De VLB-kantoren verwachten samen met RVO tot een efficiënte afhandeling van bezwaren te komen. Waarschijnlijk zullen eerst enkele bezwaren behandeld worden. Daarna vraagt RVO voor andere melkveehouders aanvullende informatie op die nodig is voor de afhandeling. RVO heeft toegezegd onderbouwde bezwaren ten aanzien van onjuiste registraties vlot af te handelen. U moet er dus rekening mee houden dat het vele maanden kan duren voordat u zekerheid heeft.

8. Maak ik meer kans op bezwaar tegen fosfaatrechten als ik succes heb gehad met mijn bezwaar tegen het Fosfaatreductieplan 2017?
Het fosfaatrecht en het Fosfaatreductieplan zijn twee compleet verschillende wetten. De wetten kennen een verschillende juridische basis, andere looptijd en een verschillende knelgevallenregeling. Wij denken dat de bezwaren tegen heffingen in het Fosfaatreductieplan geen effect hebben op bezwaren tegen de fosfaatrechten.

9. Ik had mijn jongvee op 2 juli 2015 uitgeschaard? Hoe kom ik nu toch aan fosfaatrechten?
Vanaf 1 januari 2018 kunt u een verzoek insturen om uw fosfaatrecht op te hogen. Belangrijk is dat de inschaarder moet instemmen met een verlaging van zijn fosfaatrechten. Er moet een overeenkomst zijn tussen in- en uitschaarder. Ook moet met I&R worden aangetoond dat uitscharing heeft plaatsgevonden. Via het formulier In- en uitscharen moet dit gemeld worden via Direct regelen.

10. Ik had mijn jongvee op 2 juli 2015 ondergebracht bij een jongveeopfokbedrijf? Hoe gaat dat met de fosfaatrechten?
Vanaf 1 januari 2018 kunt u een verzoek insturen om uw fosfaatrecht op te hogen. Belangrijk is dat de jongveeopfokker moet instemmen met een verlaging van zijn fosfaatrechten. Er moet een overeenkomst zijn tussen de jongveeopfokker en het melkveebedrijf. Ook moet met I&R worden aangetoond dat sprake was van jongveeopfok.

11. Ik wil fosfaatrechten overdragen. Waar moet ik aan denken?
Een melding bij RVO en 100 euro leges zorgen voor overdacht van de rechten. Let op: houd rekening met een korting van 10% van het aantal rechten. Dit geldt niet in geval van vererving, bloed-/aanverwanten tot de derde graad, partner of teruglevering in hetzelfde jaar.

12. Hoe kan ik het beste reageren met mijn bedrijfsvoering op de invoering van de rechten?
Velen van u willen de gekorte hoeveelheid fosfaat terugkopen. Een begrijpelijke reactie, maar toch.. emotie is een slechte raadgever. Het is verstandig eerst de bedrijfsvoering te optimaliseren binnen de fosfaatrechten die u heeft. In hoofdlijnen betekent dat: streef naar een hoge(re) melkproductie per koe, langere levensduur en zo min mogelijk jongvee. Kijk ook naar uw plannen voor de toekomst. Is samenwerking een optie? Of zijn er andere mogelijkheden? Weet u al waar u wilt staan over 5 jaar? Ook hier kan Flynth u uitstekend begeleiden.

13. Koop of huur van fosfaatrechten. Wat is het beste?
Rechten kunt u kopen of leasen. Flynth kan voor u een berekening maken aangaande rendement en terugverdientijd voor de aanschaf van fosfaatrechten. U kunt ook kiezen voor huur van een jaar of voor langere tijd. Houd ook rekening met de fiscale gevolgen van uw keuze. Op deze wijze kunt u specifiek voor uw bedrijf beoordelen of aanschaf van fosfaatrechten middels koop of lease een passende optie is.

14. Kan ik in aanmerking komen voor fosfaatrechten uit de op te richten Fosfaatbank?
Er is een aankondiging geweest dat een Fosfaatbank wordt opgericht. Die wordt gevuld uit de afroming van de transacties, de 10% korting bij overdracht. De spelregels en de criteria voor toekenning zijn nog volstrekt onduidelijk. Flynth denkt dat de fosfaatbank pas na afhandeling van de bezwaren actief wordt.

15. Ik ga toch meer fosfaat produceren dan mijn rechten. Wat zijn de consequenties?
Let op: als u in een kalenderjaar meer fosfaat produceert dan toegestaan, is er sprake van een economisch delict. Bij een veroordeling wordt u het economisch voordeel afgenomen, ontvangt u een boete en krijgt u een strafblad.

Vleesveehouders/zoogkoeienhouders

16. Ik ben vleesveehouder en heb geen toekenning fosfaatrechten ontvangen. Wat moet ik doen?
Alleen bedrijven met dieren in de categorie 100, 101 en 102 krijgen op basis van het aantal dieren op 2 juli 2015 fosfaatrechten toegewezen. Het jongvee van vlees/zoogkoeien moet worden geregistreerd in categorie 101 en 102. Als de registratie mogelijk niet op orde is, worden er geen rechten toegekend. Deze groep ondernemers moet naar onze mening binnen 6 weken na 1 januari een verzoek indienen bij RVO om fosfaatrechten toegekend te krijgen.

17. Heb ik voldoende rechten toegekend gekregen?
Als vleesvee- en zoogkoeienhouder is het belangrijk te checken op welke diercategorie het vee geregistreerd is. Als de aantallen niet kloppen is het raadzaam binnen 6 weken bezwaar te maken.

Wilt u meer informatie over fosfaatrechten? Neem dan contact op met uw Flynth adviseur. U kunt ook een e-mail sturen naar agro@flynth.nl of bellen met 088 – 236 77 77.

Sectororganisaties doen dringend beroep op melkveehouders

De belangenorganisaties van de melkveehouderij LTO Nederland, NMV en NAJK en de zuivelondernemingen verenigd in de NZO benadrukken het grote belang van een sluitend systeem van identificatie en registratie van runderen voor de Nederlandse rundveesector. Zij wijzen melkveehouders op hun individuele verantwoordelijkheid hierin.

Het I&R-systeem is cruciaal voor de sector. LTO, NMV, NAJK en de zuivelondernemingen zijn dan ook verontwaardigd dat een deel van de melkveehouders het afgelopen jaar heeft gefraudeerd met het I&R-systeem in het kader van het fosfaatreductieplan. Fraude is onacceptabel.

Het is in het belang van de sector om ervoor te zorgen dat het I&R-systeem zo snel mogelijk op orde komt. De organisaties gaan na welke mogelijkheden zij hebben om samen met het ministerie de fraude op te sporen en tegen te gaan.