Hendrik Spiker winnaar MaïsChallenge 2018!

Met een verschil van 1,5 punt won melkveehouder Hendrik Spiker uit Staphorst de MaïsChallenge 2018.  Landbouwwoordvoerder Helma Lodders maakte dit tijdens de prijsuitreiking op woensdag 13 februari op Aeres Hogeschool Dronten bekend. De vierde editie van het kennisuitwisselingsproject van het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK) en Limagrain stond in het teken van bodem en milieu. In totaal gingen 41 jonge boeren met elkaar de strijd aan wie het beste maïs kon telen.

Winnaar Hendrik Spiker was blij verrast met de prijs: “Ik deed mee met de MaïsChallenge om meer kennis op te doen over maïsteelt. De reis naar Frankrijk winnen is een mooie beloning voor de inspanning. Je leert er weer nieuwe dingen bij. Ik deed dingen al wel goed, maar nu weet ik ook waarom die zo gedaan worden.”

De uitreiking werd gestart met een terugblik op afgelopen seizoen door Limagrain. Ludwig Oevermans (adviseur Limagrain) sprak over het bijzondere maïsjaar. Door de warmte kon in april al gezaaid worden, de grond was nog vochtig en de maïs kwam goed op, daarna kwam de droogte. Vooral lichte zandgronden hadden het zwaar, qua puntentelling moesten ze wel door de omstandigheden heen kijken. Toch concludeerde Eurofins Agro naar aanleiding van hun analyse dat de deelnemers hoger scoren op VEM, droge stof en zetmeel dan het gemiddelde.

Winnaars 2018

Helma Lodders kon zelf niet aanwezig zijn en maakte daarom via een videoboodschap de winnaars bekend. Winnaar Spiker won een geheel verzorgde studiereis naar Clermont-Ferrand, het maïsproductiecentrum van Frankrijk en de bakermat van Limagrain. Tweede prijs, een smartwatch, werd gewonnen door Jeffrey Bos. De derde prijs, een bluetooth box, werd gewonnen door Otto van Zoelen. Er waren punten te behalen op bodem, opkomst, oogst, in- en uitkuilen en participeren. De deelnemers konden in totaal 106 punten halen. De nummers één, twee en drie hadden respectievelijk 102, 100,5 en 99,5 punten behaald. Studenten van het Zone College werden vierde. Voor hen is, vanwege hun grote inzet, speciaal een prijs bedacht: een excursie naar het laboratorium van Limagrain in Rilland.

Maïsspecialisten geworden

De jonge boeren kregen tijdens de MaïsChallenge 2018 aan de hand van masterclasses over bodem en milieu, kennis aangereikt om meer en gezondere opbrengst uit hun maïs te halen. Voor veehouders is het zelf telen van ruwvoer een belangrijke factor voor een succesvol bedrijf. Met extra aandacht voor de teelt, het uitwisselen van ervaringen met collega’s en praktische kennis van een toonaangevend maïsveredelaar zijn de deelnemers echte maïsspecialisten geworden.

Leendert Jan Onnes nieuwe portefeuillehouder akkerbouw bij NAJK

Het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK) heeft een nieuwe portefeuillehouder akkerbouw. Leendert Jan Onnes is tijdens de algemene ledenvergadering op 31 januari 2019 unaniem verkozen als de nieuwe dagelijks bestuurder. Onnes volgt hiermee Doeko van ’t Westeinde op die zich de afgelopen vier jaar zich ingezet heeft voor de belangen van de jonge akkerbouwers. 

Tijdens de alv stelde Onnes zich voor en nam van ’t Westeinde afscheid van het dagelijks bestuur van NAJK. Namens het dagelijks bestuur en alle provinciale afgevaardigden bedankte NAJK-voorzitter Andre Arfman van ’t Westeinde voor zijn inzet in de afgelopen jaren. Dankzij de inzet van Doeko van ’t Westeinde heeft NAJK namens de Nederlandse jonge akkerbouwers een prominente rol kunnen spelen in belangrijke discussies.

Leendert Jan Onnes nieuwe portefeuillehouder akkerbouw
Onnes heeft samen met zijn vader een akkerbouwbedrijf met 120 hectare in het Groningse Finsterwolde. Hier verbouwen zij (winter)tarwe, suikerbieten, koolzaad, luzerne en doen zij aan agrarisch natuurbeheer. Onnes heeft internationale bedrijfskunde gestudeerd en de master Business  Marketing / Marketing Research aan De Rijksuniversiteit Groningen gevolgd. Daarna heeft hij jaren in de landbouwmechanisatie gewerkt. Daar op het erf van andere boeren kwam hij erachter dat zijn hart op de boerderij ligt. Onnes: “In de akkerbouw zijn er momenteel een aantal uitdagingen. Vooral op het gebied van duurzaamheid, de kwaliteit van onze bodem en klimaat. Ik zie het daarom als een eer dat ik mij namens NAJK in mag gaan zetten voor oplossingen die bijdragen aan een toekomst voor jonge akkerbouwers, met genoeg zekerheid en mogelijkheden om zich verder te blijven ontwikkelen.” Het heeft niet altijd vast gestaan dat Onnes de boerderij zou overnemen. Onnes: “Mede door veranderende wetten en regelgeving is een zekere toekomst als boer niet vanzelfsprekend. Bij NAJK kan ik de uitdaging aan gaan om hier daadwerkelijk iets te doen en zo andere jonge akkerbouwers te helpen.”

Afscheid Doeko van ’t Westeinde
Van ’t Westeinde nam vandaag afscheid als dagelijks bestuurder akkerbouw en penningmeester van NAJK. Hij heeft na een bestuursperiode van vier jaar afscheid genomen. “Doeko van ’t Westeinde heeft zich afgelopen jaren hard ingezet op het actieprogramma nitraatrichtlijn, zich gemengd in de discussie over datadelen, actieplan plantgezondheid en natuurinclusieve landbouw”, aldus Arfman. “We waarderen zijn doordachte constructieve bijdrages en enorme inzet voor de akkerbouw en NAJK.”

Bekijk de video waarin Leendert Jan Onnes zich voorstelt.

De toekomst begint vandaag | Een goede start van 2019!

Het jaar 2019 begint goed voor de vijf jonge agrarisch ondernemers die als winnaars uit de bus kwamen bij de actie ‘De toekomst begint vandaag’. Deze actie biedt jonge boeren en tuinders professionele ondersteuning bij uitdagingen en problemen van de ontwikkeling bij hun toekomstvisie. Donderdag 10 januari 2019 leerden de jonge boeren elkaar en elkaars uitdagingen kennen.

Hoe ziet de toekomst eruit?

Het coaching traject vanuit de Rabobank met de jonge ondernemers is uniek. De coaching is gepersonaliseerd en hangt af van het probleem of de uitdaging van de jonge boer.  NAJK zal de jonge boeren op de voet volgen, via bijvoorbeeld blogs en vlogs,  dus houd onze website en social media in de gaten! Op deze manier willen we een inkijkje geven in bepaalde problemen die misschien ook wel bij jou spelen.

Wie zijn de winnaars?

Graag stelt NAJK en Rabobank de jonge agrarisch ondernemers aan jullie voor:

Maarten de Groot

Hoe ga je ermee om wanneer meerdere broers en/of zussen het boerenbedrijf over willen nemen? Dat is een vraagstuk waar Maarten de Groot 33 jaar, mee worstelt.  Hij en zijn broer willen beiden graag melkveehouder worden, hoe ga je daar met de familie mee om? Ga je het bedrijf splitsen of moet er een ander bedrijf bij gezocht worden in de omgeving?

Joris van Lierop

Als agrarisch ondernemer in de legpluimveesector houdt Joris van Lierop 160.000 leghennen. De productie van de eieren gaat efficiënt, alleen de prijzen voor de scharreleieren zakken vaak door de ondergrens. Hij vraagt zich daarom af of een uitbreiding van het bedrijf wel de juiste investering is of dat hij op zoek moet naar nieuwe verdienmodellen zoals vrije uitloop- of bio-leghennen.

Thomas Zijlmans

Akkerbouwer in de mooie West-Brabantse klei, dat is hoe Thomas Zijlmans zichzelf omschrijft. Hij wil graag omschakelen naar een biologisch akkerbouw bedrijf. Tijdens zijn studie kwam hij namelijk in aanraking met biologische akkerbouw. Hij heeft zich al verdiept in de markt en de teelt, alleen moet hij zijn plannen nu nog omzetten naar een bedrijfsplan. Hij wil graag weten wat de bedrijfskundige consequenties van deze omschakeling zullen zijn en deze in kaart brengen.

Remco Kruitbos

Remco Kruitbos heeft geen agrarisch bedrijf in de familie die hij over kan nemen, maar wil wel graag melkveehouder worden. Via zijn werk bij een melkveehouder zonder opvolger kan hij misschien toch zijn droom om boer te worden verwezenlijken. De samenwerking loopt goed maar bij een buitenfamiliaire overname lopen beide partijen vaak tegen financiële en emotionele drempels  aan. Hoe kan een buitenfamiliaire overname tot een succes gebracht worden?

Linda Versluis- Swagemakers

De winkel van Linda Versluis-Swagemakers loopt goed, ze heeft net de leiding overgenomen van haar schoonouders en wil de winkel graag eigen maken. Ook is de winkel aan een verbouwing toe, hoe maakt ze de winkel toekomstbestendig? Een breder assortiment? Beleving in de winkel creëren? Of klanten meer bij te brengen over de vitamines en mineralen die in de producten zitten? Welke ideeën hebben de meeste potentie en hoe zet je de ideeën om naar realisatie?

De winnaars zijn ook te volgen op het agrarisch Rabobankplatform Global Farmers waar je ze vragen kunt stellen of tips kunt geven.

NAJK ondertekent Green Deal ‘Natuurinclusieve Landbouw in Groen Onderwijs’

NAJK ondertekende vandaag, 16 januari, Green Deal ‘Natuurinclusieve Landbouw in Groen Onderwijs. Deze deal werd ook ondertekend door Minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV), Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, samen met het Interprovinciaal Overleg (IPO), 21 onderwijsinstellingen en de vereniging BoerenNatuur. Met Green Deals wil de overheid de versnelling naar een duurzame economie versnellen. In deze Green Deal hebben alle partijen afgesproken dat natuurinclusieve landbouw een integraal onderdeel wordt van het groene onderwijs.

Waarom een Green Deal?
Natuurinclusieve landbouw heeft als doel om de kracht van de natuur zo goed mogelijk te benutten in de agrarische bedrijfsvoering. Denk aan niet-kerende grondbewerking, weidegang of natuurlijke plaagdierbestrijding. Inspanningen moeten zoveel mogelijk bijdragen aan het bedrijfseconomisch perspectief van agrariërs. Veel kennis hiervoor ontbreekt nog of wordt onvoldoende ontsloten. Onderwijsinstellingen willen de rol op zich nemen om deze essentiële kennis beter in het onderwijssysteem te integreren en op te nemen als vast onderdeel in hun curriculum. Doel is om niet alleen bij studenten, maar ook bij  huidige agrariërs en adviseurs kennis over dit onderwerp bij te brengen. De universiteiten van Wageningen, Groningen en Utrecht dragen onder andere bij aan de wetenschappelijke onderbouwing.

Waarom ondertekent NAJK deze deal?
Doeko van ’t Westeinde, dagelijks bestuurder NAJK met de portefeuille akkerbouw, is namens NAJK betrokken bij deze deal: ”NAJK ziet het belang van natuurinclusieve landbouw en wil jonge boeren inspireren, stimuleren en (praktijk)kennis bieden om stappen in deze richting te zetten. NAJK hoopt in de toekomst gastdocentschappen op groene scholen te geven en informatieavonden voor leden te organiseren over dit onderwerp.“

Doeko van ’t Westeinde is akkerbouwer en bezig met natuurinclusieve landbouw. Bekijk hier zijn video voor de Green Deal: https://youtu.be/PcAvmc92NIg en hier voor alle partijen: https://youtu.be/GSsib0BTZPM

Hoe verder?
NAJK neemt deel aan een werkgroep die de voortgang van de Green Deal evalueert en waar nodig bijstuurt.

Zuivel neemt verantwoordelijkheid bij reductie broeikasgassen

De zuivelsector levert de komende jaren een forse bijdrage aan vermindering van de uitstoot van broeikasgassen. In het vandaag gepresenteerde Klimaatakkoord reduceert de zuivelsector tot 2030 voor in totaal 1,6 megaton aan broeikasgassen en voldoet daarmee aan de gevraagde opgave vanuit de overheid.

De bijdrage van de zuivelsector is als bijlage integraal opgenomen in het deelakkoord Landbouw en Landgebruik van het nationale Klimaatakkoord. Organisaties van melkveehouders (LTO Nederland, NAJK, NMV) en zuivelondernemingen (NZO) hebben het deelakkoord, dat voor alle sectoren geldt, onderschreven.

Het deelakkoord is een volgende stap in de verdere verduurzaming van de zuivelketen. Melkveehouders en zuivelondernemingen werken op eigen initiatief al jaren samen aan de reductie van broeikasgassen. Dat gebeurt onder meer door efficiënter om te gaan met hulpbronnen als mineralen en energie en door het gebruik van hernieuwbare energie via zonnepanelen, windmolens en mestvergistingsinstallaties.

Alle ketenpartijen leveren een bijdrage

In het akkoord is vastgelegd dat de beoogde reductie van de zuivelsector mogelijk is als alle partijen in de keten een bijdrage leveren: agrarische ondernemers, verwerkende en toeleverende industrieën, overheden, maatschappelijke organisaties, banken en retail. Een andere voorwaarde is de beschikbaarheid van een adequaat financieel pakket van de overheid met financiële-, fiscale- en investeringsregelingen voor melkveehouders en gewenste aanpassingen in wet- en regelgeving.

Het akkoord baseert zich op een bedrijfsgerichte aanpak, waarbij de melkveehouder zelf bepaalt met welke maatregelen hij de emissie van broeikasgassen op zijn bedrijf vermindert. De klimaatprestaties van de melkveehouders worden individueel en ook sectoraal gemeten, gemonitord en inzichtelijk gemaakt via de carbon footprint monitor. Om de veehouders te ondersteunen zal de zuivelsector in 2019 samen met de veevoerindustrie en overheden een onafhankelijk expertisecentrum opzetten. 2

Verdienmodel voor melkveehouders

In het akkoord is afgesproken dat betrokken partijen binnen de bestaande mededingingsregels een verdienmodel uitwerken. Dat moet melkveehouders in staat stellen te investeren in de reductie van broeikasgassen. Het verdienmodel moet uiterlijk 1 januari 2020 gereed zijn.

Het akkoord moet in 2030 leiden naar een klimaatverantwoorde zuivelsector en een energieneutrale melkveehouderij. De sector reduceert dan 1,6 megaton CO2-equivalenten aan broeikasgassen in Nederland. De reductie valt uiteen in twee delen. Maatregelen die te maken hebben met het dier, diervoeding, mestopslag en bemesting leiden tot een reductie van methaan gelijk aan 0,8 megaton CO2- equivalenten. Met energiebesparende maatregelen, de productie van duurzame energie en maatregelen op gebied van bodem en gewas wordt nog eens 0,8 megaton aan CO2-equivalenten gereduceerd. Daarmee voldoet de sector aan de opgave die zij gekregen heeft.

Daarnaast verwacht de zuivelsector klimaatwinst in het buitenland te behalen. Uitvoering van het advies van de Commissie Grondgebondenheid leidt er toe dat de melkveehouders meer eiwitrijke gewassen op eigen grond gaan telen. De import van soja en palmpitten zal daardoor de komende jaren fors afnemen. Dat levert naar verwachting nog eens 1,0 megaton aan besparing op bovenop de geformuleerde taakstelling.

Onderhandelaarsakkoord klimaat gepresenteerd

21 december presenteerde Ed Nijpels, voorzitter van het Klimaatberaad, het onderhandelaarsakkoord ‘klimaat’. Het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK) is de afgelopen periode betrokken geweest bij de onderhandelingen over de invulling van de reductiedoelstelling voor de sectortafel Landbouw en Landgebruik. NAJK is tevreden dat er ondanks de beperkte tijd, nu toch een akkoord ligt.

Het Klimaatberaad is opgericht door het huidige kabinet om de klimaatdoelstellingen uit het ‘Akkoord van Parijs’ te behalen. Het klimaatberaad staat onder leiding van Ed Nijpels en is opgedeeld in vijf sectoren. De vijf sectoren zijn: industrie, energie, bebouwde omgeving, mobiliteit en landbouw en landgebruik. Het agrarische bedrijf heeft raakvlakken met onderwerpen die op verschillende sectortafels worden besproken.

Doelstelling kabinet

De doelstelling voor landbouw en landgebruik besloeg 3,5 miljard kilogram (ook wel als megaton of Mton aangegeven) minder in 2030. Deze doelstelling volgt uit het regeerakkoord van het kabinet. Ook heeft het kabinet in het regeerakkoord aangegeven dat deze 3,5 megaton onderverdeeld worden in een reductie van 1 megaton op basis van methaan, 1 megaton op basis van glastuinbouw en 1,5 megaton op landgebruik. Het akkoord beschrijft op welke wijze de landbouw aan deze doelstellingen gaat voldoen.

Technische maatregelen

NAJK is blij dat er gekozen wordt voor technische maatregelen boven volumebeperkende maatregelen (beperking in dieraantallen) om de reductie te behalen. Dit om voldoende toekomstperspectief te behouden voor de sectoren. NAJK realiseert zich wel dat deze technische maatregelen wel impact kunnen hebben op de dagelijkse bedrijfsvoering op bedrijven. “ We zullen bepaalde aanpassingen moeten doorvoeren om de reductie opgave te behalen, maar die zijn ook in ons eigen belang. Immers, onze sector heeft ook het meeste last van klimaatverandering. Daarnaast bieden wij als sector ook oplossingen, die ons nieuwe kansen zullen opleveren”, aldus Andre Arfman, voorzitter NAJK.  Een voorbeeld hiervan is de opslag van koolstof in de bodem. Dit heeft een positief effect op de bodem en neemt CO2 uit de lucht weg.

Meer uitdagingen dan klimaat alleen

Punt van aandacht blijft volgens Arfman dat de samenhang met andere uitdagingen voldoende bewaakt wordt. Arfman: “De agrarische sector staat voor meer uitdagingen dan klimaat alleen, wij moeten bijvoorbeeld ook doelstellingen behalen op het gebied van biodiversiteit.  Het kan dus niet zo zijn dat wanneer belangen botsen dat de boer dit maar moet oplossen en daardoor zijn werk negatief beïnvloed wordt.” Een agrarisch ondernemer heeft  naast de onderwerpen die vallen onder de tafel Landbouw en Landgebruik ook raakvlakken met bijvoorbeeld de tafel energie (energiebesparing en –opwekking) en mobiliteit (landbouwvoertuigen). NAJK heeft zorgen op het gebied van ruimte. Veel gekozen maatregelen vragen ruimte (zonneweides, productie biomassa, aanleg nieuwe natuur e.d.). Arfman: “ Het kan niet zo zijn dat bedrijven van toekomstgerichte jonge ondernemers hierdoor in de knel komen en niet verder kunnen ontwikkelen, hiervoor zullen we in het vervolgproces blijven strijden.”

Aankomende periode zal het onderhandelaarsakkoord worden doorgerekend door het Planbureau voor de Leefomgeving. Ook wordt dit akkoord voorgelegd aan de achterbannen van de verschillende deelnemende organisaties in het akkoord. Op zijn vroegst wordt er komend voorjaar een definitief akkoord verwacht.

Voorlopig geen fosfaat uit fosfaatbank voor jonge boeren

De fosfaatbank blijft voorlopig dicht. Een motie in de Tweede Kamer van Jaco Geurts (CDA) en Helma Lodders (VVD) waarin gevraagd wordt om de fosfaatbank in te zetten om een nieuwe generieke korting te voorkomen is gisteren aangenomen. Minister Schouten van het ministerie van LNV heeft aangegeven achter de motie te staan en de bank dicht te houden zolang er nog rechtszaken lopen. NAJK staat achter het besluit als dit voorkomt dat er een nieuwe generieke korting komt.

Afgelopen maanden was er veel te doen over het fosfaatrechtenstelsel. De onduidelijkheid over de boete gaf onrust in de melkveesector en op de fosfaatmarkt. Ook was er discussie ontstaan over het uitdelen van rechten aan vleesveehouders. Daarnaast werd in de loop van 2018 duidelijk hoe lastig het sturen op fosfaatproductie op bedrijfsniveau is. Dagelijks bestuurder NAJK met de portefeuille melkveehouderij, Marije Klever, heeft de zorgen van de jonge boeren over de verschillende thema’s gedeeld, verzocht om meer duidelijkheid te verschaffen in de cijfers en benadrukt om de ruimte die er is goed te benutten. “Het voorkomen van een nieuwe generieke korting heeft de hoogste prioriteit, zelfs als dit betekent dat de fosfaatbank niet open gaat”, aldus Klever.

Nog te veel rechten in de markt

Minister Schouten van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) heeft in de Kamerbrief van vrijdag 7 december en het Kamerdebat van donderdag 13 december duidelijkheid gegeven over de cijfers en aangegeven dat er geen ruimte is voor toekenning van meer fosfaatrechten. Met het aantal fosfaatrechten dat momenteel in de markt is, kan het sectorplafond worden overschreden. De CBS cijfers laten zien dat er nu geen overschrijding is. Het gevolg hiervan is dat de fosfaatbank voorlopig niet opengaat. Klever: “Het is jammer dat de fosfaatbank waarin jonge boeren een voorkeursrecht hebben niet open gaat, maar als dit een nieuwe generieke korting voorkomt is dit de juiste beslissing”.

Discussie over knelgevallen

Al het gehele jaar is er discussie over knelgevallen en of en hoe deze geholpen kunnen worden. De dynamiek in de cijfers van fosfaatrechten geeft reden om discussie te voeren over hoe deze cijfers geïnterpreteerd moeten worden. In het Kamerdebat op 13 december kwam dit ook naar voren. Klever: “Het is belangrijk dat er duidelijkheid komt over de cijfers en het glashelder wordt of er ruimte is. Wanneer er ruimte is, moet duidelijk worden hoe daarmee omgegaan wordt. Alleen dat brengt rust in het fosfaatrechtenstelsel”. Verder heeft minister Schouten aangegeven dat zij bij het OM wil aangeven dat boeren die bezwaar hebben gemaakt geen duidelijkheid hadden over hun beschikking. Of dit de boete zal beïnvloeden kan zij echter niet garanderen.

Weidegang Trofee voor alle boeren

Vanwege het record aantal boeren dat de koeien buiten laat lopen hebben alle boeren dit jaar de Weidegang Trofee gewonnen. Dagelijks bestuurder NAJK met de portefeuille melkveehouderij, Marije Klever, heeft woensdagmiddag 19 december de Weidegang Trofee in ontvangst mogen nemen. De Weidegang Trofee werd uitgereikt tijdens de bijeenkomst van het Convenant Weidegang.

Uit gegevens van de zuivelondernemingen blijkt dat inmiddels 82,0 procent van de melkveehouders de koeien laat grazen. Sinds in 2012 weidegang gestimuleerd is, is het percentage niet zo hoog geweest. Diverse partijen, waaronder ook NAJK, hebben eerder hun handtekening gezet onder het Convenant Weidegang om de koe in de wei te houden. Doelstelling van het convenant was om weidegang te behouden op minimaal het niveau van 2012, wat 81,2 procent betrof.

Niet verplicht, wel doelstelling behaalt
In het huidige regeerakkoord staat beschreven dat de huidige regering geen verplichte weidegang wil. De melkveehouderij moet uiterlijk in 2020 haar eigen doelstelling voor weidegang behalen. NAJK is trots op wat de melkveehouderijsector heeft bereikt. “Zonder verplichting hebben we als sector toch de doelstelling op het gebied van weidegang gehaald. Als we dit als sector kunnen, dan kunnen we ook andere uitdagingen als sector met elkaar aan”, aldus Klever.

Trofee weidegang

Trofee weidegang

NAJK-project Wei en Maatschappij
Afgelopen jaren zijn er verschillende projecten geïnitieerd om kennis over weidegang over te dragen en weidegang te bevorderen. Mede door deze projecten is het percentage van 82,0 procent weidende bedrijven gehaald. In de verschillende speeches die werden gehouden tijdens de bijeenkomst van het Convenant Weidegang werd ook positief gesproken over het NAJK-project Wei en Maatschappij. NAJK geeft binnen dit project gastlessen over weidegang op agrarische mbo en hbo’s en verzorgt avonden over weidegang bij haar lokale afdelingen (AJK’s).

Vanaf 3 december weer JOLA openstelling

Vanaf maandag 3 december 2018 tot en met vrijdag 8 februari 2019 wordt de Jonge Landbouwersregeling (JOLA) weer opengesteld. Jonge boeren en tuinders kunnen een aanvraag indienen voor de aanschaf van modernere voorzieningen, installaties en machines. Dit is de vierde keer dat de JOLA wordt opengesteld. In november maken de Gedeputeerde Staten per provincie de investeringslijsten bekend.

De JOLA-regeling is onderdeel van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) 2014-2020. De regeling is bedoeld om jonge agrarische ondernemers te ondersteunen in het verduurzamen en versterken van hun bedrijf. De regeling is speciaal gericht op de jonge land- en tuinbouwers, omdat deze groep vaak door de bedrijfsovername of start van de onderneming financieel weinig of geen mogelijkheden heeft om het bedrijf te versterken. Ondernemers tot en met 40 jaar kunnen onder voorwaarden subsidie aanvragen. De subsidie bedraagt 30% van de investering en is bedoeld voor investeringen die bijdragen aan verduurzaming op het bedrijf van een jonge agrarische ondernemer. Het subsidiebedrag bedraagt minimaal € 10.000,00 en maximaal € 20.000,00 per aanvraag. De investeringsmogelijkheden kunnen per provincie verschillen doordat de JOLA provinciaal opengesteld wordt.

Verbeteringen merkbaar

“NAJK heeft zich afgelopen periode hard ingezet voor een passende JOLA-regeling. Er zijn ten opzichte van de openstelling in 2017 een aantal verbeteringen in de regeling doorgevoerd. De investeringslijst is uitgebreid. Het is nu voor meerdere sectoren mogelijk om investeringen onder de JOLA te doen.”, aldus Sietse Draaijer, dagelijks bestuurder NAJK met de portefeuille bedrijfsovername. Ook zijn er een aantal onduidelijkheden en problemen uit de eerdere openstellingen opgelost. Draaijer: “Mochten zich nog problemen bij het aanvragen van de JOLA voordoen, dan is het van belang om tijdens en na de openstelling deze aan te geven bij jouw provincie. Problemen die vaak voorkomen worden opgepakt door de provincies. ”

Persoonlijk BRS-nummer aanvragen

Voor het aanvragen van de JOLA heeft een jonge boer of tuinder een persoonlijk BRS-nummer nodig. Deze moet vermeld worden op de aanvraag. Het BRS-nummer van het agrarische bedrijf voldoet niet voor een JOLA-aanvraag. Draaijer: ”Het kan enkele dagen duren voordat de aanvraag van een persoonlijke BRS-nummer rond is. Vraag daarom zo snel mogelijk een persoonlijk BRS-nummer aan als je gebruik wilt maken van de JOLA.” Een BRS-nummer kan altijd worden aangevraagd, dus ook voor de openstelling van de JOLA-regeling.