Prinsjesdag markeert de start van een politiek jaar waarin grote keuzes voor de Nederlandse land- en tuinbouw moeten worden gemaakt. Het kabinet legt een historische opgave op het boerenerf, en zet daar circa 20 miljard euro tegenover. Voorzitter Gerben Boom: “Met 20 miljard euro liggen er middelen om boeren vooruit te helpen. Randvoorwaarde is wel dat vooraf duidelijk is waar boeren aan toe zijn. Alleen met betrouwbaar en uitvoerbaar beleid ontstaat er handelingsperspectief en ruimte voor vergunningsverlening.”

Jonge boeren en tuinders willen bewegen. Ondernemers zijn bereid stappen te zetten in emissiereductie en dierenwelzijn om hun bedrijf toekomstbestendig te maken. Maar wie veel vraagt van ondernemers, moet hen ook daadwerkelijk in staat stellen die beweging te maken. De miljarden die het kabinet voor landbouw beschikbaar stelt, zijn daarom geen eindpunt, maar het begin van goed structuurbeleid.

Troonrede

De Troonrede onderstreept dat boeren duidelijkheid en toekomstperspectief verdienen en dat verder uitstel of afstel van de stikstofaanpak onverantwoord is. Wat NAJK betreft is het daarom nu of nooit. Een werkende aanpak stelt niet alleen doelen, maar stelt boeren ook daadwerkelijk in staat om die doelen te halen. Dat vraagt om goede ondersteuning en een gerichte inzet van middelen, maar begint bovenal bij betrouwbaar en uitvoerbaar beleid. Want geld kan pas effectief worden ingezet als de basis op orde is. Alleen dan ontstaat het handelingsperspectief waar boeren al te lang op wachten.

Oproep aan Tweede Kamer

NAJK roept de Tweede Kamer op om te zorgen voor betrouwbaar en uitvoerbaar beleid en de middelen vervolgens zo in te zetten dat boeren daadwerkelijk kunnen handelen. Het trappetje van Remkes moet daarbij het uitgangspunt zijn. Jonge boeren en tuinders moeten een reële keuze krijgen tussen innoveren, extensiveren, verplaatsen en stoppen. Dat vraagt om samenhangend beleid waarin deze routes niet alleen op papier bestaan, maar voor ondernemers ook daadwerkelijk haalbaar zijn. Daarvoor is ondersteuning nodig op drie fronten:

  • financieel, met voldoende middelen om investeringen haalbaar en betaalbaar te maken;
  • fiscaal, onder andere door MIA/Vamil krachtig in te zetten en fiscale belemmeringen bij verplaatsing, bedrijfsbeëindiging en bedrijfsovername weg te nemen;
  • ruimtelijk, door procedures te versnellen, ondernemers van begin tot eind te begeleiden en ruimte te bieden voor verplaatsing, nieuwvestiging en toegang tot grond.

Alleen zo krijgt iedere ondernemer daadwerkelijk de mogelijkheid om een toekomstbestendige keuze voor zijn of haar bedrijf te maken.

Gerben Boom: “Jonge boeren en tuinders willen vooruit en zijn bereid de stappen te zetten die nodig zijn. Met 20 miljard euro liggen de middelen op tafel om die beweging mogelijk te maken. Zorg er nu voor dat iedere ondernemer daadwerkelijk kan kiezen voor de route die bij zijn bedrijf en toekomst past. Als we dat goed organiseren, kunnen jonge boeren en tuinders weer met vertrouwen investeren in de toekomst.”