Doe wat je zegt

Afgelopen maand vond de langverwachte stemming in ComAgri (de commissie van het Europees Parlement over landbouw en plattelandsontwikkeling) plaats over het nieuwe GLB (Gemeenschappelijk Landbouwbeleid). Er zijn duizenden wijzigingsvoorstellen op ingediend en inmiddels dus in stemming gebracht. Als CEJA-vicevoorzitter ben ik sinds anderhalf jaar betrokken bij dit proces. Intensieve overleggen en doelgerichte acties ten spijt: het heeft maar beperkt invloed gehad. Als jonge boeren zijn we immers niet de enige groep die ‘iets’ willen in het nieuwe GLB.

Budget onder druk

Het is al enkele jaren bekend dat het budget voor het GLB zwaar onder druk staat. Nettobetaler Groot-Brittannië neemt (zoals het nu lijkt) afscheid van de EU en andere landen willen niet méér bijdragen. Ook bij onderwerpen als veiligheid en migratie wordt er door lidstaten van de EU naar Brussel gekeken. Een gezamenlijk beleid is nodig om succesvol te kunnen zijn. En dat allemaal terwijl de totale ‘taart’, die het budget moet voorstellen, niet groter, maar juist kleiner wordt. Verder is er natuurlijk ook nog de diepe wens van natuur- en milieuorganisaties om een groter deel van het budget te gebruiken voor biodiversiteitsdoelen. Ook NAJK en CEJA zien dit zitten, maar dan wel onder bepaalde voorwaarden. We willen graag een ambitieus beleid, waarin boeren worden beloond en niet worden gecompenseerd voor hun inzet om (biodiversiteits-)prestaties te kunnen halen. Op die manier kun je boeren motiveren een bijdrage te leveren die bij ze past, zowel persoonlijk als bedrijfsmatig.

Het nieuwe GLB voorstel

In het nieuwe voorstel worden er negen verschillende doelen uitgewerkt. Hier is de zogeheten ‘vernieuwing in de generaties’ één van. Jonge boeren staan dus hoog op de agenda van de Europese Commissie. Toch heeft ComAgri besloten hier maar beperkt budget voor vrij te maken. Hoewel de commissievoorstellen na de zomer nog in stemming gebracht moeten worden in het (nieuwe) gehele Europees Parlement, lijkt het er nu op dat er voor Nederlandse boeren wel meer geld beschikbaar komt voor de zogeheten top-up, een ondersteuning voor jonge boeren in het GLB. Dit is overigens hard nodig, want het huidige budget wordt flink overvraagd. Het top-up-geld wordt wel uitgesmeerd over zeven jaar, in plaats van vijf. Of er überhaupt een nieuwe Jonge Landbouwersregeling (JOLA) komt, dat weten we nog niet. De komende maanden zullen we daar als NAJK met het ministerie van LNV over praten: de JOLA wordt namelijk op nationaal niveau geregeld.

Doe wat je zegt!

Zowel Europarlementariërs als minister Schouten spreken veel over jonge boeren: zij hebben de toekomst. Het is vreemd dat er dan geen extra (geoormerkt) geld beschikbaar komt. Met alleen prachtige vergezichten en positieve boodschappen over kringlooplandbouw en nieuwe verdienmodellen komen we er niet. Als we echt voor meer jonge boeren, meer innovatie en toekomstbestendige bedrijven willen gaan, zijn er harde euro’s nodig. Richting ComAgri is het een gelopen race, maar richting minister Schouten en de kandidaten voor de Europese Parlementsverkiezingen is mijn boodschap ‘put your money where your mouth is’: doe wat je zegt!

___________________________________________________________________________________________________________

Iris Bouwers

Binnen het dagelijks bestuur van NAJK is Iris Bouwers (25) verantwoordelijk voor de portefeuille internationaal. Iris combineert deze functie met haar studie agrarische bedrijfskunde en het werk op varkens- en akkerbouwbedrijf.

NAJK en Flynth verlengen samenwerking

Het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK) en Flynth hebben een nieuwe overeenkomst ondertekend waarmee Flynth en NAJK de samenwerking versterken. De partnerovereenkomst tussen NAJK en Flynth is op donderdag 18 april ondertekend door Andre Arfman, voorzitter van NAJK, en Bas Hidding, voorzitter raad van bestuur Flynth. NAJK is blij dat Flynth op deze wijze ervaring en kennis uitwisselt met jonge boeren en tuinders.

NAJK is de belangenbehartigingsvereniging voor jonge boeren en tuinders en vertegenwoordigt een enthousiaste en toegankelijke groep van 8.000 jonge agrarische ondernemers in Nederland. Flynth en NAJK werken al jaren samen om jonge agrarische ondernemers te ondersteunen in hun ambities. Ook de komende jaren zal visieontwikkeling en kennisdeling rondom agrarisch ondernemerschap centraal staan.

Ondersteuning jonge boeren en tuinders

NAJK sluit partnerovereenkomsten met de belangrijkste spelers uit de agrarische sector, zodat de leden van NAJK verrijkt worden met belangrijke kennis, ontwikkelingen en informatie uit de sector. “We zijn blij dat we aankomend jaar verder werken samen met Flynth. Flynth kent de sector goed en kan daarmee de jonge agrarisch ondernemers ondersteunen en de jonge boer en tuinder versterken. Het is van belang dat  jonge boeren en tuinders toegang hebben tot relevante kennis uit de agrarische sector: dit versterkt de toekomstbestendigheid van de sector”, aldus Andre Arfman, voorzitter NAJK.

Samen werken aan uitdagingen agrarische sector

Met de ondertekening van de partnerovereenkomst verbindt Flynth zich voor het komende jaar aan NAJK als partner van de jongerenvereniging. “Flynth zal in deze periode NAJK ondersteunen met kennis en kunde en bij de lobby rondom de invulling van het bedrijfsovernamefonds. Verder gaan wij speciaal voor de lokale AJK-afdelingen in het land bijeenkomsten organiseren en faciliteren. Deze lokale afdelingen kunnen hiervoor -naast de inbreng van onze kennis- een aparte vergoeding ontvangen. Zo willen we niet alleen op landelijk niveau, maar ook in de regio pal naast jonge boeren en tuinders staan”, aldus Bas Hidding.

Ons boerderijwinkel concept opnieuw vormgeven | De toekomst begint vandaag

Sinds mijn vorige blog hebben we niet stilgezeten. We zijn ondertussen alweer een paar gesprekken verder met de partij waar we voor gekozen hebben om mee verder te gaan.

We hebben dus met twee verschillende partijen een kennismakingsgesprek gehad, met daarop volgend twee verschillende voorstellen voor de toekomst van onze winkel. Uiteindelijk hebben we gekozen om met de partij in zee te gaan die meer ervaring heeft met boerderijwinkels. Al had de partij die zich vooral met de retail bezig houdt, ook interessante, vooruitstrevende inzichten. Toch hadden we een beter gevoel bij die eerste partij.

Tijdens ons tweede gesprek met deze partij, werden we vooral geprikkeld om goed na te denken wat we nu precies willen met onze winkel. Wat willen we met ons huidig assortiment en wat willen we graag nieuw introduceren. Daarbij is het ook belangrijk om onderscheid te maken tussen productgroepen. Niet elk product is even belangrijk. Waar gaan we de focus op leggen? Wat zijn nu onze sterke punten, en wat zijn onze zwakke punten. Wat willen we absoluut behouden in onze winkel. Voor het volgende gesprek kregen we huiswerk mee. Om onze ideeën beter uit te drukken, werd ons gevraagd om twee moodboards te maken. Wat vinden we belangrijk in onze nieuwe winkel, en wat willen we absoluut niet terug zien. In een derde gesprek hebben we onze moodboards uitgebreid behandeld en bediscussieerd.

Momenteel wachten we op de eerste schetsen voor de verbouwing naar aanleiding van de gesprekken die we gehad hebben. We zijn erg benieuwd wat hier uitkomt!

Joris van Lierop | De #toekomst begint vandaag

Mijn vraagstuk luidt als volgt: Is de huidige strategie toekomstbestendig of moeten wij zoeken naar nieuwe verdienmodellen? Hiervoor ben ik op zoek gegaan naar een begeleider die mij kan helpen om dit vraagstuk te beantwoorden. Na een korte zoektocht kwam ik uit bij het bedrijf Compassare van Hans Schoenmakers. Hans is gespecialiseerd in het begeleiden van ondernemers en het versterken van het ondernemersvermogen. Hierbij wordt rekening gehouden met de huidige situatie van zowel de ondernemer, als het bedrijf.

Eerste kennismaking
Om elkaar beter te leren kennen vindt er eerst een kennismakingsgesprek plaats. Tijdens dit gesprek vertel ik wat mijn vraagstuk is. Hierop kwam vooral de vraag naar boven, wat pas bij mij als ondernemer. Dit lijkt de juiste eerste stap om antwoord te krijgen op mijn vraag. Wie ben ik, wat zijn mijn sterke en wat zijn mijn zwakke punten, wat is mijn visie en waar wil ik als ondernemer naartoe. Hieruit is de volgende vraag naar voren gekomen: ben ik als ondernemer wel toekomstbestendig.

Na het eerste kennismakingsgesprek volgde het tweede gesprek. Tijdens dit gesprek zijn een aantal belangrijke thema’s binnen de agrarische sector besproken. Thema’s als maatschappelijk draagvlak, marktwerking en circulaire economieën. Dit was eigenlijk het begin van het traject. Hiermee beschreef ik mijn visie zonder dit direct in de gaten te hebben. Bij het ontwikkelen van deze visie moet natuurlijk rekening gehouden worden met de volgende drie onderdelen:

Het cijfer (de 20..) staat voor het jaartal waarin iets gerealiseerd moet worden.

Bepalen van visie
Om de visie te bepalen is eerst gekeken naar het verleden. Welke drijfveren hadden mijn ouders waaruit het huidige bedrijf is ontstaan. Het huidige bedrijf is namelijk een voormalig melkveebedrijf. Het was een relatief klein en intensief melkveebedrijf en was nauwelijks toekomstbestendig. Hierdoor gingen mijn ouders zoeken naar manieren om het bedrijf toekomstbestendig te maken. In 1993 besloten zij daarom om vleeskuikenouderdieren te gaan houden. In 1999 schakelde zij vervolgens om naar leghennen. In de jaren die hierop volgden hebben zij het bedrijf laten groeien tot het bedrijf wat het nu is. Een legpluimveebedrijf met ongeveer 160.000 leghennen.

De ondernemer

Wat voor een type ondernemer is er nodig om het huidige bedrijf toekomstbestendig te houden? Hiervoor is gebrainstormd over welke onderdelen hiervoor nodig zijn. De basis ligt natuurlijk bij een vakman die kennis heeft van zijn cijfers en van het verzorgen van zijn dieren. Maar een toekomstbestendige ondernemer is bovenal adaptief. Omgaan met een veranderende omgeving en antwoorden geven op vraagstukken die op dit moment actueel zijn.

Bedrijf

De volgende stap die is genomen, is inzoomen op het bedrijf. Wat zijn de sterke en minder sterke punten van het bedrijf en in welke richting wil het bedrijf zich bewegen. Hieruit kwam dat een van de belangrijkste krachten van het bedrijf de efficiëntie is. Veel scharrel- en vrij uitloop eieren produceren met een lage kostprijs…..

Hierop stelde Hans de vraag: zijn er nog dingen die je zou kunnen verbeteren op jullie bedrijf? Ja hoor, er zijn nog zeker dingen die ik zou willen verbeteren op het bedrijf. Kijk dan eens naar je hoofdvraag, moet je al verder kijken, of zou je juist het huidige bedrijf willen verbeteren? Mijn antwoord hierop is dat ik ervan overtuigd ben dat er op het huidige bedrijf nog dingen verbeterd kunnen worden waardoor wij nog efficiënter en duurzamer kunnen werken.

Familie

Omdat ons bedrijf een echt familiebedrijf is, worden alle veranderingen in het bedrijf besproken. Duidelijk communiceren en je wensen uitspreken staan hierbij centraal. Is dit voor iedereen duidelijk vroeg Hans mij toen? Staat iedereen erachter dat jij het bedrijf overneemt. En wat vinden de andere gegadigde, spelen zij ook nog een rol in de bedrijfsvoering en bedrijfsovername?

Deze thema’s zijn ondertussen goed besproken thuis. Iedereen heeft zijn wensen uitgesproken, waardoor iedereen gelukkig is met de gemaakte keuzes voor de toekomst.

Vervolg

Op dit moment zijn we aan het kijken wat de beste vervolgstap is. Er zijn namelijk twee manieren om het huidige bedrijf te verbeteren. De eerste optie is verduurzamen en de tweede optie is het huidige bedrijf nog efficiënter en beter laten draaien. De eerste plannen zijn gemaakt om op beide opties een antwoord te geven.

Zoek weg om toch boer te worden | De toekomst begint vandaag

Na jaren in een maatschap te hebben gezeten met een melkveehouder ben ik nu weer zzper en sta ik weer aan het begin van nieuwe keuzes. In het leven kun je veel keuzes maken. Graag zou ik toch weer boer worden maar gaat dit nog wel in Nederland en welke mogelijkheden zijn er dan? Of moet ik verder in het buitenland kijken?

Nu heb ik ook een jong gezin. Samen met mijn vrouw heb ik drie dochters. De oudste is 4 jaar, de middelste bijna 3 jaar en de jongste is net 1 geworden. Dit is dan ook een drukke tijd in ons leven. De eerste stap die ik heb genomen is dat we samen hebben gepraat met coach Dorine Zwaan. In het gesprek keken we eerst naar ons verleden. Wat hebben we meegemaakt, hoe heeft dat ons gevormd en welke positieve dingen kunnen we hieruit meenemen? We hebben gekeken naar onze sterke kanten en waar we deze weer kunnen inzetten.

We spraken ook over hoe we nu staan in het leven. We zijn weer terug bij af, maar met veel meer levenservaring. We wonen nu in mijn ouderlijk huis, omdat mijn ouders net verhuist waren, op het melkveebedrijf dat mijn broer met mijn ouders runt. Ik ben weer werkzaam als Zzp-er in het grondverzet. Maar wat vinden we nu belangrijk in ons leven? Dorine vroeg ons om eens op te schrijven wat ik en mijn vrouw nu belangrijk vonden in ons dagelijks leven. Zoals : werk, hobby’s, vrije tijd, sport en het gezinsleven.

Hoe kunnen we hierin onze tijd verdelen? Door dit aan elkaar bekend te maken weten we ook hoe we ons leven op elkaar kunnen afstemmen en zo elkaar beter kunnen helpen. Want eerst was de rolverdeling: ik deed buiten mijn werk op de boerderij en mijn vrouw zorgde voor de kinderen en het huishouden. Nu moeten we dit samen doen en werken we allebei buiten de deur. Dus daarin goede afspraken maken is heel belangrijk en handig om hiervoor een coach in te schakelen om hier meer inzicht in te krijgen.

En verder de toekomst?

Mijn broer wil thuis de boerderij overnemen. Dan is er de mogelijkheid dat ik samen met mijn vader een ander bedrijf ga starten. Hierin is het nog een hele zoek tocht.

We hebben een aantal bedrijven bekeken in de buurt die te koop staan maar dat is vaak erg prijzig. Daarnaast is het ook de vraag of ik mijn melk wel kan afzetten tegen een goede prijs en of ik me nog in moet kopen bij een melkfabriek. Dit is allemaal nog niet zo eenvoudig. Hiermee zijn we nog druk mee om alles  te bekijken.

We wachten  rustig af, tot er wat moois op ons pad komt.

Gemoedelijk en leerzaam | De toekomst begint vandaag

De eerste week van januari is het project “De toekomst begint vandaag” afgetrapt.  Zoals jullie misschien al weten luidt mijn hoofdvraag als volgt: Wat zijn de bedrijfskundige consequenties van het omschakelen naar biologische landbouw voor ons bedrijf?

Maar waar begin je? Als je Googelt op biologische landbouw krijg je een overmaat aan informatie en merk je al snel dat biologische landbouw geen kleine sector meer is.

Wat een geluk, drie weken na de aftrap van dit project vindt de jaarlijkse Bio-beurs plaats in Zwolle. Daar moet ik heen dacht ik toen. 22 januari ben ik dan ook vol verwachting richting Zwolle gegaan. Het was voor mijn een grote verrassing. De sfeer was geweldig, ik omschrijf het als: “Gemoedelijk met gepassioneerde mensen die vol enthousiasme werkzaam zijn in de hele biologische keten.” Verrassend is ook dat werkelijk heel de keten aanwezig is. Van mechanisatie, afnemers, fabrikanten, verwerkers, tot zelfs cosmetica aan toe.

Het was voor mij een innoverende dag waarbij ik veel indrukken en contacten heb opgedaan. Echter brengt dit nog geen brood op de plank en om die reden ben ik een week later samen met Sander Bernaerts aan de slag gegaan met het bedrijfsplan.

Waar zijn we mee gestart:

Het in kaart brengen van de huidige situatie, waarbij ik, als een gek, zoveel mogelijk gegevens bij elkaar heb gezocht. Ik heb zelfs mijn gewassaldo’s van de afgelopen vier jaar op papier gezet.  Stap twee was een toekomstige situatie schetsen waarbij het belangrijk was om een geschikt teeltplan te kiezen wat past bij ons type bedrijf en grondsoort.

Kortom we zijn druk bezig en ik hoop dat het eind resultaat mij iets op levert. Ik hou jullie op de hoogte.

Boer vond boer… en nu? | De toekomst begint vandaag

Ik ben Remco Kruitbos, 30 jaar, één van de winnaars van bedrijfsadvies van NAJK en Rabobank. Mijn ouders hebben geen boerderij, maar ik wilde altijd graag boer worden. Zomaar een bedrijf opstarten is niet te doen dus ging ik op zoek naar een boer die geen opvolger had.  Dat is gelukt: sinds  2017  zit ik in maatschap op een melkveebedrijf met circa 100 koeien en 50 ha grond in eigendom. De boer en boerin hebben drie kinderen, maar geen van hen wil het bedrijf overnemen. Het feit dat we geen familie zijn, maakt de overname erg lastig.

Mijn vraag is: is het financieel mogelijk/haalbaar om een melkveebedrijf over te nemen van mensen die geen familie zijn?

Voor zover ik weet, zijn er weinig (geslaagde) vergelijkbare gevallen. Ben of ken jij iemand waar een buitenfamiliaire overname wel gelukt is, meld je dan via AJK of Rabobank zodat we misschien wat van elkaar kunnen leren!

Zoeken naar een passend boerderijwinkel concept | De toekomst begint vandaag

Ondertussen is het alweer twee maanden geleden dat we de cheque in ontvangst hebben genomen tijdens de ‘kick off’ in de Rabobank in Woerden. Hier hebben we ook kennis gemaakt met de andere prijswinnaars. De afgelopen tijd hebben we ons georiënteerd op mogelijke partijen die ons passend advies kunnen geven over de winkel. Zoeken we iemand die vooral in de retailwereld zit? Zo iemand weet precies hoe het in de supermarkt werkt, en dus ook hoe we ons kunnen onderscheiden van de supermarkt. Of kunnen we ons beter laten adviseren door iemand die meer gespecialiseerd is in boerderijwinkels? Diegene heeft ook verstand van hoe we ons kunnen onderscheiden van supermarkten en weet bovendien beter wat er bij andere boerderijwinkels wel en niet werkt. Om te ervaren wat het beste bij ons past hebben we met twee verschillende partijen een oriënterend gesprek gehad. Dit waren al hele nuttige gesprekken waarbij we al goed geprikkeld werden om na te denken over de winkel. Hoe loopt de winkel nu, sterke/ zwakke punten, waar willen we naar toe, hoe willen we ons huidig assortiment aanpassen. Waar liggen kansen voor ons en het belangrijkste, wat past er bij ons. Ik wil de winkel graag eigen maken zodat ik elke dag met goede zin op sta en denk, yes! ik mag weer een dag in mijn winkel werken. Waar haal ik deze voldoening uit om de winkel leuk te houden voor de komende jaren en is dat concept ook toekomstbestendig voor de veranderende markt en de sterke concurrentie van de supermarkten? Wat is precies mijn droom?! Ideeën hebben we al wel volop, maar hoe gaan we die concreet uitvoeren. En hebben die ideeën voldoende potentie voor de toekomst in de Noordoostpolder? Fijn dat we hier professionele begeleiding in krijgen om van onze droom werkelijkheid te maken.

Lees meer over de toekomst begint vandaag en kom meer te weten over Linda en haar droom.

Handelsakkoord soja en droge zomers | CDG Akkerbouw Joline Brouwer

Het is alweer twee weken geleden dat ik CEJA mocht vertegenwoordigen bij de CDG Akkerbouw COP (Akkerbouw adviesgroep voor de Europese Commissie specifiek over granen, oliehoudende zaden en eiwithoudende gewassen).

Het was een boeiende bijeenkomst waar o.a. werd ingegaan op de marktsituatie van mais, soja en granen. Onderdeel hiervan was de relatie van Europa t.o.v. de wereldmarkt. Specifiek werd ook de huidige ontwikkelingen rondom het nieuwe handelsakkoord met de VS omtrent soja besproken. Klein uitstapje > Waarom is soja zo interessant?

Je ziet dat de (West)-Europese sojateelt groeit jaar op jaar, zowel in opbrengst per hectare als in areaal (Oekraïne 8ste op de wereldranglijst). Het saldo is bijvoorbeeld concurrerend met wintertarwe. Maar een feit blijft dat de EU jaarlijkse opbrengst van bijna 3 miljoen ton klein in vergelijking met de top tien van grootste sojaproducenten wereldwijd (Gemiddeld schommelt de prijs van sojaschroot tussen de 300 en 350 euro per ton, afhankelijk van de kwaliteit). De EU-lidstaten importeren jaarlijks ongeveer 14 miljoen ton soja, vooral bedoeld voor veevoer. Alom worden pogingen gedaan om de afhankelijkheid van geïmporteerde soja te verkleinen. Zelf soja telen en bevordering van de teelt van andere gewassen zoals lupine en koolzaad worden daarbij gezien als de oplossing. Ook insecten worden de laatste jaren vaak genoemd als alternatieve eiwitbron. Als je dan kijkt naar het aandeel dat zou moeten worden vervangen door lokaal geproduceerd eiwit, vergt dat een enorme uitbreiding van het areaal voor koolzaad en andere eiwitrijke gewassen. Uiteindelijk denk ik dat verbannen van Soja uit de VS een illusie is, maar wellicht ook niet noodzakelijk. Soja van eigen boden is niet per se duurzamer dan Soja uit de VS. Dit komt omdat Europese soja vaak van mindere kwaliteit is. Omgerekend is de uitstoot van CO2 ook aanzienlijk groter. De klimatologische omstandigheden die in Zuid en Noord Amerika gelden zijn gewoon beter dan in Europa, daarnaast zijn het teeltgebieden waar de beste en meeste duurzame soja wordt geteeld. Desondanks blijft het natuurlijk wel van belang om onderzoek en proeven te doen binnen de EU naar; de rendabiliteit van (eiwit)gewassen, (genetische) verbetering van gewassen en het ondersteunen van alternatieve eiwitten. Om zo nieuwe mogelijkheden te verkennen en te onderzoeken en uiteindelijk te komen tot nieuwe inzichten en innovaties.

In het tweede gedeelte van het programma was er ruimte voor het bespreken van: de compensatie die de EU heeft gegeven voor de droogte van afgelopen zomer en werd de situatie van veranderde regelgeving voor biologische landbouw en GMO besproken.Aan het eind van het programma was er ook nog ruimte om te discussiëren over de toegevoegde waarden en nut van CDG. Daar kwam enigszins uit dat het zeer goed is dat CDG groepen er zijn, maar dat er nog wel meer geluisterd kan worden door de Europese commissie naar deze groepen. Het zijn allemaal experts die aanwezig zijn tijdens deze bijeenkomst en waar dus ook veel van kan worden geleerd. Meer ruimte dus voor discussies in het programma zou noodzakelijk zijn.

In het algemeen is belangrijk dat deze groepen er zijn en dat CEJA dergelijke bijeenkomsten bijwoont, omdat CEJA de stem is van de volgende generatie Europese boeren. Het is belangrijk dat de stem wordt gehoord over de uitdagingen die jonge boeren ondergaan in: overnames, goede werk- en leefomstandigheden, vergrijzing, toegang tot land, bewerkings- en productierechten en versterking van onderwijs- en opleidingsfaciliteiten voor jongeren in plattelandsgebieden. Om dit te bereiken is je stem laten horen via een Europees platform van groot belang!

Joline Brouwer, CDG Akkerbouw

Een aantal NAJK leden nemen namens NAJK deel aan cdg’s, dit zijn de adviesgroepen van de Europese Commissie. Zij vertellen graag over hun ervaringen en over de onderwerpen die hier worden besproken. 

NAJK tevreden met richting nieuw pachtbeleid

Minister Schouten van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) schetste vandaag in een brief aan de Tweede Kamer de contouren van de pachtwetgeving. De minister wil een nieuwe vorm van langdurige pacht introduceren, kortdurende pachtcontracten ontmoedigen en goed bodembeleid bevorderen. NAJK is tevreden over de richting die minister Schouten gegeven heeft voor het nieuwe pachtbeleid. Wel benadrukt NAJK dat de contouren slechts een richting zijn en dat de verder uitwerking van cruciaal belang is.

De discussie rondom nieuw pachtbeleid is al jaren gaande en zat al jaren vast. Kortlopende pachten werden uitgegeven voor te hoge prijzen volgens de pachters, terwijl lang lopende pachten niet meer werden uitgegeven door te lage prijzen volgens de verpachters. Minister Schouten liet in augustus 2018 weten dat zij regie ging nemen op het pachtdossier omdat de stakeholders er zelf niet uitkwamen. Belangrijk uitgangspunt voor minister Schouten is dat het nieuwe pachtstelsel de positie van (jonge) boeren versterkt en de bodemkwaliteit bevordert. Een goed pachtbeleid nodig is voor het realiseren van de kringloopvisie en het ondersteunen van jonge boeren. NAJK is tevreden met de gegeven richting en dat bij deze richting specifiek benoemd wordt dat het jonge boeren zou moeten helpen. De voorwaarden die gesteld gaan worden in het nieuwe pachtbeleid  zijn bepalend voor het succesvol ondersteunen van jonge boeren en bedrijfsovername. De verdere uitwerking is dus bepalend.

Lang jarige pacht aantrekkelijker maken dan kort jarige pacht

Minister Schouten geeft in haar brief aan dat langjarige pacht aantrekkelijk moet zijn dan kort jarige pacht. Daarvoor wil zij de aanvangsprijs vrij(er) maken en kortdurige pacht ontmoedigen. In de Kamerbrief wordt nog niet duidelijk of deze vrij pachtprijs nog getoetst wordt of dat juist bij kortdurige pacht de prijs getoetst wordt of op een andere manier ontmoedigd word. Dagelijks bestuurder NAJK met het dossier pacht, Marije Klever: “Voor jonge boeren is deze pacht brief erg belangrijk, na overname is er meestal weinig geld over om te investeren in grond, pacht kan een manier zijn om toch het bedrijf te ontwikkelen, maar dan moet deze wel voor meer jaren zekerheid bieden. Stimulering in beleid helpt hierbij”. Ook geeft de minister in haar brief aan dat zij bestaande reguliere pacht ongemoeid wil laten. “Dit is voor de continuïteit van pachtbedrijven een ontzettende geruststelling, zij kunnen nu met vertrouwen naar de toekomst kijken.”, aldus Klever.

Bodem indicator

In de Kamerbrief wordt verder gesproken over het belonen van het verbeteren van de bodemkwaliteit. NAJK heeft nog enige sceptische over of het mogelijk is om de bodem met al haar complexheid te meten of te vangen in een kengetal. Klever: “NAJK vindt dat er opgepast moet worden het aanwijzen van een bodem indicator. De bodem is complex geheel waar we nog niet alles van begrijpen. Daarbij is de bodem ook lastig te meten. Twee plekken op hetzelfde perceel kunnen al een totaal andere bodemuitslag geven. De aandacht voor bodemkwaliteit is wel terecht, de bodem staat immers aan de basis van het agrarische bedrijf. De uitdaging is echter om hier in beleid een praktische invulling voor te vinden.”

De komende periode zal gewerkt worden aan de verdere uitwerking. NAJK is graag betrokken bij de invulling.