Brief aan Tweede Kamerleden: steun en versterk het Food & Feed Omnibuspakket voor verdere verduurzaming gewasbescherming

Op 12 mei debatteert de Tweede Kamer over het Food & Feed Omnibuspakket van de Europese Commissie. De voorstellen in dit pakket op het gebied van gewasbescherming zijn met name gericht op het versnellen van de verduurzaming in de land- en tuinbouw. In aanloop naar het debat hebben NAJK, LTO Nederland, Glastuinbouw Nederland, NFO, KAVB, BO Akkerbouw en NAV een brief gestuurd aan de Tweede Kamer. Daarin pleiten zij voor steun voor het pakket, gecombineerd met een gerichte inzet op verbetering van onderdelen van het voorstel.

Volgens de organisaties is een snellere beschikbaarheid van nieuwe gewasbeschermingsmiddelen noodzakelijk om de sector verder te verduurzamen. De voorstellen van de Europese Commissie zorgen ervoor dat met name groene, vaak minder belastende middelen sneller beschikbaar kunnen komen voor telers. Tegelijkertijd verwijzen de organisaties naar het advies van het Ctgb, dat aanvullende voorstellen doet voor hoe een risicogestuurde beoordeling kan bijdragen aan zowel versnelling van toelatingen als behoud van het beschermingsniveau. De Kamerleden worden opgeroepen om de voortgang van het omnibuspakket te steunen en het kabinet de ruimte te geven om zich in Brussel constructief in te zetten voor verdere verbetering van het voorstel.

Daarnaast benadrukken de organisaties dat bredere toegang tot groene middelen alleen niet voldoende is. Voor specifieke teelten en plagen blijven gerichte investeringen in onderzoek en ontwikkeling van alternatieven noodzakelijk. Er wordt onderstreept dat het Omnibuspakket juist cruciaal is voor het slagen van het aankomende convenant gewasbescherming: zonder snellere beschikbaarheid van effectieve en duurzame alternatieven ontbreekt het telers aan handelingsperspectief en zijn verdere verduurzamingsafspraken in de praktijk moeilijk uitvoerbaar.

Lees hier de volledige brief aan de Tweede Kamer

Niels Vermue benoemd tot nieuwe portefeuillehouder Internationaal bij NAJK

Tijdens de Algemene Ledenvergadering op donderdag 30 april is Niels Vermuë verkozen tot nieuwe portefeuillehouder Internationaal binnen het dagelijks bestuur van het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK). Hij treedt hiermee in de voetsporen van zijn voorganger Gerben Boom en zal zich richten op de internationale belangenbehartiging van jonge boeren en tuinders.

Niels is momenteel werkzaam in de internationale logistiek van pootgoed en vormt daarmee een belangrijke schakel tussen telers en afnemers wereldwijd. Vanuit deze rol heeft hij dagelijks te maken met internationale markten, exportstromen en de verschillende eisen die landen stellen aan agrarische producten. Daarnaast is hij actief betrokken bij de werkzaamheden op het vleesveebedrijf van zijn broer en ouders, in het Zeeuwse Ritthem. Hier houden ze zowel koeien als schapen en hebben ze oog voor natuurinclusief.

Verbinding tussen Brussel en het boerenerf

Binnen zijn portefeuille wil Niels de verbinding tussen Europese beleidsvorming en de praktijk op het boerenerf versterken. Volgens hem is het essentieel dat jonge boeren zich meer bewust worden van het belang van internationale besluitvorming: “Veel beleid dat invloed heeft op Nederlandse boeren wordt in Brussel bepaald. Als je echt impact wilt maken, moet je daar aan tafel zitten. Door vroeg in het proces mee te denken, kun je beter sturen dan achteraf bijsturen.”, aldus de nieuwe portefeuillehouder internationaal. Daarbij ligt zijn focus op het vergroten van kennis en betrokkenheid onder jonge boeren en tuinders, zodat zij beter begrijpen waar beleid vandaan komt en hoe zij hier invloed op kunnen uitoefenen.

Uitdagingen én kansen

De sector staat voor grote uitdagingen, maar volgens de nieuwe dagelijks bestuurder bij NAJK liggen daar ook juist kansen. “Door internationaal samen te werken en kennis uit te wisselen, kunnen we stappen zetten richting een sterke en toekomstbestendige landbouw.”

Stokje doorgeven

Met de benoeming van Niels Vermue draagt, de inmiddels NAJK-voorzitter, Gerben Boom definitief zijn internationale titel over. Sinds 2023 was hij hét gezicht van de Nederlandse jonge boeren in Brussel, maar na het klinken van de ‘voorzittershamer’ eerder deze maand, draagt hij nu vol vertrouwen zijn Brusselse taken over. NAJK heeft er vertrouwen in dat Niels de internationale positie van jonge boeren en tuinders verder zal versterken en wenst hem veel succes!

Bekijk hier de video waarin Niels zichzelf voorstelt.

Veel onrust over afwijzingen eco-regeling: dit kun je doen

De afwijzingen binnen de eco-regeling 2025 zorgen voor veel frustratie bij boeren en tuinders. Tijdens overleg tussen LVVN, RVO en sectorpartijen, waaronder NAJK, zijn deze signalen duidelijk afgegeven. NAJK zet zich in voor een zorgvuldige beoordeling en betere ondersteuning van jonge boeren en tuinders.

Nieuw controlesysteem onder druk

Sinds 2025 controleert RVO met het Areaal Monitoring Systeem (AMS), op basis van AI en satellietbeelden, onder andere groenbedekking, groene braak, bufferstroken en vanggewas. Dit heeft geleid tot veel afwijzingen. Waar voorheen op basis van een steekproef werd gecontroleerd, gebeurt dat nu 100%.

In de praktijk zijn er twijfels over de betrouwbaarheid van het systeem, onder andere door weersinvloeden waardoor gewas dood kan vriezen. Hierdoor kunnen maatregelen die wel volgens de regels zijn uitgevoerd, toch worden afgekeurd.

Hercontrole en casussen vanuit de sector

Er een herbeoordeling door menselijke controle, waarin medio juni uitsluitsel over wordt gegeven.  Tegelijkertijd leveren LTO, NAJK en VLB op korte termijn concrete casussen aan om te laten zien waar het systeem nog niet goed functioneert. Doel is om ondernemers waarvan de eco-regelingen mogelijk onterecht zijn afgekeurd alsnog te helpen.

Betere communicatie en duidelijkheid nodig

NAJK pleit voor duidelijke en tijdige communicatie vanuit RVO. Ondernemers moeten eerder een signaal krijgen bij een mogelijke afwijzing, zodat zij zelf bewijsmateriaal kunnen verzamelen.

Ook is er behoefte aan meer duidelijkheid over het gebruik van het overmachtsformulier en wat te doen bij een afwijzing. Daarnaast vraagt NAJK om direct inzicht in de gebruikte satellietbeelden bij een afwijzing.

Vertrouwen onder druk

NAJK is voorstander van eco-regeling. Tegelijkertijd ziet de organisatie dat het vertrouwen onder druk staat door de huidige gang van zaken. Dit kan leiden tot minder deelname, terwijl de regeling juist bedoeld is om duurzame keuzes in de landbouw te stimuleren.

Advies: kom in actie

Voor jonge boeren en tuinders met een afgekeurde eco-regeling die wel correct is uitgevoerd, is het belangrijk om bezwaar te maken en zoveel mogelijk bewijsmateriaal aan te leveren bij RVO.

NAJK blijft zich inzetten voor een eerlijke beoordeling en werkbare regeling, zodat jonge boeren en tuinders ook in de toekomst met vertrouwen gebruik kunnen blijven maken van de eco-regeling.

Nieuwe campagne voor melkveehouders: ‘Verlaag ruw eiwit, dat loont’

23 april 2026 – Het Convenant Verlagen ruw eiwit rantsoenen melkveebedrijven (Convenant Voerspoor) lanceert op 23 april de landelijke campagne ‘Verlaag ruw eiwit, dat loont’. De campagne laat zien wat melkveehouders en hun adviseurs samen kunnen doen om lagere mestafzetkosten en minder stikstofuitstoot  te bereiken.

Het convenant is een initiatief van organisaties voor de melkveehouderij, de zuivel- en diervoedersector en adviseurs en kennisinstellingen. Met de campagne biedt het melkveehouders perspectief voor een actueel probleem. Door het vervallen van de derogatie mogen melkveebedrijven minder mest uitrijden op eigen land. Het aandeel ruw eiwit verlagen in het rantsoen leidt tot een lagere stikstofconcentratie in de mest. Dat betekent minder mest afvoeren en lagere kosten. Sturen op ruw eiwit is daarmee één van de manieren waarmee een melkveehouder de bedrijfsresultaten kan optimaliseren en/of verbeteren.

Praktijk laat zien dat het kan

Het Convenant Voerspoor bouwt voort op kennis uit onder meer de praktijkpilot Koe en Eiwit (2022- 2026), uitgevoerd door Wageningen University & Research, waaraan 155 melkveehouders door heel Nederland deelnamen. De conclusie: een lager ruw eiwit in het rantsoen en dus een lagere stikstofemissie is mogelijk met behoud van melkproductie  en de gezondheid van de koe.

Met de campagne wil het Convenant Voerspoor vooral bedrijven bereiken die nog niet op ruw eiwitverlaging sturen. Daarbij is aandacht voor de diversiteit in grondsoorten in Nederland: bij bedrijven met overwegend gras in het rantsoen is het aandeel eiwit hoger dan bij bedrijven met meer maïs, maar ruw eiwitverlaging is ook daar mogelijk.

Stap voor stap

Het convenant werkt aan hulpmiddelen waarmee melkveehouders inzicht krijgen in wat een verlaging concreet oplevert op hun bedrijf en hoe zij daar stapsgewijs mee aan de slag kunnen. Denk aan rekenvoorbeelden, praktijkinformatie per bedrijfstype en ervaringen van collega-melkveehouders.

Een concreet startpunt is het gesprek met de voeradviseur, die gemiddeld elke vier tot acht weken bij het melkveebedrijf langsgaat en het rantsoen kan doorrekenen op ruw eiwit. Het convenant brengt daarvoor de kennis en hulpmiddelen bij elkaar.

Meer informatie

Het Convenant Voerspoor is een samenwerkingsverband van dertien partijen: LTO Nederland, Dutch Dairymen Board, Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt, De Natuurweide, Netwerk Grondig, ZuivelNL, Nederlandse Zuivel Organisatie, Nevedi, Boerenverstand, PPP-Agro Advies, Groeikracht,
VLB en Wageningen University & Research levert wetenschappelijke ondersteuning.

Meer achtergrondinformatie is te vinden in het convenant. Nevedi heeft onlangs een video gepubliceerd over het sturen op ruw eiwit. Daarin wordt toegelicht waarom het convenant van belang is en welke concrete rol voeradviseurs hebben bij het samen met melkveehouders sturen op het ruw eiwitgehalte in rantsoenen.

Proces convenanten gewasbescherming van start

Telers en ketenpartners in de plantaardige ketens onderschrijven de inzet van de coalitie om te komen tot convenanten gewasbescherming. Minder milieubelasting door inzet van gewasbeschermingsmiddelen moet daarbij hand in hand gaan met meer rechtszekerheid voor telers en met randvoorwaarden om gewassen gezond te houden. Dit stellen BO Akkerbouw, Greenports Nederland, LTO Nederland, KAVB, NFO, Biohuis, Glastuinbouw Nederland en NAJK in reactie op de Kamerbrief die staatssecretaris Silvio Erkens (LVVN) vandaag publiceerde.

Inzet plantaardige ketens

Telers en ketenpartners willen zich hard maken om met ‘weerbare teeltmethoden’ verdere stappen te zetten op het verlagen van de milieubelasting door het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen. Tegelijkertijd ervaren telers nu al dat het in praktijk steeds lastiger wordt om gewassen overeind te houden. Klimaatverandering leidt tot de introductie van nieuwe ziekten en plagen en het wordt moeilijker om bekende plagen te beheersen. Daarnaast vervalt de toelating van steeds meer gewasbeschermingsmiddelen. Terwijl de beschikbaarheid van nieuwe, groene alternatieven en de toepassing van innovatieve technieken en robotisering op zich laten wachten.

Randvoorwaarden

De convenanten zullen dus óók moeten gaan over randvoorwaarden die nodig zijn zodat telers en tuinders voldoende opbrengst van goede kwaliteit kunnen oogsten. Dat gaat enerzijds over middelen en maatregelen die het mogelijk maken om doelen te kunnen realiseren. En anderzijds over rechtszekerheid, over het versnellen van ICM (integrated crop management) en over de vraag hoe om te gaan met hogere oogstrisico’s.

“Telers willen hun verantwoordelijkheid nemen om de milieubelasting te verlagen, maar dat kan alleen als daar ook perspectief tegenover staat: rechtszekerheid, inzet van de hele keten en voldoende mogelijkheden om gezonde gewassen te blijven telen.” Aldus Hilde Coolman, portefeuillehouder akkerbouw

Achterban betrekken

De voorbije periode hebben BO Akkerbouw, Greenports Nederland, LTO Nederland en NAJK de inzet van telers en ketenpartners al verkend met betrokken partijen. Gedurende het traject zullen de organisaties voortdurend afstemmen met hun achterbannen en met andere relevante organisaties over de inhoudelijke uitwerking. De overheid streeft daarbij naar een convenant op hoofdlijnen (voor de zomer) en deelconvenanten per sector (na de zomer). Onze organisaties onderkennen dat deze naast ‘zoet’ ook ‘zuur’ zullen bevatten, waarbij voortdurend beoordeeld wordt of dit in een juiste balans is.

Zorgen

De inzet van de coalitie komt mede voort uit maatschappelijke zorgen over de impact van gewasbeschermingsmiddelen op gezondheid, natuur en waterkwaliteit. Onze organisaties onderkennen die zorgen. Tegelijkertijd zullen ook de zorgen van telers en plantaardige ketens in de convenanten aan de orde moeten komen.

Europese Commissie keurt Subsidieregeling extensivering melkveehouderij (Sem) goed

14 april 2026 – De Europese Commissie heeft de Subsidieregeling extensivering melkveehouderij (Sem) goedgekeurd. Dat is een belangrijke stap voor melkveehouders die op zoek zijn naar perspectief binnen de huidige opgave in de landbouw. Het ministerie van Landbouw, Voedselzekerheid, Visserij en Natuurbeheer (LVVN) heeft dit vandaag bekendgemaakt aan de Tweede Kamer. Binnenkort publiceert LVVN de regeling in de Staatscourant. De regeling wordt op 1 juni 2026 opengesteld. Voor de regeling stelt het ministerie van LVVN € 627 miljoen beschikbaar.

De Sem heeft als doel om de emissies van ammoniak en broeikasgassen te verminderen. Daarnaast zal de mestproductie afnemen, waardoor ook de druk op de mestmarkt naar verwachting zal afnemen. De regeling is specifiek voor melkveehouders die willen blijven melken, maar in de problemen zijn gekomen. Hiermee kunnen zij onder gunstige financiële voorwaarden toch investeren in hun bedrijf.

Toepassing van de Sem

De regeling is vrijwillig en tijdelijk van aard. Deze regeling biedt melkveehouders die klem zitten een concreet handelingsperspectief. Tegelijkertijd draagt de regeling bij aan het verlichten van de druk op de mestmarkt als geheel. We zijn blij dat de Europese Commissie nu goedkeuring heeft gegeven en kijken uit naar de openstelling.

De primaire melkveeorganisaties zien de regeling ook als een onderdeel van een breder pakket. Zo hebben de primaire melkveeorganisaties gepleit voor structurele vormen van derogatie, voor de invoering van een protocol voor gasvormige verliezen en is er een Convenant Verlagen ruw eiwit in rantsoenen melkveebedrijven (Voerspoor) gesloten. Ten slotte is inzet op RENURE eveneens een belangrijk spoor dat bijdraagt aan verlichting van de mestmarkt.

Voorwaarden

Melkveehouders die deelnemen aan de regeling extensiveren hun bedrijf gedurende een periode van drie jaar door minimaal 10% en maximaal 20% van hun melkvee af te bouwen. Daarvoor ontvangen zij een compensatie voor gemiste inkomsten en een vergoeding voor de fosfaatrechten die definitief worden doorgehaald. Na drie jaar is reguliere bedrijfsontwikkeling weer mogelijk en kunnen deelnemende melkveehouders ervoor kiezen hun veestapel weer te laten groeien, bijvoorbeeld naar het oorspronkelijke aantal melkkoeien.

Tegelijkertijd met de publicatie van de regeling in de Staatscourant publiceert de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) uitleg over de precieze voorwaarden en werking van de regeling op haar subsidiepagina, inclusief een rekentool. Ook komen er online vragenuurtjes om melkveehouders die interesse hebben goed in staat te stellen te onderzoeken of de regeling voor hen financieel aantrekkelijk is. Daarnaast informeert de RVO accountants over de regeling.

Hoogte subsidie

De subsidie wordt in jaarlijkse voorschotten uitbetaald gedurende de driejarige looptijd van de regeling en bestaat uit twee componenten. Ten eerste compensatie inkomensverlies van € 1.606,- per melkkoe per jaar. Ten tweede een vergoeding van € 110,- per fosfaatrecht voor 100% van de rechten. Dit in tegenstelling tot een marktpartij waarbij de verkopende partij 70% van de rechten kan verkopen. De totale vergoeding bij een gemiddelde melkproductie is dan € 9.757,- per melkkoe. Wij adviseren melkveehouders om dit met de accountant te bespreken en daarbij aandacht te hebben voor de fiscale kant.

Private ondersteuning

Naast de publieke regeling leveren ook banken een bijdrage. Afhankelijk van hun beleid bieden zij passende financierings- en investeringsmogelijkheden aan deelnemende melkveebedrijven. Daarbij wordt maatwerk toegepast, binnen de geldende bancaire kaders en mededingingsregels. Dit stelt melkveehouders in staat om hun bedrijf verder te ontwikkelen en gericht te investeren in een toekomstbestendige bedrijfsvoering.

De regeling is tot stand gekomen op initiatief van zeven primaire melkveeorganisaties. De organisaties hebben zich de afgelopen periode gezamenlijk ingezet om te komen tot een praktische en haalbare oplossing voor melkveehouders die vastlopen door de druk op de mestmarkt.

Rondetafelgesprek doelsturing

Afgelopen donderdag vond in de Tweede Kamer een rondetafelgesprek plaats over doelsturing in de landbouw. Tijdens deze bijeenkomst gingen verschillende organisaties en experts in gesprek met leden van de vaste Kamercommissie voor Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN). Het doel van het gesprek was om Kamerleden vanuit diverse perspectieven te informeren over de kansen, aandachtspunten en randvoorwaarden van doelsturing.

Namens NAJK was portefeuillehouder leefomgeving Merel Straathof aanwezig. Zij bracht het perspectief van jonge boeren en tuinders in en ging in op de praktische uitvoerbaarheid van doelsturing. Tijdens de bijeenkomst stond onder andere de vraag centraal: Hoe kunnen we doelsturing op bedrijfsniveau het beste invoeren?

Op 9 februari bracht NAJK haar visie op doelsturing uit. NAJK is een groot voorstander van doelsturing, mits deze op de juiste manier wordt ingevuld.

”Doelsturing kan een krachtige impuls geven aan een toekomstbestendige landbouwsector, waarin jonge boeren en tuinders ruimte krijgen om te ondernemen en te innoveren” stelt Merel Straathof

Ter voorbereiding op het rondetafelgesprek heeft NAJK een position paper opgesteld met haar standpunten. Bekijk hem hier.

Bekijk hier het rondetafelgesprek terug.

Gerben Boom nu officieel voorzitter van NAJK

Vanaf vandaag, 1 april 2026, neemt Gerben Boom het voorzitterschap van Roy Meijer over. Eerder, op 2 februari, werd al bekendgemaakt dat Gerben Boom (26) is verkozen tot nieuwe voorzitter van NAJK. Lees het bericht hier terug.

De afgelopen tijd reisde Gerben langs provinciale en lokale AJK’s, van Friesland tot Overijssel. De komende periode zet hij deze ronde voort. Tijdens deze bezoeken stelde hij zich voor, ging hij in gesprek met leden over actuele thema’s en haalde hij op wat er speelt binnen de achterban. Daarbij benoemde hij ook zijn prioriteiten voor zijn voorzitterschap:

  1. De vereniging –> Nóg meer laten zien wat voor mooie club NAJK is en dat ook gezamenlijk uitdragen
  2. Een sterk Nederlands verhaal richting Europa –> Een duidelijke oplossingsrichting vanuit Nederland waarmee we in Brussel kunnen laten zien waar we aan gaan werken en wat we daarvoor nodig hebben
  3. (Glas)tuinbouw –> Extra aandacht voor de (glas)tuinbouw

Gerben Boom: “Ik wil Roy bedanken voor alles wat hij de afgelopen jaren voor de jonge boeren en tuinders in Nederland heeft gedaan. Hij laat een sterke vereniging achter waar ik met veel vertrouwen op mag voortbouwen.”

‘’Ik heb enorm veel zin om samen met het team aan de slag te gaan. De komende maanden zal er veel op ons afkomen, maar ik heb er alle vertrouwen in dat we samen blijven bouwen aan een sterke toekomst voor jonge boeren en tuinders in Nederland’’ Aldus Gerben Boom, NAJK-voorzitter

Tegelijkertijd draagt Roy Meijer het voorzitterschap over en blikt terug:

“Ik wil iedereen bedanken voor de fijne samenwerking. Van de ambtelijke organisatie tot de bestuurstafel en de directiekamer: we waren altijd welkom om onze oplossingen in te brengen. Daarnaast wil ik onze vereniging bedanken: een geweldig NAJK-bestuur en een topteam van portefeuillehouders die het zo lang met mij hebben volgehouden. NAJK is een prachtige club met visie en lef waar de buitenwereld nog veel meer van gaat zien in de toekomst.”, aldus vertrekkend voorzitter Roy Meijer

Het afscheid van Roy volgt op een later moment.

Fiscale onzekerheid legt gefaseerde bedrijfsovernames in de agrarische sector stil

NAJK heeft kennisgenomen van de Kamervragen omtrent de familie vrijstelling en is blij dat de politiek hier aandacht voor heeft. NAJK heeft grote zorgen over de uitvoering van de familie vrijstelling in de overdrachtsbelasting. Door een recent en strikt standpunt van de Belastingdienst dreigt de vrijstelling te worden teruggenomen zodra een jonge opvolger zijn onderneming inbrengt in een BV tijdens de gefaseerde overname. “Dit is onverteerbaar en zorgt voor financieel onbehapbare situaties voor jonge boeren in deze tijd” stelt Eise Tonnis de Vries, portefeuillehouder toekomstbestendig ondernermerschap

Twee keuzes, zelfde uitgangspunt  

De familievrijstelling is bedoeld om de overdracht van agrarische bedrijven binnen de familie te faciliteren. Sinds 2000 is wettelijk vastgelegd dat deze overdracht “al dan niet in fasen” mag plaatsvinden om aan te sluiten bij de agrarische realiteit. Echter, de Belastingdienst hanteert nu een strikte scheidslijn die jonge boeren hard raakt:
·        De BV na overname: Als een opvolger de onderneming inbrengt in een BV nadat de overdracht volledig is afgerond, blijft de vrijstelling behouden.
·        De BV tijdens overname: Gebeurt deze inbreng tijdens de gefaseerde overdracht, bijvoorbeeld om aansprakelijkheidsrisico’s te beperken bij groei, dan wordt de vrijstelling nu met terugwerkende kracht teruggenomen.
·        Zelfde resultaat, andere behandeling: In beide scenario’s zet de opvolger de onderneming volledig voort via een BV, maar de fiscale behandeling verschilt radicaal.

Rechtsonzekerheid door beperkte uitvoeringskracht

De Belastingdienst geeft aan dat zij voorheen niet op deze werkwijze controleerde vanwege een tekort aan personeel, maar dat zij nu met terugwerkende kracht aanslagen oplegt. Voor NAJK is dit onacceptabel. De vrijstelling is hiermee feitelijk een voorwaardelijke claim geworden met een onbepaalde termijn. Als gevolg hiervan kan zelfs een lange tijd na een bedrijfsovername nog een belastingaanslag op de deurmat vallen. Dit is een situatie die het ondernemerschap belemmert in plaats van stimuleert.

Oproep: Herstel het doel van de regeling op korte termijn

Gezien het feit dat belastingaanslagen op dit moment worden opgelegd is een verandering van standpunt op korte termijn noodzakelijk. NAJK roept de staatssecretaris van Financiën op om het standpunt dat is ingenomen op 5 november 2024 uit te breiden met het gegeven dat; inbreng van een BV tijdens de gefaseerde overname ook voortzetting van de onderneming is. Hiermee wordt geborgd dat materieel gelijke situaties ook fiscaal gelijk worden behandeld. De focus moet liggen op de continuïteit van het gezinsbedrijf, niet op de juridische structuur waarin dit gebeurt. 
‘‘Bedrijfsoverdrachten in de agrarische sector zijn al erg uitdagend door de enorme kapitaalbehoefte. De overheid moet jonge boeren ondersteunen in hun ondernemerschap, niet opzadelen met onvoorspelbare belastingclaims die de toekomst van het bedrijf in gevaar brengen’’, aldus Eise Tonnis de Vries.

NAJK roept Taskforce op tot stevige regie en legalisering interimmers

De 12 provinciale stikstofdeelstaten worden niet gedwongen hun tempo aan te passen aan die van de Taskforce Landbouw, Natuur en Stikstof. Daarbij komt dat de legalisering van interimmers niet lijkt te behoren tot de prioriteiten voor de komende maanden van de taskforce. NAJK is dan ook allesbehalve tevreden over de prioritering van het kabinet in de vandaag gepubliceerde kamerbrief. In deze brief zet de Taskforce haar plannen tot aan de zomer uiteen. “Wel is het een goede zaak dat de Taskforce het gaspedaal flink intrapt. Daarnaast vinden we het positief dat de aanpak verder gaat dan alleen stikstof en bijvoorbeeld ook de toekomst van gewasbescherming betrekt.”, aldus voorzitter Roy Meijer.

Interimmers en provinciale versnippering

Interimmers komen niet terug in de brief. Volgens NAJK hoort legalisering van interimmers nadrukkelijk bij het takenpakket van de Taskforce en moet dit een prioriteit zijn voor de komende maanden. “Hier zien wij vrijwel niets van terug in de brief en dat is ronduit teleurstellend,” zegt Merel Straathof, portefeuillehouder Leefomgeving. “Interimmers hebben, net als PAS-melders, een vergunning nodig. Zonder vergunning krijgen zij geen financiering bij de bank. Daardoor vallen bedrijfsovernames stil en worden emissies niet gereduceerd.” Daarnaast maakt NAJK zich grote zorgen over het tempo en de samenhang van de stikstofaanpakken op provinciaal en rijksniveau. In de provincie Brabant moeten jonge veehouders bijvoorbeeld vóór 1 juli al een offerte ondertekenen voor forse investeringen om aan het provinciale stikstofbeleid te voldoen, terwijl het Rijk in diezelfde periode nog werkt aan de landelijke aanpak. “De terechte vraag die wij krijgen is: wie bepaalt hier het stikstofbeleid? Het kabinet of de provincies?” aldus Straathof.

NAJK roept de Taskforce met klem op deze punten op korte termijn te agenderen en snel te komen tot uitvoering van deze prioriteiten. NAJK bespreekt deze zorgen graag met de minister van LVVN en zal ze ook nadrukkelijk onder de aandacht brengen van de Tweede Kamer.

Maatschappelijke tafel

NAJK is gevraagd deel te nemen aan een brede maatschappelijke tafel met het kabinet. Aan deze tafel zitten onder meer landbouworganisaties, brancheorganisaties, het bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en ngo’s. NAJK is voornemens op deze uitnodiging in te gaan. “Jonge boeren en tuinders horen aan deze tafel thuis. Wij zijn de nieuwe generatie ondernemers en daarmee cruciaal voor gesprekken over de toekomst van onze sector en het platteland.”, aldus Meijer.