Belgische kilometerheffing voor landbouwvoertuigen

België voert op 1 april 2016 een kilometerheffing in voor vrachtverkeer. Alle vrachtwagens met een maximum toegelaten massa van meer dan 3,5 ton moeten vanaf dan op bepaalde wegen kilometerheffing gaan betalen.

Voor deze regeling zijn onder andere land-, tuin-, en bosbouwvoertuigen vrijgesteld. Voorwaarde is dat deze voertuigen uitsluitend op het land worden gebruikt en slechts incidenteel op de openbare weg komen. Buitenlandse (Nederlandse) landbouwers kunnen een vrijstelling voor de kilometerheffing aanvragen bij Viapass.

Lees meer

Rob Scholten Nationaal Kampioen Veebeoordelen 2015

Zaterdag 19 september vond het jaarlijkse NK Veebeoordelen plaats tijdens de open dag van de familie Sommers in Elsendorp. Tijdens deze open dag kwamen 64 afgevaardigde jonge koeienkenners uit alle provincies van Nederland bij elkaar om zwartbonte en roodbonte koeien te keuren op frame, type, uier, beenwerk en het algemeen voorkomen. Rob Scholten die deelnam namens Overijssel werd bekroond tot Nationaal Kampioen Veebeoordelen 2015, gevolgd door Jorien Vosman. Gerrit de Groot sluit de top drie af. Beste nieuwkomer is dit jaar Gido Groothuis.

Het NK Veebeoordelen wordt jaarlijks georganiseerd door het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK) en CRV Holding BV. Het NK Veebeoordelen doet elk jaar een andere provincie aan, dit jaar ging de eer naar provincie Brabant op het melkveebedrijf van de familie Sommers. In de maanden voorafgaand aan het NK hebben de 64 deelnemers zich weten te plaatsen via regionale en provinciale voorrondes.

De ochtendronde werd aan zowel de zwart- als roodbonte koeien besteed. De jonge koeienkenners kregen in de eerste ronde 25 minuten om vijf roodbonte koeien te keuren en vervolgens 25 minuten om het keurdersoog over vijf zwartbonte koeien te laten gaan. Uiteindelijk plaatsten 18 deelnemers zich voor de finaleronde.

De finaleronde bestond uit een keuring van vijf zwartbonte koeien en een mondelinge toelichting aan de jury. De jury werd vertegenwoordigd door Addy Moree en Gerrit van der Kolk. Kampioen Rob Scholten uit het Overijsselse Geesteren kreeg een 8,7 voor zijn mondeling. Door een sterke ochtendronde ging hij als Nationaal Kampioen Veebeoordelen 2015 naar huis. De tweede plaats was voor provinciegenoot Jorien Vosman uit Rijssen. Zij werd met een 9 beloond voor haar mondeling. Gerrit de Groot uit Herwijnen, nationaal kampioen van vorig jaar, ging met de derde prijs naar huis. Gido Groothuis was beste nieuwkomer en ontving de aanmoedigingsprijs.

Het NK Veebeoordelen is dit jaar goed bezocht door zowel jong als oud. Het kampioenschap in combinatie met de open dag van de familie Sommers in Elsendorp zorgde voor veel boeren en burgers rond de ring. NAJK kijkt samen met de organisatie en sponsoren terug op een geslaagd kampioenschap.

Uitslag: 1e: Rob Scholten (Geesteren, Overijssel) 2e: Jorien Vosman (Rijssen, Overijssel) 3e: Gerrit de Groot (Herwijnen, namens Zuid Holland) Beste nieuwkomer/aanmoedigingsprijs: Gido Groothuis (Doornspijk, Gelderland)
Klik hier voor de uitslag van de finaleronde.

“Bezuinigingen op groen onderwijs zijn zeer onverstandig”

Het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK) reageert fel op de voorgenomen bezuinigingen in het groene onderwijs. De bezuiniging is opgenomen in de begroting van het ministerie van Economische Zaken die gisteren tijdens Prinsjesdag werd gepresenteerd. Het groene onderwijs zal de komende tijd zo’n 100 miljoen euro moeten inleveren.

“Groen onderwijs van hoge kwaliteit, de begroting van het ministerie van Economische Zaken staat vol met deze zinsnede”, zegt Eric Pelleboer, voorzitter van NAJK. “Dit rijmt slecht met de voorgenomen enorme bezuinigingen.” Pelleboer vindt het voorstel onbegrijpelijk: “Nederland is absolute koploper in de agrarische sector, gidsland als het gaat om innovatie en efficiëntie in de food en agri. Tijdens de crisis van de afgelopen jaren was de landbouw de drijvende kracht achter onze economie. De Nederlandse overheid heeft altijd op de agrarische sector kunnen rekenen, dit besef ontbreekt. Onbegrijpelijk dat we besluiten om te bezuinigen. In plaats van minder moet er juist meer geld naar groen onderwijs. Ondernemen is topsport: wereldkampioen worden is moeilijk, kampioen blijven is echter nog veel moeilijker. Juist daarom moeten we extra investeren in de training.”

De agrarische sector in Nederland is sterk aan het vergrijzen. Minder dan 6% van de agrarische ondernemers is jonger dan 35 jaar. Meer dan 20% van de boeren en tuinders is ouder dan 65 jaar. Het grootste deel van hen heeft bovendien geen opvolger. “In plaats van te bezuinigen zou al onze tijd en energie besteed moeten worden aan het opleiden van de agrarische ondernemers van de toekomst, aan het wegnemen van obstakels rondom bedrijfsovernames en het behouden van onze positie als een van de belangrijkste exporteurs van agrarische producten ter wereld,” zegt Pelleboer. “Het is zeer onverstandig dat wij onze unieke positie op het spel zetten.”

NK Veebeoordelen op 19 september in Elsendorp

64 jonge koeienkenners keuren 15 koeien op nationaal kampioenschap

Op zaterdag 19 september is de open dag bij de familie Sommers in Elsendorp tevens het decor voor het Nationaal Kampioenschap Veebeoordelen 2015. De open dag is ter gelegenheid van de ingebruikname van de nieuwe melkveestal en biedt het NK Veebeoordelen een mooi podium. Het NK wordt georganiseerd door het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK) in samenwerking met CRV Holding BV. Tijdens het NK zullen 64 deelnemers uit heel Nederland tien zwartbonte en vijf roodbonte koeien beoordelen op hun uiterlijke kenmerken, zoals frame, type, uier, beenwerk en het algemeen voorkomen. Degene die dit volgens de jury het best kan, mag zich Nationaal Kampioen Veebeoordelen 2015 noemen.

Het NK Veebeoordelen doet elk jaar een andere provincie aan en dit jaar is gekozen voor de provincie Brabant op het melkveebedrijf van de familie Sommers. In de maanden voorafgaand aan het NK plaatsen 64 koeienkenners zich via regionale en provinciale voorrondes. Al deze jonge veebeoordelaars komen zaterdag 19 september bijeen in Elsendorp.

Op het melkveebedrijf van de familie Sommers komen 15 koeien te staan. In de ochtendronde beoordelen de deelnemers twee groepen van ieder vijf koeien. In de middag is de mondelinge ronde bepalend. Vanaf 15.30 uur staat de prijsuitreiking gepland. Nederlands Kampioen Veebeoordelen 2014, Gerrit de Groot uit Herwijnen (namens Zuid Holland), zal dit jaar zijn titel verdedigen.

De boer en de ambtenaar nemen opnieuw een kijkje in elkaars keuken

Op 30 september en 1 oktober 2015 vindt ook dit jaar weer tweemaal het ‘Dagje Praktijk’ plaats. Op deze dagen lopen ambtenaren van het ministerie van Economische Zaken een dag mee op agrarische ondernemingen van leden van het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK) . Het initiatief heeft het doel inzicht te creëren in elkaars vakgebied. De agrarische bedrijven zijn verspreid door heel Nederland en komen uit verschillende landbouwsectoren. De ambtenaren zullen tijdens dit bezoek aan de boerderij ervaren welke invloeden de regelgeving heeft op de bedrijfsvoering en productie in de agrarische sector.

De beleidsmedewerkers reizen in de vroege ochtend in tweetallen af naar het platteland, waar zij tijdens een rondleiding over het bedrijf van de jonge boer uitleg krijgen over de omvang van het bedrijf en de bedrijfsvoering. Na de rondleiding zullen de ambtenaren zelf werkzaamheden uitvoeren op het bedrijf.

De beleidsmedewerkers ervaren deze dag wat de praktische gevolgen van de wet- en regelgeving zijn op agrarische bedrijven. Door de informele gesprekken met de boer komt de ambtenaar te weten voor welke uitdagingen de agrarische ondernemer staat. Deze kennis en ervaring kan dienen als inspiratie voor de beleidsmedewerker tijdens het schrijven van beleidstukken. NAJK organiseert het ‘Dagje Praktijk’ in samenwerking met het ministerie van Economische Zaken omdat de organisaties het belangrijk vinden dat de beleidsmedewerkers van het ministerie van Economische Zaken een realistisch beeld krijgen van de werkelijkheid op een agrarisch bedrijf.

Op 6 oktober zijn de agrarische ondernemers welkom op het ministerie van Economische Zaken. Zij zullen daar een dag met de beleidsmedewerkers meelopen en ervaren wat het leven van een ambtenaar inhoudt. Op het ministerie zullen de agrariërs op een actieve manier een beeld krijgen van de realiteit van de werkzaamheden op een ministerie door te participeren in onder andere simulaties en discussies.

Aanmelden

Voor de uitvoering van het ‘Dagje Praktijk’ is NAJK op zoek naar enthousiaste jonge boeren en tuinders die de ambtenaren een dag willen meenemen in de werkzaamheden op hun bedrijf en ook bereid zijn om een dag met een beleidsmedewerker mee te lopen. Ben jij trots op je bedrijf en wil je dit graag laten zien? Ben jij nieuwsgierig naar het werkveld van een ambtenaar? Meld je dan aan via deze link. Ambtenaren kunnen zich via deze link aanmelden voor het ‘Dagje Praktijk 2015’.

Aanmeldformulier agrarische ondernemers
Aanmeldformulier beleidsmedewerkers

Evenementenhal en NAJK versterken samenwerking

Het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK) en Evenementenhal hebben een nieuwe overeenkomst ondertekend waarmee Evenementenhal en NAJK de samenwerking verder versterken. Op donderdag 10 september is het contract met een looptijd tot en met 2018 officieel ondertekend door Karin Nijboer (adviseur agrarisch team) en Eric Pelleboer (voorzitter NAJK).

Evenementenhal en NAJK werken al jarenlang samen op de agrarische beurzen in heel Nederland. De doelstelling van beide organisaties is de agrarische jongeren een interessant, informatief en aansprekend beursbezoek te bieden. Ook de komende jaren is NAJK op de agrarische beurzen van Evenementenhal aanwezig met een informatiestand.

“NAJK wilde graag deze succesvolle samenwerking met Evenementenhal voortzetten. De beurzen van Evenementenhal zijn een uitstekende gelegenheid voor jongeren om kennis te maken met de nieuwste producten en diensten, maar ook met elkaar”, aldus Eric Pelleboer. “Evenementenhal en NAJK bundelen de komende jaren de krachten om dit extra aansprekend te maken voor onze jongeren.”

Karin Nijboer van Evenementenhal is verheugd dat de samenwerking met NAJK wordt voortzet. “Door de samenwerking met NAJK creëren wij tijdens onze agrarische vakbeurzen een uniek podium voor de jonge en toekomstige agrariër!”

Nieuw bestuur CEJA verkozen

Op 8 september kwam de General Assembly (Algemene Ledenvergadering) van CEJA bijeen op de World Expo in Milaan om een nieuw bestuur te verkiezen. Vrijwel alle 32 lid-organisaties waren present. Alan Jagoe uit Ierland, tot 8 september vicevoorzitter van CEJA, werd verkozen tot de nieuwe voorzitter. Hij zal worden ondersteund door de nieuwe vicevoorzitters Alice Cerutti (Italië), Juha Tenho (Finland), Radek Nienartowicz (Polen) and Jannes Maes (België).

Alan Jagoe (30 jaar) heeft een bedrijf in Carrigaline in Ierland met melkvee, vleesvee en akkerbouw. Voordat hij vicevoorzitter werd bij CEJA was hij voorzitter van Macra na Feirme, de Ierse organisatie voor jonge boeren. Hij werd verkozen met een overgrote meerderheid, 106 van de in totaal 124 uitgebrachte stemmen. “Ik ben ontzettend trots om gekozen te zijn tot voorzitter van de hardwerkende jonge boeren die zich verenigd hebben in CEJA. Ik ga met volle overgave aan de slag om het goede werk dat verzet is door CEJA in de afgelopen jaren voort te zetten. We zullen ons focussen op de nieuwe hervorming van het GLB, waarvoor de eerste stappen alweer gezet zijn, en op andere ontwikkelingen die van belang zijn voor de Europese jonge boeren.”

JOLA – Jonge Landbouwersregeling

Deze zomer heeft het nieuws bol gestaan van de landbouwperikelen. Te weten de stakingen in Frankrijk, ontwikkelingen in de melkveehouderij en verslaglegging over de nijpende situatie in diverse agrarische sectoren in Nederland. Kortom, geen positief nieuws en het geeft aan dat er werkelijk wat aan de hand is.

Het is bekend dat de landbouw steeds verder vergrijst. Bijna 30% van de bedrijfshoofden is ouder dan 65 jaar. Toch zien we de laatste jaren een toenemende belangstelling van jongeren om het agrarisch bedrijf voort te zetten. Soms vraag je je af waarom ze het doen en voor wat voor uitdagingen komen ze te staan? De toekomst lijkt niet altijd even rooskleurig. De jonge boer zal zijn/haar draai aan het bedrijf moeten geven om het florerend te houden. Ondernemerschap en lange termijn denken worden steeds belangrijker. Ook al staat het bedrijf er van oudsher financieel sterk voor. Bovendien gaat er vaak een aanzienlijk deel van het vermogen naar de oude dag van de ouders en eventueel broer(s) of zus(sen).

NAJK ondersteunt jonge boeren in de stappen naar bedrijfsovername. Bijvoorbeeld via cursussen of trainingen. Maar ook onderstreept NAJK het belang van modernisering, met de tijd meegaan, en duurzaamheid als belangrijke aspecten om goed voorbereid te zijn op de toekomst. Daarbij horen vaak investeringen waarvan het nut zeker wel duidelijk is, maar in het bedrijfsovernameproces nog onderaan de prioriteitenlijst staan. Dit vanwege de op dat moment financieel toch al zware lasten.Na langdurig en intensief overleg tussen NAJK en alle provincies is nu bekend dat er vanaf november opnieuw ingetekend kan worden voor deelname aan de Jonge Landbouwersregeling. Er is nu een zeer brede lijst aan investeringsmogelijkheden opgesteld, gericht op alle agrarische sectoren en allen gericht op modernisering en duurzaamheid. Naar gelang het financiële aandeel van de bedrijfsovernemer in het bedrijf groter is, zal ook de toekenning groter zijn. Goede voorbeelden van wat er allemaal mogelijk is hebben te maken met GPS-technologie, waarmee stappen gezet kunnen worden naar een vorm van precisielandbouw.

In de veehouderij zijn de investeringsmogelijkheden onder andere gericht op dierwelzijn/stalklimaat. Maar ook investeringen die een positief effect op het milieu hebben worden gestimuleerd. Dit zijn zaken die voor de toekomst steeds belangrijker zullen worden. NAJK heeft bovendien duidelijk aangegeven dat gewone investeringen die bij een normale bedrijfsvoering horen, zoals een nieuwe trekker, duidelijk niet op de lijst thuishoren.Door middel van goed onderschap en het doen van de juiste investeringen, waar mogelijk financieel ondersteund, zouden we in staat moeten zijn om schommelingen in de markt op te vangen.

Doeko van ‘t Westeinde,
Dagelijks bestuur NAJK, portefeuille akkerbouw

Oud & Nieuw – Familie van den Manacker

Paul van de ManackerOnderhandelingen met de gemeente Noordoostpolder over een waterbergingsgebied op hun kavel maakte het voor de familie Van den Manacker mogelijk om uit te breiden in areaal. Deze uitbreiding gaf Paul van den Manacker (30) de mogelijkheid om gelijk na zijn studie Tuin- en akkerbouw op het ouderlijk bedrijf aan de slag te gaan. Samen met zijn ouders Jos (60) en Sjoerdje (60) teelt hij in het Flevolandse Bant op 66 hectare pootaardappelen, zaaiuien, witlof, suikerbieten en tarwe.

 

Pionier

Jos: “Mijn vader is als pionier uit Zeeuws-Vlaanderen naar de polder gekomen. Hij kreeg een pachtbedrijf toegewezen in Bant met 29 hectare. In 1978 heb ik het bedrijf van mijn vader overgenomen. We teelden destijds pootaardappelen, zaaiuien, tarwe en suikerbieten en hielden tien meststieren. De stieren waren niet mijn ding. Die heb ik vrij snel na de overname weggedaan.”

 

Waterbergingsgebied

Jos: “In 2006 kwam de gemeente met plannen voor de Wellerwaard, een waterbergingsgebied. Een deel van dit natuurgebied was ingetekend op onze kavel en kavels van onze buren. De gemeente deed ons een voorstel: verkopen óf doorboeren met compensatieland. Mijn passie ligt bij het akkerbouwbedrijf en Paul stond klaar als opvolger. De keus was snel gemaakt.”
Paul: “Door de plannen van de gemeente werden wij gecompenseerd met het pachtbedrijf van onze buren. Daarnaast konden we, los van de onderhandelingen met de gemeente, samen met een collega een liberale pachtkavel pachten voor vijf jaar. We schaalden op naar 80 hectare. Dat bood mij de kans om na mijn studie gelijk thuis aan het werk te gaan.”
Jos: “In 2010 hebben we ook de boerderij en het erf van onze buurman aangekocht. Door de veranderingen was het land dat om zijn erf al in ons beheer. Met deze koop hebben we extra bewaarruimte en hoeven we geen rekening te houden met overlast voor de bewoners in drukke tijden.”

 

Het bedrijf

Paul: “In 2010 ben ik in maatschap getreden met mijn ouders. De bedoeling is om aankomende jaren in maatschap te blijven, zodat ik vermogen kan opbouwen.”
Jos: “Ik hoop nog minimaal zeven jaar actief mee te draaien op het bedrijf.”
Paul: “De liberale pachtkavel is vorig jaar per inschrijving naar een hogere bieder gegaan. Op dit moment telen we op 66 hectare pootaardappelen, zaaiuien, witlof, suikerbieten en tarwe.”
Jos: “Daarnaast doen we werk voor derden. Zo sorteren we in de wintermaanden pootgoed, verhuren we ruimte in onze koelcellen en doen we in beperkte mate loonwerk.”
Paul: “In de toekomst wil ik de teelt van pootaardappelen uitbreiden. Het verwerven van grond in Flevoland voor een rendabele prijs is echter een moeilijke zaak. Er is op dit moment geen aanbod in grond. Verhuren levert meer op dan verkopen. Ik verwacht dat de grondmarkt weer aantrekt als de rente stijgt.”

 

In eigen beheer

Jos: “Alle werkzaamheden op het bedrijf doen wij in eigen beheer. Samen met collega’s hebben wij in het verleden zaai- en oogstmachines aangeschaft. Door samen te werken hebben we altijd genoeg arbeid en machines. Zo kunnen we het moment van oogsten zelf bepalen.”
Paul: “We doen al het onderhoud ook zelf. Ik vind het leuk om te werken aan onderhoud, ontwikkeling en constructie. Na mijn studie heb ik cursussen besturingstechniek en elektrotechniek gevolgd. De kennis van deze cursussen komt bij de machines van tegenwoordig goed van pas. Op die machines kan ik inloggen met mijn laptop om te zien waar de storingen zitten.”
Jos: “Ik ben niet meegegroeid in de elektrotechniek. Daarom houd ik mij bezig met onderhoud en werkzaamheden die niet computergestuurd werken. Ik ben bijvoorbeeld meer gericht op de teelt. Daarin heb ik veel ervaring, Paul heeft moderne kennis. We vullen elkaar goed aan.”

Oud: “De gemeente deed ons een voorstel: verkopen óf doorboeren met compensatieland”

 

Eigen bedrijf

Paul: “Naast de maatschap heb ik ook een eigen bedrijf. Hierin doe ik werk voor derden, zoals het ontwikkelen van besturingskasten. Aankomend jaar ga ik vanuit mijn eigen bedrijf 600 zonnepanelen exploiteren op onze schuur. Als ik deze investering vanuit de maatschap zou doen, dan moet ik nog meer vermogen opbouwen om het bedrijf over te nemen. Daarnaast kan ik met mijn eigen bedrijf de loze uren op het akkerbouwbedrijf invullen.”

 

Bemesting

Jos: “In het voorjaar stellen we samen met onze adviseur een bemestingsplan op. In het bemestingsplan staat per gewas en ras de behoefte aan mineralen.”
Paul: “Wij maken geen gebruik van rundveemest. Het is een hele mooie meststof, maar het is voor ons niet aantrekkelijk omdat het vanwege wetgeving voor 1 september op het land moet liggen. Dat halen wij niet met de oogst.”
Jos: “We rijden geen drijfmest uit in het voorjaar omdat het niet goed is voor de bodemverdichting. Na het ploegen willen we niet meer met zware machines over het land heen. Dat zien we in het groeiseizoen terug.”
Paul: “Vanwege de regelgeving zijn we overgestapt op compost. We rijden de compost zelf uit. Doordat we dit in eigen beheer doen, kunnen we het uitrijden op een voor ons geschikt moment en zijn we niet afhankelijk van de loonwerker.”
Jos: “Wij zijn bereid om het gesprek met veehouders aan te gaan over een eventuele samenwerking. Dan moet er wel een win-winsituatie zijn, bijvoorbeeld aardappelland ruilen voor grasland, om zo extra fosfaatruimte te creëren.”

Nieuw: “Het verwerven van grond in Flevoland voor een rendabele prijs is een moeilijke zaak”

 

Bedrijfsgegevens

Familie Van den Manacker
Bant
3 vennoten
66 hectare grond
Pootaardappelen, zaaiuien, witlof, suikerbieten en tarwe

Dit bericht is gepubliceerd in de BNDR van september 2015.

“Daar ben ik niet blij mee”

Extensieve melkveehouder Rona Uitentuis over de fosfaatrechten

 50 melkkoeien en 28 hectare land, het bedrijf van de familie Uitentuis in het Noord-Hollandse Middenbeemster is op het gebied van fosfaatrechten in balans. Toch moeten ook zij diep in de buidel tasten als ze in de toekomst meer koeien willen houden. “Dat is iets waar ik niet blij mee ben”, aldus Rona Uitentuis (31). Ondanks dat ze er niet blij mee is, ziet Uitentuis de fosfaatrechten als een vraagstuk waar ze liever zelf het antwoord op geeft. “We kunnen in onze sector naar elkaar blijven wijzen, maar het is beter om onze tijd te steken in het bedenken van een goede oplossing.” Samen met veehouders, bollenboeren en akkerbouwers onderzoekt de jonge melkveehouder de mogelijkheden voor samenwerking in de provincie Noord-Holland.

Tekst: Ellen van den Manacker

Tijdens haar studie politicologie kwam Rona erachter dat het ouderlijk melkveebedrijf voortzetten meer in haar straatje paste. Inmiddels zit ze in maatschap met haar ouders en broer. Naast het melken van vijftig koeien maakt de familie Uitentuis Messeklever, een kaassoort dat zijn oorsprong kent in Noord-Holland. Ook fungeert het bedrijf als dagbesteding en kunnen gasten een workshop kaasmaken volgen of kleiduivenschieten. “De koeien zijn en blijven de basis van ons bedrijf”, verzekert Rona.

“Daar ben ik niet blij mee”

Jarenlang was de vader van Rona in de veronderstelling dat hij geen opvolger had. De broer van Rona besloot vijf jaar geleden in de VOF te stappen. Rona volgde drie jaar later. “Daardoor is er beperkt grond aangekocht en geen nieuwe stal gebouwd”, vertelt de jonge ondernemer. Aankomend jaar wil de familie zich richten op het maken van plannen voor nieuwbouw. Met het neerzetten van een nieuwe stal wil Uitentuis gematigd groeien. “We hopen in de toekomst zestig koeien te melken met een melkrobot”, legt Rona uit. Ondanks dat de 28 hectare die om het bedrijf van Uitentuis ligt genoeg is om 60 koeien op te laten grazen, zal het familiebedrijf in de toekomst extra geld moeten neerleggen voor hoge grondprijzen en de aankoop van fosfaatrechten. “Daar ben ik niet blij mee”, zegt Uitentuis stellig. “Natuurlijk is het afwachten hoe de invulling van de fosfaatrechten zal zijn. Het lijkt erop dat wij als extensieve veehouder te maken krijgen met een generieke korting, afromen voor iedereen. Terwijl wij prima bezig zijn. Als extensief bedrijf zijn wij maatschappelijk gewenst. Het zou jammer zijn als jonge melkveehouders door de fosfaatrechten niet kunnen ontwikkelen”, zegt Uitentuis.

Focus op overschot

Geheel onverwachts kwamen de fosfaatrechten niet. Rona: “De overheid heeft tijdig aangegeven dat het fosfaatplafond bijna was overschreden en dat daar regels voor zouden komen. De discussie over die nieuwe regelgeving heeft lang geduurd. Het is goed dat er nu enigszins duidelijkheid is.” Uitentuis had liever gezien dat de overheid zich focuste op overschot in plaats van productie. “De overheid telt staarten en doet dit maal de gemiddelde uitstoot per koe. Ze kijken niet wat er van die uitstoot in de bodem overblijft”, zo geeft de bedrijfsopvolger aan. “Daarnaast vind ik het niet meenemen van mestverwerking in de regelgeving een gemiste kans. Mestverwerking is een goed alternatief voor de problematiek. Het bewijst dat er ook andere oplossingen zijn om hetzelfde probleem te tackelen”, aldus Uitentuis.

Hoge kosten

De melkveehouder vreest dat de fosfaatrechten een extra investering worden voor jonge boeren. “Door de bedrijfsovername zitten jonge ondernemers al diep in de schulden. Wij zitten niet te wachten op extra wetgeving die ons op nog hogere kosten jaagt”, aldus Rona. Tegelijkertijd bieden de fosfaatrechten ook de nodige uitdagingen voor jonge ondernemers. Uitentuis: “Hoe efficiënter melkveehouders te werk gaan, hoe meer ruimte ze hebben voor fosfaat.”

De KringloopWijzer

De boerderij van de familie Uitentuis heeft een fosfaatoverschot van 3 kilogram per hectare.. “We zijn zeer fosfaatefficiënt”, zegt Rona. “We proberen om aankomend jaar nog efficiënter te gaan werken. We zouden onze koeien op stal kunnen houden en ze maïs voeren, maar dat past niet bij ons.” Wel wil de familie meer aandacht besteden aan de KringloopWijzer. “De KringloopWijzer vraagt meer inzicht in de bodem. Bij melkveehouders lag de focus altijd bij de koeien, ik verwacht dat die focus de komende jaren meer richting de bodem gaat.”

Samenwerken

Rona vindt het interessant om verder te kijken dan het ouderlijk melkveebedrijf. Daarom is ze nu betrokken bij de opstart van een pilot. In een groep van melkveehouders, akkerbouwers, bollenboeren, een pluimveehouder, LTO-bestuurders en adviseurs wordt een innovatief plan bedacht voor de toekomstige fosfaatrechten. “We kunnen afwachten tot de regels zwart op wit staan, maar we kunnen als sector beter een eigen plan aandragen”, vertelt Rona. “In de pilot gaat het erom dat verschillende sectoren met elkaar gaan samenwerken, waardoor het fosfaatoverschot binnen de provincie en met elkaar wordt opgelost en de bodemvruchtbaarheid toeneemt”, zo legt Uitentuis uit. “Het is krom dat er in Noord-Holland aan de ene kant mest wordt binnengereden en aan de andere kant mest wordt weggebracht. Dat proces willen we als gebied tegen het licht houden en kijken waar we lijnen korter kunnen maken.”

Grondmarkt

Door de fosfaatrechten meent Rona dat melkveehouders hun land vasthouden. “De grondmarkt ligt op slot”, vertelt ze. “Akkerbouwers en bollenboeren willen graag in ons gebied telen, maar melkveehouders houden hun land vast. Samenwerken in de vorm van mest en wisselteelten is niet alleen een oplossing voor de fosfaatrechten, het is ook goed voor de bodemvruchtbaarheid.” In het najaar wordt de pilot aangeboden bij de gedeputeerde van provincie Noord-Holland. “De gedeputeerde heeft aangegeven hiervoor open te staan. Daarnaast hoop ik natuurlijk dat alle sectoren in de praktijk ook zo enthousiast zijn.”