Roy Meijer blikt terug op het bewogen jaar 2022

Op woensdag 4 januari was NAJK-voorzitter Roy Meijer te gast bij NPO Radio 1. Tijdens het ochtendprogramma blikte hij met Astrid Kersseboom terug op het jaar 2022 en keek voorzichtig vooruit naar de toekomst van de jonge boer en tuinder.

Zoals op veel gebieden was 2022 ook binnen de landbouwsector een jaar van uitersten: denk onder andere aan het veelbesproken stikstofkaartje, de boerenprotesten en het Rapport van Remkes. Het was op vele fronten een bewogen jaar en NAJK heeft dan ook zeker niet stil gezeten.

Benieuwd wat Roy Meijer er allemaal over te zeggen had? Luister hier het interview terug!

Roy is te horen van 37:27 – 47:18 min. 

Hilde Coolman nieuwe portefeuillehouder akkerbouw bij NAJK

Het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK) heeft een nieuwe portefeuillehouder akkerbouw. De 26-jarige Hilde Coolman is tijdens de algemene ledenvergadering op 22 december 2022 unaniem verkozen tot nieuwe dagelijks bestuurder van NAJK. Ze treedt hiermee in de voetsporen van Leendert Jan Onnes die deze rol vier jaar heeft vervuld.

Hilde is samen met haar vader, oom en neef werkzaam op hun akkerbouwbedrijf in het Noord-Groningse Oudeschip. Hier verbouwen ze op zo’n 150 hectare pootaardappelen, suikerbieten en granen. Naast deze werkzaamheden op de boerderij wil Hilde zich graag breder inzetten voor de sector en de toekomst van jonge boeren.

De nieuwe portefeuillehouder akkerbouw
Hilde rondde drie jaar geleden haar studie plantenwetenschappen af in Wageningen, waar ze zich heeft gespecialiseerd in het thema plantenziektes en aaltjes. “Er komt momenteel ontzettend veel op de sector af. Niet alleen binnen de veehouderij, maar ook zeker op het gebied van akkerbouw. Denk aan nieuwe regelgeving, een nieuwe invulling van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) en verschillende transitievraagstukken waar we op de korte termijn op moeten anticiperen”, zegt Hilde Coolman. Als nieuwe portefeuillehouder akkerbouw wil ze er graag voor zorgen dat de belangen van de jonge boer worden behartigd in al deze vraagstukken met aandacht voor het verdienvermogen.

Afscheid Leendert Jan Onnes
Met de benoeming van Hilde Coolman is Leendert Jan Onnes teruggetreden uit het dagelijks bestuur van NAJK. De Groningse akkerbouwer nam verschillende bestuurlijke taken voor zijn rekening en vertegenwoordigde de stem van de jonge akkerbouwers in Nederland. Het is nu tijd om zich meer op het thuisbedrijf te focussen. Vol vertrouwen geeft hij zijn bestuurlijke taken door aan Hilde, die het stokje van hem overneemt.

Benieuwd wat Hilde Coolman de leden van NAJK te bieden heeft? Bekijk hier de video waarin ze zichzelf voorstelt.

Leergang ‘Waardecreatie in Voedselketens’ als gezamenlijk initiatief vanuit de sector

NAJK, LTO, Albert Heijn, Royal Agrifirm Group, Royal A-ware, Plukon Food Group en Vion Food Group starten vanaf half januari gezamenlijk de leergang ‘Waardecreatie in Voedselketens’. Een breed gedragen initiatief met als doel alle betrokkenen in de keten dichter bij elkaar te brengen en de samenwerking tussen boeren, verwerkers, producenten en supermarkten verder te versterken.

Een transitie in de voedselketen is nodig om de uitdagingen als voedselveiligheid, klimaatverandering en dierenwelzijn, aan te pakken. Voor alle betrokken partners van de leergang reden om hun kennis over samenwerkingen naar een hoger niveau te tillen en hun opgedane kennis in eerdere integrale trajecten open te stellen voor iedereen.

Samenwerken in de keten
Deelnemers van de leergang komen van verschillende organisaties door de keten heen. Tijdens de opleiding krijgen zij theoretische en praktische kennis op het gebied van waardecreatie in de voedselketen. Door middel van deze leergang kunnen boeren, verwerkers, supermarkten en supermarktmedewerkers elkaar beter leren kennen en elkaars ‘taal leren spreken’. Het is de bedoeling dat je na het afronden van de leergang veel makkelijker binnen je eigen coöperatie met de supermarkt kunt nadenken over hoe je jouw product meerwaarde laat hebben in een schap of richting de horeca.

In januari van start
Wetenschappers, marktdeskundigen en managers uit de praktijk zullen de lessen gaan geven.  De opleiding start op 18 januari 2023 en heeft een doorlooptijd van een half jaar. Op termijn wordt gekeken naar de doorontwikkeling van modules gericht op Europees niveau.

Meer informatie over deze leergang is te vinden op www.leergangvoorwaardecreatieinvoedselketens.nl

Column | Brussel bestaat niet

Het moet van Brussel”, met deze boodschap komen Nederlandse politici regelmatig thuis na een bezoek aan de Belgische hoofdstad. Of het nu gaat om het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB), om de doelstellingen uit de Van-Boer-tot-Bordstrategie of vervelende passages uit handelsverdragen, bij moeilijk uit te leggen dossiers wordt gauw de ‘het moet van Brussel’-kaart getrokken.

Er wordt gedaan alsof we met handen en voeten gebonden zijn als het gaat om Brusselse regels. Maar wat is dit ‘Brussel’ nou eigenlijk? Worden hier ambtenaren van de Europese Commissie bedoeld, of misschien leden van het Europees Parlement? Er is namelijk nooit sprake van een ‘Brussels monster’, puur en alleen omdat besluiten altijd worden genomen door verschillende Europese instellingen. En in alle gevallen is het zo dat lidstaat Nederland invloed heeft op deze besluiten! Toch voelt het meestal niet zo.

De Europese Unie bestaat uit verschillende ‘instituties’. De belangrijkste drie zijn de Raad van de EU (de vakministers), het democratisch gekozen Europese Parlement en ten slotte de Europese Commissie, die wetgevende voorstellen doet. Deze drie instellingen kunnen alleen maar handelen op terreinen waar de lidstaten, dus ook Nederland, hen ooit toestemming voor hebben gegeven. Zo hebben de Europese instituties veel ruimte om beleid te maken op het gebied van landbouw en handel. Lidstaten zagen in dat het goed zou zijn voor economische welvaart en de Europese concurrentiepositie om samen productiestandaarden en kwaliteitseisen te stellen op deze terreinen. Op het gebied van onderwijs en gezondheidszorg hebben de Europese instituties echter nauwelijks invloed. Hier wilden de lidstaten het heft zelf in handen houden. De lidstaten van de EU hebben dus zelf bepaald op welke onderwerpen ’Brussel’ het voortouw mag nemen.

Daarnaast zijn er Nederlanders werkzaam in Brussel die meebepalen. In het Parlement zitten 29 Nederlandse Europarlementariërs, we hebben een Nederlandse Commissaris en er schuift altijd een Nederlandse minister aan bij de Raad van de EU. Het is dus een fabel dat vanuit ‘Brussel’ met vaste hand geregeerd wordt, zonder dat er ook maar een Nederlander er iets aan kan doen. Sterker nog, er zitten bijna altijd Nederlanders aan tafel op invloedrijke plekken. Maar, Nederland krijgt niet altijd haar zin!

Waar wordt samengewerkt, moeten immers compromissen gesloten worden. Als je met 27 lidstaten productieregels afspreekt dan moet er vaak voor iedereen wat water bij de wijn. Het is de rol van politici om zo’n Europees gesloten compromis thuis uit te leggen. En als Nederland zich na het maken van een afspraak hier niet aan houdt, is het de taak van de Europese Commissie om Nederland hierop te wijzen. Als de Commissie dit niet zou doen, dan zouden de gemaakte afspraken natuurlijk niks waard zijn.

Als een Nederlandse politicus zegt ‘Het moet van Brussel’ betekent dit dus eigenlijk: “De Europese Commissie wijst ons erop dat dat wij ons aan afspraken moeten houden die wij met de andere Europese lidstaten hebben gemaakt.” Als een politicus het niet meer met deze afspraken eens is, dan zou deze hier ook eerlijk over moeten zijn. Het is lastig om de bestaande afspraken en normen te veranderen, maar het is niet onmogelijk. De eerdere wijziging van de Europese vogelrichtlijn is hier een voorbeeld van. Maar, het aanpassen van bestaande afspraken moet natuurlijk wel van twee kanten komen. Als Nederland flexibiliteit eist op bepaalde terreinen, zoals landbouw, wordt er van Nederland verwacht ook flexibel te zijn naar anderen en dit lijkt soms moeilijk op te brengen.

Roepen dat iets moet van Brussel of van de Europese Commissie is daarmee eigenlijk een politiek en populistisch zwaktebod. Nederland is hoe dan ook betrokken geweest bij de totstandkoming van de Europese wetgeving. Het doorschuiven van de verantwoordelijkheid voor beleid in de schoenen van de Europese Commissie is onverantwoordelijk en doet onterecht afbreuk aan het Europese sentiment. Het is tijd voor een eerlijk verhaal, want ‘Brussel’ bestaat niet.

Als NAJK hebben we regelmatig contact met politici en ambtenaren in Brussel. Door ons netwerk verder uit te breiden en te verdiepen, slagen we er steeds beter in door (soms populistische) berichtgeving heen te prikken en kunnen we dit ook verifiëren. NAJK-bestuurders hebben contact met ambtenaren en politici bij alle Europese instellingen en onze club haalt deze mensen ook naar Nederland, om de praktijk te leren kennen. Brussel naar het boerenerf dus. Zo krijgen we steeds meer grip op wat er ‘moet van Brussel’. De komende jaren komt er ook vanuit Brussel weer nieuwe wetgeving aan, bijvoorbeeld op het gebied van natuur en gewasbescherming. Mocht lidstaat Nederland hier haar handtekening onder zetten, dan laten we ons als boeren in ieder geval niet meer wijsmaken dat het simpelweg ‘moet van Brussel’.

 

Peter Meedendorp

Binnen het dagelijks bestuur van NAJK vervult Peter Meedendorp de rol als portefeuillehouder internationaal. Samen met zijn ouders en broer is hij de trotse eigenaar van een akkerbouwbedrijf in het Oost-Groningse Onstwedde en binnen het bestuur wil hij Brussel spreekwoordelijk gezien graag dichter bij de Nederlandse boer brengen.

Jonge boeren naar European Young Farmer Congres

Afgelopen week is NAJK op uitnodiging van Europarlementariër Annie Schreijer-Pierik (CDA) op bezoek geweest in Brussel. De aanleiding van dit bezoek was het European Young Farmer Congres wat deze dag plaats vond. Een congres waarbij de rol van jonge boeren centraal staat. Jonge agrariërs vanuit de verschillende EU-lidstaten kwamen deze middag samen en deelden hun innovatieve ideeën aan de hand van een project.

Tijdens het congres werden innovatiekracht en de rol van jonge boeren in de voedselvoorziening uitgebreid toegelicht. Landbouwcommissaris Janusz Wojciechowski uitte zijn zorgen over de toenemende vergrijzing in de landbouw en dalende landbouwarealen.

Innovatieve projecten
Vanuit de verschillende lidstaten werden voorafgaand aan het congres innovatieve projecten ingediend die in Brussel werden toegelicht. NAJK promootte het BoerNatuurlijk!-project, waarin jonge agrariërs wegwijs worden gemaakt in natuurinclusieve landbouw. Er werden deze dag drie prijzen uitgereikt: ‘Best digital project’, ‘Most resilient project’ en ‘Best project on improving rural areas’.

In gesprek
Voorafgaand aan het congres gingen de jongeren in gesprek met Annie Schreijer-Pierik en haar collega’s. Ze namen de NAJK-leden mee in de gang van zaken op het Europees parlement en vertelden meer over de belangrijke thema’s die momenteel spelen in Brussel. Er werden ook zorgen geuit over een aantal van deze actuele thema’s, zoals de natuurherstelwet. Deze wet is een onderdeel van de Europese Green Deal waarin bindende doelstellingen staan voor natuurherstel die een grote impact hebben op de Nederlandse landbouwsector. Dagelijks bestuurder NAJK met de portefeuille internationaal, Peter Meedendorp, is samen met Groene Kring druk in gesprek om aan dit natuurbeleid een jonge boerentoets toe te voegen.

Al met al heeft het bezoek aan Brussel ervoor gezorgd dat de Europese politiek dichter bij de jonge boeren is komen te staan en zij met elkaar een geslaagde dag hebben beleefd.

NAJK in gesprek over Green Deal met kabinetslid Timmermans

NAJK heeft op woensdag 7 december uitgebreid gesproken over de Green Deal met Lukas Visek, lid van het kabinet van Eurocommissaris Frans Timmersmans. De dag ging van start met een gesprek over de verschillende agrarische sectoren in Nederland. Daarna volgde een rondetafelgesprek over de uitdagingen en zorgen rondom de Green Deal waaraan zo’n 20 afgevaardigden van verschillende jongerenraden aansloten. Afsluitend volgde een gesprek over (waardecreatie in) ketens.

Eerder dit jaar heeft NAJK haar actieplan Green Deal gepresenteerd. Als vervolg daarop nodigde NAJK Lukas Visek uit om naar Nederland te komen en daar verder in gesprek te gaan over de Green Deal. Na instemming van Lukas Visek organiseerde NAJK een dagvullend programma.

Presentatie
De dag vond plaats bij Vereijken Kwekerijen in het Brabantse Beek en Donk. NAJK-lid Teun Vereijken vertelde over de kwekerij en gaf een rondleiding door de verpakkingshal. Daarbij is verder gesproken over energie, reductie van gewasbescherming en etikettering. Vervolgens gaven dagelijks bestuurders van NAJK presentaties over de verschillende agrarische sectoren, om zo de Nederlandse situatie goed onder de aandacht te brengen bij de Europese Commissie.

Rondetafelgesprek
In de middag was er een rondetafelgesprek over de Green Deal. Vertegenwoordigers van verschillende jongerenraden van coöperaties (ABZ De Samenwerking, Agrico, Agrifirm, Avebe,  Cosun, CRV, CZAV, CZ Rouveen, DOC Kaas, FrieslandCampina en Rabobank) en een aantal bestuurders van belangenverenigingen voor jonge boeren uit andere Europese landen gingen met Lukas Visek in gesprek aan de hand van een aantal stellingen. Zo werd er gesproken over consumentengedrag, markten, nieuwe verdienmodellen, reductie van gewasbescherming in relatie tot verminderde opbrengsten en natuurinclusiviteit. “Het was een waardevolle en soms heftige discussie. We hebben goed kunnen laten zien wat we willen en kunnen, maar ook waar onze zorgen liggen. Jonge boeren en tuinders willen graag stappen zetten, maar de grote vraag is wel: door wie worden de gevolgen betaald?”, aldus dagelijks bestuurder NAJK met de portefeuille internationaal, Peter Meedendorp. Ook werd er aan Lukas Visek een boekje aangeboden waarin alle jongerenraden hadden opgeschreven wat hun uitdagingen en zorgen voor de Green Deal zijn.

Ketens
Als laatste onderdeel van het programma werd er gesproken over waarde creëren in ketens. NAJK is al langer betrokken bij het project Waardecreatie in ketens (Wik), waarin verschillende partijen bij elkaar gebracht worden, om zo elkaars taal te gaan verstaan en om uiteindelijk met elkaar ketens te gaan bouwen. Een aantal vertegenwoordigers van Wik waren aanwezig en gaven een presentatie hoe de waardeketens gecreëerd kunnen worden en wat daarvoor nodig is van de overheid. Gezien een groot deel van de Nederlandse producten verkocht wordt op de Europese (interne) markt, was een belangrijke gespreksvraag hoe er waardeketens voor de Europese markt gecreëerd kunnen worden.

Meedendorp: “Met dit intensieve programma hebben we Lukas Visek goed de Nederlandse situatie kunnen laten zien en onze input kunnen geven. We kijken daarom terug op een geslaagde dag en zien uit naar het vervolg.”

Leerzame bijeenkomsten over het nieuwe GLB

Het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) verandert vanaf 2023 en dit brengt de nodige vragen met zich mee. Vorige maand deelden we al een aantal bijeenkomsten met jullie, maar het ministerie heeft hier weer een nieuwe datumreeks aan toegevoegd. Deze bijeenkomsten over het nieuwe GLB-NSP bieden praktische uitleg en de mogelijkheid tot het stellen van vragen. Op welke datum is er eentje bij jou in de buurt?

Het nieuwe GLB richt zich op de verdere verduurzaming van de landbouw. Als boer kun je bijvoorbeeld vergoed worden voor het uitvoeren van eco-activiteiten. Het GLB zal dus anders worden dan je nu gewend bent, maar welke kansen biedt het jou en je bedrijf? Tijdens een informatieavond vertellen beleidsadviseurs van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) meer over het nieuwe GLB.

Fysieke bijeenkomsten
In verschillende regio’s van Nederland worden bijeenkomsten georganiseerd over het nieuwe GLB. Hieronder de datums en locaties.

  • 8 december, Wieringerwerf
  • 12 december, Barneveld
  • 14 december, Sneek
  • 15 december, Drachten
  • 15 december, Zwolle
  • 19 december, Zuid-Beijerland

Je kunt je via dit aanmeldformulier inschrijven voor één van bovenstaande bijeenkomsten.

NAJK-voorzitter Roy Meijer over het landbouwakkoord

Maandag 5 december, beginnen de gesprekken over het Landbouwakkoord dat LNV-minister Piet Adema wil sluiten. NAJK-voorzitter Roy Meijer maakte voorafgaand aan de gesprekken over het akkoord in een interview met Foodlog duidelijk waar hij het over wil hebben. Geen detailgeneuzel, maar lange strategische lijnen vanuit een gezamenlijke visie en praktische antwoorden op een aantal cruciale vragen.

Op vrijdag 25 november kwam minister Piet Adema met zijn landbouwbrief, waarin hij  aankondigde te willen werken aan een landbouwakkoord. Namens de jonge boeren en tuinders is NAJK gevraagd om ook plaats te nemen aan de hoofdtafel. “Dat gaan we doen, maar we gaan niet muggenziften.”, aldus NAJK-voorzitter Roy Meijer.

Op welke cruciale vragen NAJK een antwoord verwacht tijdens de gesprekken, lees je in dit interview met Foodlog.

 

NAJK accepteert uitnodiging landbouwakkoord

Op donderdag 1 december heeft NAJK een uitnodiging ontvangen om deel te nemen aan de hoofdtafel van het landbouwakkoord. Gezien alle opgaves die op de sector afkomen, lijkt perspectief soms ver weg. Het landbouwakkoord gaat over de toekomst van de land- en tuinbouw en dus over ons: jonge boeren en tuinders. Daarom heeft het NAJK-bestuur besloten aan het landbouwakkoord deel te nemen.

Vorige week gaf minister Adema in een Kamerbrief verdere toelichting op het landbouwakkoord. Hij gaf daarin aan dat hij in het landbouwakkoord samen met relevante partijen wil werken aan een toekomstbestendige Nederlandse landbouw in 2040. Een landbouw die volgens hem van strategisch belang blijft voor Nederland, toonaangevend moet blijven en waarbij de boer aan het roer blijft staan.

Toekomst jonge boer en tuinder
“Er komt veel op de sector af. Dat maakt de jonge boer en tuinder soms moedeloos. Maar de grote droom van velen blijft toch om het agrarisch bedrijf over te nemen. Dit akkoord gaat over 2040, de toekomst van de jonge boer en tuinder. Daarom doen wij mee”, aldus NAJK-voorzitter Roy Meijer. “We moeten een gedeelde visie ontwikkelen die antwoord geeft op de kernvraag: wat is de functie en meerwaarde van onze land- en tuinbouw op wereldwijde, Europese, nationale en regionale schaal”. NAJK vindt het verdienvermogen van de boer een cruciale voorwaarde voor het akkoord. Daarnaast zal NAJK zich in het landbouwakkoord inzetten op: beschikbaarheid van grond, juridische zekerheid, ruimte voor verduurzaming en bedrijfsovername.

Benieuwd naar de reactie van  NAJK op de Kamerbrieven over stikstof, water en bodem en het Nationaal Programma Landelijk Gebied? Kijk hier.

Toekomst jonge boer en tuinder hangt af van uitwerking brieven

Afgelopen vrijdag, 25 november, zijn er vier brieven naar de Tweede Kamer gestuurd die samen een grote impact zullen hebben op de Nederlandse landbouw. Deze brieven hebben betrekking op de rol van water en bodem bij ruimtelijke ordening, de voortgang Nationaal Programma Landelijk Gebied, de integrale aanpak daarvan en de Porthos-uitspraak en het landbouwakkoord. De uitwerking van deze Kamerbrieven gaan bepalend worden voor de toekomst van jonge boeren en tuinders.

“Wat de verschillende doelen en invullingen betekenen voor de jonge boeren en tuinders wordt pas echt zichtbaar na de uitwerking van de inhoud van deze brieven”, zegt NAJK-voorzitter Roy Meijer. In het nieuws kwam vorige week al verschillende berichtgeving naar buiten over de brieven. NAJK heeft eerst een aantal dagen de tijd genomen om iedere Kamerbrief aandachtig te bestuderen en geeft op iedere brief haar reactie.

Bodem en water sturend
Minister Harbers van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (I&W) stuurde een brief met 33 structurerende keuzes om water en bodem leidend te maken in de ruimtelijke ordening van Nederland. Harbers’ brief is gericht op de omgang met water en bodem. Het weer wordt steeds extremer en het is belangrijk om voldoende en schoon (zoet)water te houden. Naast de keuzes voor water en bodem in het algemeen en de invloed op de gebouwde omgeving, gaat de Kamerbrief ook in op laagveengebieden, verziltende kustgebieden en hoge zandgronden. “Als landbouw merken we als eerste de invloed van de klimaatverandering. Daarom is het goed dat er gekeken wordt naar goed waterbeheer”, begint dagelijks bestuurder Ruben Klein Teeselink, “Echter staan er in deze brief een aantal ingrijpende keuzes voor de landbouw. De verhoging van het waterpeil in de laagveengebieden, zal de mogelijkheden voor landbouw in die gebieden sterk beperken. Ook het herstel van beekdalen op zandgronden en de beperking van grondwateronttrekkingen rond Natura 2000-gebieden zullen sterk beperkend uitpakken. NAJK vindt het belangrijk dat in die gebieden voldoende ruimte is om te bepalen wat realistisch is. Het kabinet lijkt hier ook ruimte voor te bieden.”

Voortgang Nationaal Programma Landelijk Gebied
Het Nationaal Programma Landelijk gebied (NPLG) is de invulling van de combinatie van de opgaves, zoals stikstof, die op de landbouw afkomen. Minister van der Wal stuurde afgelopen vrijdag een brief over de voortgang hiervan. Ze geeft hierin aan de lijn van Remkes over te nemen. Het stikstofdoel voor 2030 blijft staan, maar er komt in 2025 en 2028 een ijkmoment. Ook wordt in de brief aangegeven dat in december gestart wordt met een traject om de kritische depositiewaarde (KDW) te vervangen door de staat van instandhouding. Hiervoor moet een juridisch houdbaar systeem ontwikkeld worden. “NAJK hamert er al heel lang op dat de KDW uit de wet moet en vervangen moet worden door de staat van instandhouding. De overheid zet nu een eerste stap om hier echt werk van te maken. Als NAJK zullen we dit traject nauwlettend in de gaten houden, zodat er concrete vooruitgang wordt geboekt”, zegt Harold Overmars, portefeuillehouder leefomgeving.

Porthos
Minister van der Wal stuurde ook een Kamerbrief over de ‘voortgang integrale aanpak landelijk gebied en opvolging Porthos-uitspraak van de Raad van State’. Deze brief bevat veel verschillende onderwerpen. Er wordt onder andere in deze brief aangegeven dat de overheid zich maximaal wil inzetten om de schade te vergoeden die PAS-melders ondervinden door handhavingsverzoeken. De overheid richt hier een schadeloket voor in. “Dit is het minste wat de overheid voor de PAS-melders moet doen. Daarnaast moet de overheid zorgen dat PAS-melders net als interimmers zo snel mogelijk gelegaliseerd worden. Zonder een vergunning kan geen enkel bedrijf een financiering aanvragen, dat is voor jonge boeren en tuinders funest voor het doorontwikkelen van hun bedrijf”, aldus Roy Meijer.

Ook spreekt het kabinet zich uit over het inperken van de latente ruimte. “We hebben hard gelobbyd om geen generieke korting of intrekking van de latente ruimte te laten plaatsvinden. Ondernemers krijgen nu tenminste nog de kans om hun latente ruimte voor 1 januari 2024 nog in te vullen middels intern salderen.” Tegelijkertijd wordt dit bemoeilijkt door het nieuwe beleid omtrent de emissiearme stalsystemen. Daarvan zegt het kabinet dat er een extra passende beoordeling nodig is bij intern salderen, wanneer je dieraantallen toenemen. Dit baart NAJK grote zorgen. Wat betreft de 2000-3000 piekbelasters moeten alle wegen, naast vrijwillig stoppen, volgens NAJK zo snel mogelijk en heel goed worden uitgewerkt mét een bovenmatig goede vrijwillige stoppersregeling. NAJK is van mening dat verplichtend instrumentarium niet nodig en overbodig is. Roy Meijer: “Boeren moeten kunnen kiezen. Die keuzes moeten aantrekkelijk zijn, alleen dan komt er ook beweging.”

Kamerbrief Toekomst Landbouw
De laatste Kamerbrief is de Kamerbrief Toekomst Landbouw, welke werd verstuurd door LNV-minister Adema. Hierin is een verdere toelichting gegeven op de inhoud en het proces van het landbouwakkoord en de toekomst van de landbouw in het algemeen. Minister Adema heeft aangegeven dat hij samen met relevante partijen het toekomstperspectief, de keuzes die hiervoor nodig zijn en de benodigde ondersteuning wil vormgeven om te komen tot een toekomstbestendige Nederlandse landbouw in 2040. Een landbouw die volgens hem van strategisch belang blijft voor Nederland, toonaangevend moet blijven en waarbij de boer aan het roer blijft staan. Adema vindt het verdienvermogen van de boer een cruciale voorwaarde voor het laten slagen van het akkoord. Er komt een hoofdtafel met een aantal vertegenwoordigers van de agrarische sector, een vertegenwoordiger van de natuurorganisaties, de Rijksoverheid, een vertegenwoordiger van de medeoverheden en een vertegenwoordiger van bij de transitie betrokken ketenpartijen. Daarnaast komen er deeltafels waarin onderwerpen concreet worden uitgewerkt. Ook komt er een reflectietafel waarin wetenschappers reflecties geven op de inhoud van het akkoord. Het hele proces wordt begeleid door procesbegeleider Wouter de Jong.

De planning is dat in het eerste kwartaal van 2023 het landbouwakkoord gesloten moet zijn, zodat het ook invloed kan hebben op de uitwerking van het NPLG. Meijer: “Voor NAJK is het van groot belang dat het landbouwakkoord input gaat geven aan het NPLG. Dat zorgt dat de landbouw weer een plek en positie krijgt in plaats van het overgebleven plekje.” Zoals al eerder gemeld, zal NAJK, op uitnodiging, aan de hoofdtafel plaatsnemen. “Gezien alle opgaves, die ook nu weer op ons af komen, lijkt perspectief soms ver weg. Het landbouwakkoord gaat over de toekomst van de land- en tuinbouw en dus over ons: jonge boeren en tuinders. Wij zien ruimte om onze belangrijkste vijf punten: verdienvermogen, grond, juridische zekerheid, ruimte voor verduurzaming en bedrijfsovername, daar in te brengen”, aldus de NAJK-voorzitter.

Al met al komen er weer veel opgaves op de sector af. NAJK gelooft in het bestaansrecht van de land- en tuinbouw in Nederland. De contouren van de toekomst moeten in het landbouwakkoord concreet en duidelijk bekrachtigd worden door het kabinet. “Aan zweverige luchtballonnen hebben we niets. Die zullen leiden tot leegloop van de sector”, zegt Roy Meijer. NAJK wil ruimte voor jonge boeren en tuinders om in Nederland hun passie uit te blijven voeren. De overheid moet dit op alle mogelijke manieren ondersteunen.